Volledig scherm
PREMIUM
Kinderarts Alfred van Meurs is net met pensioen gegaan, maar het werk blijft kriebelen. Daarom gaat hij nu naar Malawi. ,,Want ik kan me niet voorstellen dat ik niets meer zou doen.'' © Frank Jansen

Hart gepensioneerde arts klopt nog hard voor zwakkeren van samenleving

InterviewDe Haagse kinderarts Alfred van Meurs (66) heeft in zijn 41-jarige loopbaan van alles voorbij zien komen: van infuuszakken aan bomen in de jungle tussen Thailand en Cambodja tot slapende nachtverpleegkundigen in Tanzania. Het hart van de arts, die net met pensioen is gegaan, gaat uit naar de zwakkeren in de samenleving.

Op zijn laatste officiële werkdag werd Van Meurs door vrienden en collega's in het zonnetje gezet met een symposium en een receptie. Sindsdien zat hij thuis. ,,Toch anders dan een 50-urige werkweek", zegt hij, onder het genot van een kop koffie op een zeldzaam rustig plekje in het Juliana Kinderziekenhuis (JKZ). ,,Dat was ik wel gewend geraakt. Het is niet dat ik met mijn duimen zit te draaien, maar het kriebelt toch een beetje.‘’

In plaats van rustig achterover te leunen gaat hij daarom naar Malawi. De oud-tropenarts ondersteunt twee maanden lang een Nederlandse collega in een kinderchirurgisch centrum in een van de armste landen ter wereld. ,,Ik kan me namelijk niet voorstellen dat ik helemaal niets meer doe, zolang ik dit werk kan doen en me goed voel.”

Van Meurs heeft het niet van een vreemde. Zijn vader voerde 50 jaar lang, tot zijn 88ste, een huisartsenpraktijk vanuit hun huis aan het Oranjeplein in Den Haag. Daar ontving hij in de jaren 60 vooral gastarbeiders uit de Schilderswijk. De kleine Van Meurs zag ze over de vloer komen en nam regelmatig de telefoon op om patiënten te woord te staan.

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag