Shao Fan, Rabbit Portrait_Yiwei 2, olieverf op doek, (2015). Privé-collectie Zwitserland
Volledig scherm
Shao Fan, Rabbit Portrait_Yiwei 2, olieverf op doek, (2015). Privé-collectie Zwitserland © Prive Collectie Zwitserland

Shao Fan: bij de konijnen af zo goed

DEN BOSCH - Shao Fan is een meester in de techniek van de klassieke inkttekening. In Het Noordbrabants Museum in Den Bosch heeft de Chinese kunstenaar zijn eerste solotentoonstelling in Nederland.

Zelf kon Shao Fan er niet bij zijn. De Chinese kunstenaar verlaat sowieso zijn woonplaats Beijing weinig en nu, met het rondwarende coronavirus, bleef hij beter thuis. In een videoboodschap, afgespeeld bij de opening van zijn eerste museale expositie in Nederland in Den Bosch, liet Fan weten dat hij er heel graag bij had willen zijn en dat hij het werk van Jeroen Bosch, Den Bosch meest beroemde inwoner, goed kent en waardeert.

Lucas De Man, de oud-stadskunstenaar van Den Bosch die de openingsbijeenkomst leidde, bracht voor het AVRO/TROS-programma Kunst­uur in 2018 een bezoek aan het atelier en huis van Fan in Beijing. Daar bleek al dat Fan (1964) een buitenbeentje was in de kunstenaarsgemeenschap van de Chinese hoofdstad. Waar veel collega’s van Fan zich laten beïnvloeden door westerse tradities en zich ook richten op een westerse markt, blijft Fan stoïcijns zichzelf. In zijn werk gaan eeuwenoude tradities hand in hand met een moderne beroepspraktijk.

In 2018 verscheen Fan op de radar van Het Noordbrabants Museum. Twee werken van hem waren opgenomen in de groepstentoonstelling met de collectie van China-verzamelaar en -kenner Uli Stigg. Een stoel met elementen uit de stijl van de Ming-periode was er een. Maar een op rijstpapier geschilderde inkttekening van een bijna twee meter groot konijn dat de bezoekers recht in de ogen kijkt, leverde de meeste oehs en aahs op. Genoeg redenen om het werk van Fan naar Den Bosch te halen, nu met nog veel meer konijnen.

Taoïstisch

Want hoewel hij ook meubels maakt en appels, adelaars, apen en tijgers schildert, is het konijn bij Fan het meest in het oog springend. Hij begon min of meer bij toeval met zijn konijnen. Een vriend wees hem erop dat zijn binnentuin goed geschikt was voor het houden van konijnen. Hij kreeg een paar en binnen de kortste keren had hij er tientallen. Fan raakte in de ban van het beest en besloot het te gaan schilderen. Door het dier net zo groot te maken als de mens en het menselijke trekjes mee te geven, wordt het gelijkwaardig en lijkt zelfs te fungeren als een soort spiegel. Daar zit een taoïstische gedachte achter. De natuur kent geen hiërarchie: het ene wezen is niet verheven boven het andere.

Daarnaast is er de fenomenale techniek waarmee Fan zijn konijnen maakt. Het meest indrukwekkend zijn op rijstpapier met inkt gemaakte portretten. Met een eindeloze concentratie zet Fan zijn penseelstreken waardoor zijn konijnen een pluizige dieptewerking krijgen. Steeds kijkt het konijn (of de haas, dat maakt bij hem weinig verschil) de toeschouwer frontaal aan met de oren de hoogte in priemend. Soms is er een decor: het konijn in een traditioneel Shan­shui landschap met watervallen en bergpaadjes, zittend op een ijsschots in een winters landschap. Het is werk dat met zijn vasthoudendheid in thematiek en consequentheid in aanpak past in de hedendaagse kunst. Soms doet het denken aan de rustgevende eenvoud in de stillevens van Morandi.

Culturele Revolutie

In een interview in de catalogus zegt Fan: ‘De westerse cultuur kan worden vergeleken met een aanhoudende regenbui waar men niet aan kan ontsnappen. Voor mij is de traditionele Chinese cultuur als het grondwater. Het bestaat beneden ons en wordt alleen zichtbaar door te graven. Want tijdens de decennia lange Culturele Revolutie is alles wat traditioneel is, vernietigd’.

Zelf maakte hij die periode aan den lijve mee. Hij groeide op bij zijn oma, die hem het kalligraferen bijbracht. Zijn ouders, docenten aan de kunstacademie, werden onder het Mao-bewind naar het platteland gestuurd om fysieke arbeid te verrichten. Ze werden in de jaren zeventig gerehabiliteerd, keerden terug naar Beijing en maakten propagandaschilderijen voor het communistische bewind. Toen Fan twintig was, leerden ze hem met olieverf werken.

Soms lijken er wel twee Fans aan het werk te zijn. De meubels die hij maakt, doen op het eerste gezicht niet erg hun best aan te knopen bij zijn schilderijen en tekeningen. De verbindende schakel hangt ook in Den Bosch: Ming Beard no 5 (2006), een slanke en eenvoudige constructie in sandelhout en vormgegeven als een penseelstreek. In de catalogus zegt Fan dat de penseelstreek en het schrijven het beginpunt van alles zijn. Ook zijn meubels vinden er hun oorsprong in.

Shao Fan: Between Truth and Illusion, Het Noordbrabants Museum, Den Bosch, t/m 14/6.

Shao Fan. Foto Shao Fan
Volledig scherm
Shao Fan. Foto Shao Fan © Shao Fan

In samenwerking met indebuurt Den Bosch