Volledig scherm
Gewapend met stokken en paraplu's trekken zo'n honderd vrijwilligers zondag de bossen bij Austerlitz in. © anp

Zoektocht na tip paragnost strandt op amateurisme

In de bossen rond de Pyramide van Austerlitz vond gisteren opnieuw een zoektocht plaats naar de verdwenen Zeister broertjes Ruben en Julian. Tientallen vrijwilligers togen de bossen in na een aanwijzing van een paragnost. De tocht verliep chaotisch en bleef zonder resultaat.

De parkeerplaats bij de piramide tussen Zeist en Woudenberg stroomt al rond half elf vol met vrijwilligers met rugzakken, regenkleding, hesjes en stokken. Een enkeling heeft zijn hond meegenomen. Iedereen loopt op laarzen.

De stemming is ernstig; niet uitgelaten maar ook niet bedrukt. De mensen zijn blij dat ze iets kunnen doen. 'Beter dan je te verbijten voor de televisie,' roept een deelnemer vanonder een grote hoed. 'De kinderen moeten terugkomen,' zegt initiatiefnemer Evert de Jong uit Velp voor een televisiecamera.

Paragnost
Politieagenten en terreinopzichters houden zich op de achtergrond. Ze doen niet mee, maar willen wel in de buurt zijn, mócht er iets gevonden worden. Wie precies die paragnost is die de groep vrijwilligers op dit spoor heeft gezet, blijft een raadsel. Ook De Jong doet er het zwijgen toe. 'Zijn aanwijzing zou waardevol kunnen zijn,' is het enige dat hij erover zegt. Dat Austerlitz niet voorkomt op de door de politie vrijgegeven routekaart, doet hij schouderophalend af.

Tegen elven worden de ongeveer honderd vrijwilligers in het restaurant genood. De 'briefing' is uiterst summier. 'We maken een linie en als je denkt dat je wat hebt gevonden, roep ons dan,' zegt Evert, die gisteren het initiatief van de burgerzoektochten naar de jongens heeft overgenomen van 'ene Wanda'. En op een vraag uit het publiek wie ze moeten roepen: 'Oh ja, we heten Evert en Mark.'

Eenmaal in het bos blijkt het niet eenvoudig om de zoekers in het gareel te krijgen. Er wordt getornd aan de afstand van 10 meter tussen de zoekers. 'Dat is veel te veel,' zegt een vrouw met een blauwe paraplu. 'Zo zie je veel over het hoofd.' Bovendien lopen de mensen op de paden veel sneller dan de zoekers in het dichte struikgewas, waardoor de linie binnen enkele minuten openbreekt.

Binnen honderd meter moet de rij speurders al tweemaal opnieuw opgesteld worden. Daar komt nog bij dat de hele meute stil moet houden als iemand iets verdachts ziet. Met grote regelmaat wordt er 'stop' en 'Evert' geroepen, maar het is altijd maar de vraag of die signalen de uiteinden van de rijen ook bereiken. Zo kan het gebeuren dat een rij losgeslagen zoekenden een andere richting uit gaat en weer tot de orde moet worden geroepen.

Bladeren
'Heeft iemand dit al gezien?' roept een vrouw met een rugzak en een witte regenjas. Ze wijst op een hoop bladeren. Opnieuw galmt de naam van Evert door de gelederen en weer komt de expeditie hortend en stotend tot stilstand. Iemand pookt wat met een stok in de bladeren en er wordt een hond bij geroepen. Nadat die eerst een plas doet over de hoop begint hij te graven. Niemand heeft een schep bij zich om het af te maken.

Voordat de tocht verder kan gaan, moet iedereen weer uitgelijnd worden. Het honderdtal is nu al een halfuur op weg en nog maar amper uit het zicht van het restaurant bij de piramide. 'Nog maar 14 kilometer te gaan,' roept iemand, en dat is geen grap. Rond 14.00 uur twittert een volger van de actie vanuit het bos: 'OK we zijn verdwaald met de zoektocht.'