Volledig scherm

Paul Depla hoeft geen linten door te knippen

Er zijn ongeveer honderd redenen waarom ik nooit een politieke loopbaan heb geambieerd. Dat figuren als ik dan over je schrijven, is al best lastig. Maar meer moeite zou ik er mee hebben dat alles zo lang duurt. Je kunt een prachtig plan in gang zetten en dood en begraven zijn als het afgerond is.

Laten we dat laatste niet hopen voor de Bredase wethouder Paul de Beer, die deze week verzuchtte dat het ‘niet de beste dag van zijn leven was’ toen hij hoorde dat het Nieuwe Mark-project op zijn vroegst in 2026 is afgerond. Die eerste schop kan hij zelf nog wel in de grond zetten maar tegen de tijd dat er linten moeten worden geknipt, staat vast iemand anders met de schaar klaar.

Daar staat tegenover dat De Beer dan misschien wel ergens burgemeester is en zelf kan ‘shinen’ met een project waar hij amper iets voor heeft hoeven doen. Dat was bijvoorbeeld het geval met die andere Paul uit het Bredase stadsbestuur. Depla mocht in 2016 immers het station openen, terwijl hij toen koud een jaar burgemeester was.

Maar Depla had zelf een paar jaar eerder dan weer als burgemeester van Heerlen moeten aanschouwen hoe in Nijmegen een imposante nieuwe brug over de Waal werd geopend door anderen. Terwijl de komst van die brug - en van een compleet nieuwe wijk aan de rivier - door hem voor elkaar werden gebokst toen hij daar wethouder was.

Quote

Depla is nu ruim vier jaar bezig in Breda. Hij durft aan te pakken en te benoemen.

Paul Verlinden

Toen in 2015 bekend werd dat Depla burgemeester werd in Breda, werkte ik in Nijmegen. Ik was er gedetacheerd vanuit Breda en zat in het kantoor van De Gelderlander aan de Waal. Mijn Nijmeegse collega’s - net als ik best kritische journalisten - kwamen me feliciteren: ‘Die vent krijgt dingen voor elkaar. Al die kranen hier, die staan er dankzij Depla’.

Nu is het voor wethouders meer zichtbaar wat ze doen. Een burgemeester krijgt de waardering vaak later. Pas deze eeuw werd bijvoorbeeld duidelijk dat Ed Nijpels, toen hij begin jaren negentig burgemeester was, er voor gezorgd heeft dat Breda uit het gezapige provinciale moeras is getrokken. Grote ontwikkelingen als het Chassé Park en de rol van Breda als (hsl-)knooppunt begonnen onder hem.

Depla is nu ruim vier jaar bezig in Breda. Hij durft aan te pakken en te benoemen. Of het nu om rellende NAC-fans gaat of om drugscriminelen. Hij maakt zich hard voor een stad met rafelranden, een stad die de vernieuwing niet schuwt, die groen en internationaal wordt én waar je straks met staatswiet gerolde joints kunt roken. Ga zo door, Paul. Laat anderen straks de linten maar doorknippen.

In samenwerking met indebuurt Breda