Volledig scherm
Bezoekers in het kunstmuseum in Bern, waar de collectie is te bewonderen. © AP

Roofkunst uit Tweede Wereldoorlog eindelijk voor publiek

De Duitser Cornelius Gurlitt erfde een berg grote kunstwerken die door de nazi's waren geroofd van Joodse verzamelaars. Vanaf morgen is een deel ervan voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog te bewonderen.

Volledig scherm
Hildebrand Gurlitt, de man die als kunsthandelaar voor Hitler werkte en de Gurlitt-collectie verzamelde. © EPA

De Duitse douane kwam de kunstverzameling in 2011 op het spoor door een routinecontrole in een internationale trein. Gurlitt viel op doordat hij tijdens de reis van Zwitserland naar zijn woonplaats München een grote stapel bankbiljetten bij zich had.

Bij een huiszoeking stuitten de ambtenaren op de sensationele voorraad kunst. Maar liefst 1.400 schilderijen van grootmeesters als Picasso, Klee, Monet, Cézanne, Renoir en Matisse bleken te zijn opgeborgen in zijn flat. De toen 80-jarige Gurlitt had de waardevolle doeken verstopt in zelfgetimmerde wandrekken in een verduisterde kamer.

De schilderijen, bij elkaar miljarden waard, werden meteen in beslag genomen. Vermoed werd namelijk dat een flink deel in de nazitijd was geroofd van Joodse verzamelaars.

Hitler

Aanvankelijk verzette Gurlitt zich tegen het afstaan van zijn dure collectie. ,,Er is niets in mijn leven waar ik meer van heb gehouden dan van mijn schilderijen", zei hij destijds. De schilderijen waren in de jaren '30 en '40 door Gurlitts vader Hildebrand, die als kunsthandelaar voor Hitler werkte, van Joodse verzamelaars afgenomen omdat de nazi's de kunst als 'verdorven' beschouwden. Gurlitt erfde de collectie van zijn vader, die hij een held noemde omdat de handelaar de kunst had behoed voor het oorlogsgeweld.

De autoriteiten hielden de vondst ruim een jaar geheim. Zij vermoedden dat een vroegtijdige bekendmaking zou leiden tot verhitte discussies en zelfs diplomatieke rellen over de eigendomsrechten van de schetsen, tekeningen, etsen en schilderijen. Maar vanwege het verstrijken van de verjaringstermijn van 30 jaar was het merendeel van de collectie het rechtmatige eigendom van Gurlitt.

Rechtmatige joodse eigenaar

Van slechts vijf werken kon de rechtmatige Joodse eigenaar worden vastgesteld. Het blijft onduidelijk welk deel van de collectie precies onder de noemer 'roofkunst' valt.

Voor zijn overlijden in 2014 besloot de Duitser om alle doeken te schenken aan het Kunstmuseum Bern. Daar zijn vanaf morgen 150 werken uit de veelbesproken collectie te bewonderen.