Volledig scherm
PREMIUM
De jonge Boris Johnson (18) houdt de bal vast voor een partijtje Wall Game. © privé

Op Eton moest Boris van zich afbijten, grappig zijn: ‘Anders hield je je niet staande’

Met het premierschap van Boris Johnson woont er weer een ‘Etonian’ op Downing Street 10. De hardcore brexiteer ging naar dezelfde eliteschool als een trits welgestelde Britten en 19 van zijn voorgangers. De Nederlandse diplomatenzoon Maarten Beelaerts van Blokland zat er ook vijf jaar lang, nèt voor Johnson. ,,Iedereen ten oosten van Calais was een vreemdeling voor sommigen.”

De foto uit 1982 laat Boris Johnson zien zoals we hem kennen. Tikje clownesk. Met een flinke portie zelfspot. Kaarsrecht zit de 18-jarige Johnson op een bankje voor de beroemde Eton-muur, bal geklemd tussen hand en knie, quasi-serieus in de lens kijkend. Klaar voor de zogenoemde ‘Wall Game’. In alles straalt de jonge Boris uit: ik neem mezelf niet serieus, dit is slechts een act. Maar ondertussen wel willen winnen, ten koste van zo’n beetje alles. 

De parallel met zijn politieke carrière ligt voor de hand. De jolige Johnson – ooit columnist, later burgemeester van Londen – moest en zou premier van Groot-Brittannië worden. Vandaag is dat gelukt. Op zijn middelbare school Eton, op een uurtje rijden van Londen, werd een deel van het fundament gelegd, denkt Maarten Beelaerts van Blokland (61), een van de weinige Nederlanders die de eliteschool voor jongens de volle vijf jaar volgde. ,,Daar werd ons discipline bijgebracht, zelfvertrouwen, spreekvaardigheid. Maar ook engagement, bescheidenheid, goede manieren en zelfspot.”

Of het instituut Eton vandaag trots is op haar 20ste(!) premier is de vraag. ‘Etonians’ zijn volgens Beelaerts net zo verdeeld als het land zelf, zeker als het aankomt op een oorlogsdossier als brexit. ,,Het is ongeveer 50-50 merk ik bij de kennissen van toen. De helft zal ervan balen, net als ik. Volgens mij is Johnson opportunistisch, iemand zonder plan, warrig. Maar anderen zijn tevreden, zij staan voor het Britse Rijk, zijn fan van Churchill, ‘we doppen onze eigen boontjes hier wel’. Dat soort mensen loopt op Eton ook veel rond. Als Nederlander kreeg ik al te horen waar m’n klompen waren, en of ik tulpen at. Iedereen ten oosten van Calais was een vreemdeling voor deze groep.”