Volledig scherm
Oprichter van het museum Bob Griffioen geniet op 90-jarige leeftijd nog steeds van zijn museum. © Fred Leeflang

‘Anderen hebben ook mijn afwijking’

Ietwat verstopt tussen de gevels van de Koorn-markt in Delft bevindt zich museum De Griffioen met een enorme collectie medische instrumenten.

,,Ik had nooit verwacht dat mijn verzamelwoede tot dit museum zou leiden. Door alle vrijwilligers is het opengegaan als een bloem." Bob Griffioen (90) loopt glunderend tussen de vitrinekasten met daarin de medische instrumenten die artsen, tandartsen, verpleegkundigen en apothekers de afgelopen eeuwen in hun werk gebruikten.

Tientallen jaren geleden begon hij met het verzamelen van medische instrumenten. ,,Het is een afwijking van me. Ik vind het vreselijk als iemand wat weggooit. Als ik hoorde dat een apotheek zou sluiten, ging ik langs en nam ik de spullen mee die de eigenaar wilde weggooien. Ik kreeg ook wel eens een belletje van de kinderen van een overleden apotheker. Die zaten dan met allerlei instrumenten waarvan ze niet wisten wat ze ermee moesten. Zo heb ik aardig wat apparatuur behoed voor de vuilnisbak. Ook ging ik naar veilingen en markten. Vaak hadden de verkopers geen idee welke bijzondere medische instrumenten ze verkochten. Die spullen nam ik dan mee voor een habbekrats."

De verzameling microscopen verkreeg Griffioen vooral door naar veilingen in Engeland te gaan. ,,Ik heb aardig wat geld in mijn afwijking gestoken, maar ik had het er graag voor over."

Instrumenten

Langzaam maar zeker ontstond een enorme verzameling van medische instrumenten. In 1989 richtte hij zijn eigen museum op, eerst op nummer 64 aan de Koornmarkt, daarna op het huidige adres, één huis verder, in het gebouw van een voormalig consultatiebureau. ,,Ik wilde andere mensen leren hoe de zorg zich in de loop der eeuwen had ontwikkeld. Wat is er veranderd? Wat is de reden dat bepaalde medische handelingen werden verricht?”

Hij is blij dat steeds meer mensen het museum bezoeken. ,,De verzameling instrumenten vergroot het inzicht in de geschiedenis van de medische sector.”

Griffioen loopt langs een collectie schedels, flessen met foetussen op sterk water en een kinderskelet waarin alle organen zijn geprepareerd. Goedkeurend kijkt hij naar de instrumenten die vroeger werden gebruikt bij de geboorte van kinderen. ,,Nooit had ik verwacht dat het museum zo groot en uitgebreid kon worden. Ik heb altijd gedacht dat als ik dood zou gaan, het museum in elkaar zou donderen. Maar gelukkig zijn er mensen die dezelfde afwijking als ik hebben. De vrijwilligers hebben er echt een prachtig museum van gemaakt. Ik ben zo trots dat zij de schoonheid van deze instrumenten bewaren.”

Dof en donker

Het museum telt inmiddels zeventien vrijwilligers, zonder uitzondering mensen die vroeger als arts, tandarts, verpleegkundige of apotheker hebben gewerkt. Onke Tjiam, gepensioneerd dermatoloog, is één van hen. Hij loopt naar een vitrinekast waarin allerlei scharen, scharen en zagen liggen, waarvan het metaal door de eeuwen heen dof en donker van kleur is geworden. ,,Dit zijn de instrumenten die artsen op de slagvelden gebruikten, onder barbaarse omstandigheden en met heel veel stress. Met de tangen verwijderden ze kogels uit de lichaamsdelen van neergeschoten soldaten.” 

Hij wijst naar drie kogels in de vitrinekast, twee kegelvormig, eentje rond. ,,In het verleden waren die van lood, vrij zacht dus, en giftig. Soms was het voor de artsen moeilijk om zo’n kogel te verwijderen, bijvoorbeeld omdat hij vast zat in een bot. Dan gebruikten ze een kleine handboor, waarvan ze het uiteinde in de kogel draaiden."

Quote

Ja, het was aardig gruwelijk

Onke Tjiam, Gepensioneerd Dermatoloog

Hij pakt een soort satéprikker en wijst naar het uiteinde. ,,Kijk, hier zit het schroefdraad. Zo lukte het soms toch om de kogel uit het bot te trekken.” Vaak ging het echter mis. ,,Door infecties en bloedingen bijvoorbeeld."

Dan restte nog slechts een amputatie door de metalen zaag die het museum naast de tangen heeft gelegd. Ook een paar pollepelachtige instrumenten werden tijdens een amputatie gebruikt. ,,Ja, het was aardig gruwelijk”, erkent Tjiam.

Brandmerk

Hij vertelt dat dergelijke operaties op het slagveld zonder verdoving plaatsvonden. ,,Narcosemiddelen werden pas in 1846 ontdekt. Om de pijn van een operatie te temperen, werd de wond eerst gebrandmerkt."

Hij wijst naar een metalen steel met aan het uiteinde een klaverachtig uitsteeksel. ,,Dat uiteinde werd door de artsen in het vuur gestoken en daarna op de plek geduwd waar de kogel in het lichaam was gekomen." Een verre van ideaal verdovingsmiddel, erkent hij. ,,Zo'n soldaat liep daardoor wel derdegraads brandwonden op, wat ook bepaald niet bevorderlijk was voor het herstel."

Over alle instrumenten weet hij een mooi verhaal te vertellen, net zoals Marga Taal, apotheker en voorzitter van het museum. Ze staat stil bij de tabaksrookklister waarmee de artsen in het verleden schijndoden tot leven wekten, of beter gezegd: nagingen of een drenkeling dood was of slechts bewusteloos.

Drenkeling

,,Via de klister, die de vorm had van een pijp, bliezen ze tabaksrook in de anus van de drenkeling. De rook was dermate prikkelend dat een bewusteloos iemand weer bij bewustzijn kwam." Ze buigt zich vervolgens voorover naar een piskijker, een grote glazen bol met een langwerpig uiteinde. ,,Hierin werd de urine van een patiënt verzameld. Aan de kleur van de urine bepaalden de artsen wat een patiënt zou kunnen mankeren."

Het zijn deze verhalen die de betekenis en geschiedenis van de instrumenten tot leven brengen. De medische wereld blijkt dan soms bijzondere instrumenten te hebben voortgebracht. Taal wijst naar twee dildo's, die artsen gebruikten om hysterische vrouwen te genezen. De apparaten zien eruit als staafmixers met aan het einde een opmerkelijk grote ronde schijf van metaal die beangstigend snel beweegt als je aan het handvat draait. ,,Een wonderlijk instrument,' vindt ook Taal. ,,Het is een goed voorbeeld hoe de inzichten in de medische zorg de afgelopen eeuwen zijn veranderd."

Marga Taal is het meest trots op een eeuwenoude apothekerskast in de hal - hoe kan het anders. ,,We bewaren hier 800 grondstoffen waarmee vroeger medicijnen werden gemaakt, van lijnzaad uit 1716 tot eeuwenoude samengeklonterde resten halfverteerd en verteerd voedsel uit de maag van geiten. ,,Die maagstenen zouden een heilzame werking hebben tegen allerlei kwalen."

Tegenwoordig spelen die versteende voedselklonten geen rol meer in de geneeskunde, net zomin als de messen voor het aderlaten, die op de eerste etage ogen als kleine machetes, scherp, ietwat sinister. ,,Aderlaten was een zinloze medische handeling", merkt Tjiam op. ,,Maar het hoorde gewoon bij de geneeskunde van vroeger." Griffioen knikt goedkeurend. ,,Zie je, hier kun je met eigen ogen zien hoe de medische kennis de afgelopen eeuwen is veranderd en gegroeid.''

Volledig scherm
Vrijwilligers Onke Tjiam en Marga Taal met een verzameling oude pillendoosjes van het museum. © Fred Leeflang

In samenwerking met indebuurt Delft