Volledig scherm
Joost Gieskes tussen de kaalgevreten heesters in landgoed Clingendael © Frank jansen

Gieskes buigt niet voor vraatzuchtige motten: ‘Een buxushaag zien ze als lopend buffet’

Zo geliefd als de buxus is bij veel tuinliefhebbers, zo gehaat is de buxusmot. De rupsen van de mot beschouwen een haag van deze plant als een lopend buffet.

Joost Gieskes weet er alles van. De 80-jarige Hagenaar voelt zich als onbezoldigd adviseur op het landgoed in het Benoordenhout nauw betrokken bij de plotselinge teloorgang van sommige mede door hem liefdevol aangelegde tuinen in het 60 hectare grote park.

Met name de Hollandse Tuin en – even verderop – het rosarium bieden een troosteloze aanblik. Gieskes wijst op planten waar de rupsen zich tegoed aan hebben gedaan: ,,Die zijn dood. Daar is niks meer mee te beginnen. En voor de heesters die er nu nog wel goed uitzien, vrees ik ook het ergste. Want zodra die rupsen klaar zijn met een plant gaan ze een deurtje verder.’’

Verloren heersters

Het doet hem pijn, vooral ook omdat deze tuinen niet van vandaag of gisteren zijn. Ze kennen een lange historie. De Hollandse tuin bijvoorbeeld werd omstreeks 1925 aangelegd. Lang voordat de gemeente Den Haag het park aankocht van de erfgenamen van Marguerite Mary, ofwel freule Daisy, die een soortgelijke tuin in Engeland had gekopieerd.

Gieskes heeft zijn hoop gevestigd op een symposium dit najaar in kasteel Amerongen, bij Veenendaal. Daar wil hij uitpluizen of een rupswerende Japanse hulst de plaats van de verloren heesters kan innemen. Zo is nog onzeker of die plant ook op zandgrond kan aarden. Zeker is tot nu toe slechts dat de buxusmot voorlopig nog niet van Joost Gieskes af is.

Elke ochtend het nieuws uit Den Haag in je mailbox? Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag