Officiële bekendmaking van de naam Amare met wethouders Robert van Asten en Boudewijn Revis.
Volledig scherm
Officiële bekendmaking van de naam Amare met wethouders Robert van Asten en Boudewijn Revis. © Daniella van Bergen


Den Haag steekt nog eens 15 miljoen in duur cultuurpaleis en zoekt naar nog meer geld

Den Haag steekt nog eens 15,6 miljoen in het nieuwe cultuurpaleis aan het Spuiplein. Daarmee werkt de gemeente de verwachte, verliesgevende bedrijfsvoering van Amare voor vijf jaar weg. Nog dit jaar gaat het stadsbestuur op zoek naar meer geld om het financiële gat ook daarna te kunnen dichten.

Eerder stak Den Haag al ruim 30 miljoen extra in het oorspronkelijk 177 miljoen euro kostende cultuurpaleis om geschillen met de bouwer van Amare op te lossen en extra wensen van de bespelers van het cultuurcomplex te kunnen vervullen.  

Het stadsbestuur springt nu weer bij omdat het Amare een financieel gezond en solide toekomst wenst en ook heeft beloofd, laat cultuurwethouder Robert van Asten van D66 weten. ,,Op deze manier houden we ons ook aan onze belofte.”

Meer cultuurgeld

De ruim 15 miljoen euro haalt Van Asten uit een deel van het beschikbare budget dat nog niet gebruikt was voor het toekomstige huis van het Residentie Orkest, het Nederlands Danstheater en het Koninklijk Conservatorium.  De 2,7 miljoen euro die over vijf jaar nog structureel nodig is, gaat in elk geval niet ten koste van andere culturele instellingen, belooft het stadsbestuur. Het Haagse cultuurbudget gaat straks dus met eenzelfde bedrag per jaar omhoog.

De wethouder vindt het niet extra lastig om meer geld in het cultuurpaleis te steken in tijden dat de financiën van de gemeente toch al zwaar onder druk staan door de coronacrisis. ,,Of je nu in economische hoogtijdagen of in zware tijden geld nodig hebt, het is altijd moeilijk om dat te regelen”, zegt hij. ,,Maar het stadsbestuur vindt dit enorm belangrijk.”

Middenmoot

De gemeente heeft een onderzoek laten doen naar de omzetcijfers en subsidiebedragen van vergelijkbare kunstcentra in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Eindhoven. Daaruit blijkt dat Den Haag zich met haar subsidies aan Amare ( en haar bespelers) in de middenmoot bevindt. ,,En wij hebben met  het Koninklijk Conservatorium ook nog een onderwijsinstelling in het gebouw”, stelt Van Asten. 

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag