Volledig scherm
Wethouder Louis Feber (volkshuisvesting) kijkt naar een schilderij van zichzelf. Hij kreeg dit in 1953. Links burgemeester Frans Schokking van Den Haag. © Stokvis, Haagsche Courant

Een aankoop voor een habbekrats

Het rapport van onderzoeker Robin te Slaa over Joods onroerend goed leidde in december 2016 direct tot heftige reacties. Hoe had de gemeente zich zo hard en kil kunnen opstellen na de oorlog? Joodse organisaties vroegen om een uitgave in boekvorm als 'waarschuwing voor toekomstige generaties'. Dat is vandaag verschenen.

Volledig scherm
De Gedempte Gracht in 1923, gezien vanuit de Wagenstraat. Hier woonden voor de oorlog veel Joden. © collectie Haags Gemeentearchief

Het boek Daar dit een immorele aanslag is reconstrueert wat er met Joods onroerend goed is gebeurd van 1940 tot 1955. Robin te Slaa raadpleegde hiervoor duizenden documenten, voor zover ze nog niet waren vernietigd. De doorgewinterde onderzoeker kreeg kippenvel toen hij las over de verordeningen van Duitsers tegen de Joden. ,,De grondigheid en systematiek waarmee tijdens de bezetting de roof van bezittingen van Joden plaatsvond is schokkend", concludeert hij. ,,Niet minder onthutsend is de schijn van legaliteit, waarmee de Duitse autoriteiten de ware aard van hun operaties trachtten te verhullen." Die manier van handelen zou de eigenaren na de oorlog parten spelen. 

De leegstaande huizen van gedeporteerde of ondergedoken Joden kwamen in beheer van organisaties als ANBO (Algemeen Nederlands Beheer van Onroerende Goederen) en CV Administratiekantoor Nobiscum. Zij probeerden de onroerende goederen door te verkopen. De opbrengst ging niet naar de Joodse eigenaren, maar verdween in hun zakken en de Duitse oorlogskas. 

De kantoren stonden onder leiding van NSB'ers en oplichters die het niet zo nauw namen met de boekhouding of het afdragen van belastingen. In totaal kwamen er 2623 geroofde Joodse percelen in Den Haag 'in beheer'. Uiteindelijk zijn er hier rond de 1100 'Jodenpanden' verkocht. De animo onder de Haagse bevolking was veel minder dan waar deze handelaren op rekenden. Er was een brede afkeer, ook onder makelaars, tegen handel in geroofd onroerend goed. Radio Oranje waarschuwde ervoor in uitzendingen vanuit Londen: ,,De bezetter is listig. Hij laat de bezetters zeggen koopt toch die Joodse eigendommen, daardoor verhindert ge dat ze in Duitse handen vallen." Verder speelden er pragmatische afwegingen mee. Wat moet je met een huis, waarvan de wettige eigenaren mogelijk weer terug komen? Zo'n woning is ook onverkoopbaar. Niemand wist toen nog van de gaskamers en de systematische vernietiging van de Joden.

Schade

Quote

De grondig­heid en systema­tiek waarmee tijdens de bezetting de roof van bezittin­gen van Joden plaatsvond is schokkend

Robin te Slaa

Toen Den Haag in 1945 dan echt bevrijd was, maakte het gemeentebestuur de balans op. De oorlogsschade was 120 miljoen gulden. Zeker 6 procent van de woningen was verloren gegaan door aanleg van de Atlantik-wall en bombardementen. Den Haag stond er financieel slecht voor, want in het laatste oorlogsjaar was er nauwelijks meer belasting geïnd. Het was dus tijd om de erfpacht en straatbelasting op te halen, ook bij de Joodse eigenaren van onroerend goed die de oorlog overleefd hadden of hun nabestaanden.  

De vooraanstaande Joodse jurist David Simons wilde die achterstallige erfpacht niet betalen en ging de strijd aan met Den Haag. Hij kreeg ongelijk van de Raad voor het Rechtsherstel, want in het Kadaster stond hij nog altijd als eigenaar en gold als 'genothebbende'. In de gemeenteraad maakte raadslid Wagenaar (CHU) het wel erg bont: ,,Als ik in de schoenen zou staan van de heer Simons, zou ik hebben gezegd ik ben zo ontzettend dankbaar dat ik het levend er afgebracht heb." En wethouder Feber voerde aan: ,,Het is niet aan dit college om voor Sint Nicolaas te spelen." De raad steunde de heffing (33 voor, 6 tegen). 

Ook de Joodse eigenaren die bezwaar maakten tegen de straatbelasting vingen bot. Onderduiker Jacques Levie schreef: ,,Daar dit een immorele aanslag is, vertrouw ik dat u mij de ontheffing zal verlenen van belasting die ik niet schuldig ben." De gemeente had de mogelijkheid om vrijstelling te verlenen, zoals ook de rijksoverheid deed ten aanzien van grondbelasting. ,,Maar het gemeentebestuur hield vast aan een strikte juridische en rigide interpretatie van regelgeving", concludeert Te Slaa. Ook Levie moest dus betalen.

Stadsvernieuwing

Volledig scherm
Burgemeester Krikke (r) onthulde in april een gevelsteen die herinnert aan de Joodse buurt in Transvaal. © Frank Jansen

Robin te Slaa onderzocht ook in hoeverre de lokale bestuurders in de oorlog gebruik hebben gemaakt van de 'mogelijkheden' die ontstonden door anti-semitische maatregelen voor eigen beleidsdoeleinden. Dat gebeurde inderdaad: Den Haag kocht geroofde huizen voor de stadsuitbreiding- en stadsvernieuwing. Die plannen lagen er al van voor de oorlog en de gemeente kon ze nu ook uitvoeren door vrij makkelijk huizen te verwerven. Zo kocht Den Haag maar liefst 94 panden aan de Nieuwe Haven, Turfmarkt en Spui voor sanering van de binnenstad. Verkoper Nobiscum ontving daarvoor 126.400 gulden. Een groot pand aan de Javastraat 32 wilde de gemeente voor de oorlog al in bezit krijgen voor de bouw van een nieuw raadhuis, maar kon het nu kopen voor 28.000 gulden.  

Heel schrijnend was de manier waarop Den Haag het voormalige Israëlisch Weeshuis Hulp voor Weezen aan de Pletterijstraat kreeg. Een nazi-instantie schonk het in april 1943 aan de gemeente. Het weeshuis was een maand daarvoor leeggehaald: vrijwel alle kinderen en personeelsleden waren afgevoerd naar Sobibor en daar vermoord. De gemeente loerde ook op de 360 woningen van de Joodse woningbouwvereniging Mischkenoth Israël in Laak en beet zich erin vast. Er was een uitgebreide correspondentie voor nodig om de Duitsers te overtuigen. De Joodse vereniging was immers al ontbonden. Maar de gemeente voerde aan dat er vooral niet-Joden in beide woningcomplexen van Mischkenoth Israël woonden en verder waren de huizen met vooral overheidsgeld gefinancierd. Inmiddels was de plaquette van Mischkenoth Israël al weggehakt. Het was een van de eerste daden van burgemeester Krikke om dit recht te zetten. Iedereen kan nu lezen wat het trieste lot is van de bewoners en hun vereniging. 

Het boek Daar dit een immorele aanslag is door Robin te Slaa (de Nieuwe Haagsche), 19,95 euro.

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag