Volledig scherm
© Jan de Groen

'Die mensen laten verzuipen, dat is pas gek'

Mario van Parijs (33) maakte deze week bekend om met zijn museumschip De Castor Afrikaanse vluchtelingen op de Middellandse Zee te willen redden. Hij vertelt aan het AD hoe hij tot zijn besluit kwam. 'Ik heb een schip en zij hebben het nodig. Gek? Op de bank blijven zitten en die mensen laten verzuipen, dat is pas gek.'

Volledig scherm
Een boot van de Italiaanse marine vol met vluchtelingen. © anp

De Castor vormt een geliefd decor voor trouwreportages. Tussen de wolkenkrabbers op de Rotterdamse Wilhelminapier is de 50 jaar oude loodsboot in ruste een opvallende verschijning. Nog even, want de Castor verruilt de romantiek voor het wereldleed. Ze is nodig op de Middellandse Zee, waar Afrikaanse vluchtelingen op weg naar het beloofde land bij bosjes verdrinken.  

Het is een plan. Schipper Mario van Parijs is de eerste om een slag om de arm te houden. Maar wie iets wil doen, moet ergens beginnen. Hij heeft een zeeschip en daar hebben ze dat keihard nodig.  

Een mailtje van de Italiaanse kustwacht heeft hem dat nog eens duidelijk gemaakt. 'Ik heb ze gevraagd of ze me konden gebruiken.' Van de Italianen mocht de 33-jarige Rotterdammer meteen aan de slag. 'Zo'n reactie had ik ook niet verwacht, want autoriteiten zijn toch geneigd onder alle omstandigheden te zeggen dat ze alles onder controle hebben. Het water staat ze dus echt tot aan de lippen.'  

De Europese Unie en de Italië hebben het budget voor de noodhulp op zee ondertussen gehalveerd. Van Parijs maakt zich er boos over: 'Als de hoge heren het niet doen, moeten wij het maar zelf doen.' Gewoon beginnen en zien waar het eindigt, is zijn devies.  

Van sloopboot tot zeewaardig
De koop van de Castor was ook zo'n impulsieve actie. Ze was rijp voor de sloop. De laatste bewoners, zo'n veertig Polen, hadden de afgedankte loodsboot verlaten toen de toiletten tot de rand toe waren gevuld. Maar de 24-jarige student wilde een monumentaal schip en daar lag het voor een prikkie. 'Een bonk roest,' kijkt Van Parijs terug op 8 jaar restaureren. 'Nu zou ik er niet meer aan beginnen. Ik heb de energie er niet meer voor.' 

De Castor is zijn voltijdsbaan. Elke dag is hij nog bezig met opknappen. Met vaartochten en de verhuur voor bedrijfspresentaties en vergaderingen verdient hij z'n geld. 'En mijn vriendin heeft een goede baan. Dankzij haar kan ik blijven roken.'  

Op de bank van je mooie bootje
Hij had zich tot voor kort nooit kunnen voorstellen dat hij noodhulp gaat geven met zijn met bloed, zweet en tranen ('soms was ik de wanhoop nabij') opgeknapte monumentale schip. 'Ze was voor de show, maar hier op de bank van je mooie bootje blijven zitten kan toch niet? Die mensen laten verzuipen, dat is pas gek.' 

Op de 46 meter lange loodsboot, waar in de zeventiger jaren dertig man overnachtten, is plek voor tweehonderd vluchtelingen, heeft hij berekend: 'Maar als er driehonderd in het water liggen, moeten er driehonderd mee. We halen ze aan boord, geven ze wat te eten en medische verzorging en brengen ze aan de wal.' De Castor wordt geen 'veerboot voor illegalen', benadrukt Van Parijs. 'Het gaat om het oppikken van mensen die op zee proberen te overleven. Soms wagen ze de oversteek, drijvend op opgeblazen vuilniszakken.'

Op zoek naar een weldoener
750.000 euro wil de Rotterdammer hebben ingezameld voor hij afreist naar Malta. Dan kan hij 6 maanden varen. 4000 euro is er per dag nodig voor de brandstof, voor rijst en meel en medische hulpmiddelen. Hij heeft een mannetje of tien bereid gevonden mee te varen. Zijn vader Willem is AOW'er, maar de meesten zeggen hun baan op. Zo ook zijn vriendin Eelke. Voorlopig is het benodigde geld nog lang niet binnen. 'Ik hoop dat er een weldoener opstaat.'