Volledig scherm
Afval aan de straat zetten wordt fors duurder in Gestel. © Domien van der Meijden

Waarom toch dat ‘gejojo’ met de afvaltarieven in Sint-Michielsgestel?

ANALYSESINT-MICHIELSGESTEL - Waarom geeft de gemeente Sint-Michielsgestel eerst een paar jaar op rij elk huishouden vijftig euro terug van het afvalstoffentarief en gooit ze nu dat tarief ineens weer negentig euro omhoog? En kan dat ‘gejojo’ niet anders?

Een paar jaar op rij kon Sint-Michielsgestel een fijne boodschap voor haar inwoners de wereld insturen. ‘Elk huishouden krijgt vijftig euro terug’. Dat had onder meer te maken met de kosten van het inzamelen van afval. Die vielen mee, en dus bleef er geld over. Omdat een gemeente geen geld mag verdienen aan het systeem van afvalinzameling en -verwerking, ging dat geld terug naar alle huishoudens.

Nu de omgekeerde wereld

Maar nu is het de omgekeerde wereld. De inzamelaar verdient weinig aan het ophalen van platic, metaal en drankkartons (PMD). Die prijzen zijn gekelderd op de afzetmarkt. Bovendien zijn de inzamelkosten door allerlei oorzaken al flink gestegen. Ook de milieustraten zijn duurder geworden. 

Vlagheide kost nog steeds veel geld

Tel daar de oude vuilstort De Vlagheide bij op, die veel meer geld gaat kosten én het feit dat Gestel in 2018 en 2019 al een te laag tarief hanteerde. Dan snapt iedereen nu wel dat de stijging van het afvaltarief ineens fors omhoog moet.

Alle gemeenten hanteren bij het afval het principe ‘honderd procent dekkingsgraad’. Dat betekent in gewone mensentaal dat de inwoners samen voor alle kosten van het afval opdraaien. Alleen als je dat principe zou loslaten, zou je dus dat jojo-effect kunnen omzeilen. 

Misschien zoeken naar andere manier

Op zich zou dat veel beter zijn. Dan vraag je een iets hoger tarief dan wat de werkelijke kosten zijn en maak je een spaarpotje om tegenvallers in de toekomst daaruit te kunnen betalen. Maar zo zijn de wettelijke afspraken op dit moment niet. Misschien moet dat systeem via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) eens onder de loep genomen worden en veranderd. Zo kan Gestel op dit moment dus niets anders dan ineens negentig euro meer vragen voor het vastrecht.

Sneller acteren op tekorten kan ‘schokken’ in tarief voorkomen

Is Gestel iets te verwijten? Ja, dat wel. Sneller acteren als je ontdekt dat het afvalstoffentarief -vooral het vastrecht, maar ook de kosten van het elke keer aan de straat zetten van afval- niet in de pas loopt met de werkelijke kosten. Nu is dat twee jaar op rij blijven liggen. Want in 2018 kwam Gestel al geld tekort en in 2019 nog eens. Dat moet nu in één keer meegenomen worden in het hogere tarief van 2020. En dan kom je, met alle andere prijsverhogende factoren, uit op die forse verhoging van negentig euro.

Verhoging valt op verkeerd moment

En juist op dit moment komt zo’n forse verhoging van de tarieven voor afval helemaal niet best uit. Want Gestel staat, net als andere gemeenten, voor een flinke opdracht om het aantal kilo’s restafval per inwoner per jaar fors naar beneden te krijgen. Dat moet van nu nog dik boven de honderd kilo uiteindelijk naar vijf kilo dalen in 2030. 

Bijna onmogelijke opdracht

Dat vergt een flinke inspanning van inwoners, die veel beter moeten gaan scheiden aan de bron. En als dat samenvalt met forse tariefverhogingen, dan wordt elk huishouden dat juist goed scheidt, in ieder geval financieel niet beloond voor zijn of haar gedrag. Als die financiële prikkel ontbreekt, wordt dat nóg beter scheiden aan de bron een welhaast onmogelijke opdracht.