Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, redden de twee Poolse broers Marcin (links) en Michal twee kinderen uit het brandende huis in de wijk Morgenstond
Volledig scherm
Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, redden de twee Poolse broers Marcin (links) en Michal twee kinderen uit het brandende huis in de wijk Morgenstond © AD

'Michal plukte jongetje als soort Spiderman uit de lucht'

InterviewNee, Michal en Marcin voelen zich geen helden. Toch hielpen de twee Poolse broers maandagavond met het redden van twee kinderen uit een brandend huis in de wijk Morgenstond. In totaal raakten elf mensen gewond, onder wie het getroffen gezin. Zes slachtoffers liggen nog in het ziekenhuis.

Quote

Toen we uit het raam keken, zagen we de enorme paniek op de gezichten van de buurtbewo­ners en begrepen we wat er echt aan de hand was

Michal

Het beloofde een rustige avond te worden voor Michal (30) en Marcin (27). De twee Poolse broers wonen in een appartementje haaks op de portiekflat aan de Schipborgstraat waar maandagavond brand uitbrak. Maar als na negenen een hoop geschreeuw de rust verstoort, wordt het een avond die ze de rest van hun leven niet meer zullen vergeten.

'Ik had eerst niet in de gaten dat er brand was,' vertelt Michal. 'Ik dacht dat er gevochten werd op straat. Toen we uit het raam keken, zagen we de enorme paniek op de gezichten van de buurtbewoners en begrepen we wat er echt aan de hand was.'

Hij rent samen met zijn broer de straat op, langs de buren die roepen naar het 8-jarige jongetje en zijn vier jaar oudere zus die in het raamkozijn van het brandende huis staan. Michal klimt meteen in de boom die vlakbij de gevel van de portiekflat staat. Hij negeert de opmerkingen van de buurtbewoners, die zeggen dat het beter is om te wachten op de hulpdiensten. De takken zijn dun, maar ze houden hem wel.

Als het jongetje springt zit hij klaar om hem op te vangen. Buurman Mark Hendriks (37) beschrijft later hoe Michal het mannetje als een soort Spiderman uit de lucht plukt. 'Ongelooflijk,' zegt Hendriks, 'precies op tijd.' Michal weet hem bij zijn broeklus te grijpen. Een paar seconden later klinkt er een explosie. Het raam spat door de warmte uit elkaar. 'Wat als we nu op hulp hadden gewacht?,' denkt de 30-jarige Pool hardop. 'Dan was het misschien wel te laat geweest.'

Raamkozijn
Het 12-jarige meisje wacht net als haar broertje in het raamkozijn. Marcin roept in het Pools dat ze moet springen. Hij zet zich schrap om haar op te vangen. 'Van de stress kon ik niet meer Nederlands of Engels praten en dat meisje spreekt Spaans,' zegt hij. 'Stom hè.'

Uiteindelijk kan hij het meisje duidelijk maken dat ze niet langer moet wachten. De vlammen achter haar worden alsmaar groter. Maar als het kind springt, blijkt ze te zwaar voor hem alleen. Ze vliegt met een vaart door zijn handen, langs zijn buik en valt met een smak op de grond. 'Ik vroeg aan andere mensen of ze me wilden helpen, maar niemand reageerde. In mijn eentje lukte het niet,' verzucht Marcin gefrustreerd.

Glas
Intussen is een landgenoot van de broers ook toegesneld. Met zijn blote vuist slaat hij het glas van de portiekdeur in om de andere bewoners van het gebouw naar buiten te krijgen. Zodra andere omwonenden zich over de kinderen hebben ontfermd, rennen ook Michal en Marcin naar boven. Daar treffen ze de 33-jarige vader en de 31-jarige moeder aan, die meerdere keren hebben geprobeerd om in het brandende huis te komen en hun kroost te redden. Ze zitten onder de brandwonden.

De brandweer is op dat moment nog niet ter plaatse. Het derde kindje van het gezin, een meisje van vier jaar, is volgens getuigen ontsnapt via het balkon aan de achterkant.

Wat Michal en Marcin betreft zijn haar ouders de echte helden. 'Ze probeerden wanhopig het huis in te komen,' zeggen de broers. 'De kinderen' hoorden we de ouders zeggen. Maar het lukte ze niet. De kinderen zaten aan de voorkant van de brandhaard en zij erachter. De vellen hingen aan het lichaam van de vader, zo erg was hij verbrand. Wat wij hebben gedaan, is niets!'

Als de brandweer komt, blijken de mannen flink wat rook in te hebben geademd. Maar naar het ziekenhuis willen ze niet. 'Mijn broer heeft uren lopen hoesten,' verklaart Michal.

Marcin is sowieso de hele nacht wakker geweest. De beelden van de brand, het meisje dat na een ongelukkige val voor zijn voeten terechtkwam. 'Maar ik heb me vooral afgevraagd wat ik nog meer of beter had kunnen doen. Had ik het meisje wel gevangen als ik het anders had aangepakt?'

De broers zijn gisteren desondanks vroeg opgestaan, vast van plan om 'gewoon' aan het werk te gaan, alsof er niets is gebeurd. Zodra de baas ze ziet aankomen, stuurt hij de twee dappere mannen ogenblikkelijk weer naar huis. 'Ga eerst maar een beetje bijkomen,' zegt hij tegen ze. 'En neem vanmiddag een biertje.'

Van dat aanbod maken ze dankbaar gebruik. 'Ik kan eigenlijk aan niets anders denken dan de brand,' zegt Michal. Hij maakt zich zorgen over het lot van de familie. De broers hebben niets over hun toestand gehoord. Ze kennen het gezin niet, net zoals de andere buurtbewoners, die nauwelijks meer weten dan dat de familie vermoedelijk van Colombiaanse afkomst is. 'We zeiden 'hallo' en 'dag' tegen elkaar, maar daar bleef het dan wel bij,' zegt de onderbuurman.

Hotel
Hij heeft de nacht doorgebracht in het Bel Air Hotel en zojuist gehoord dat hij samen met de andere bewoners van de portiek voorlopig nog niet naar huis mag. Donderdag is er een bijeenkomst van de gemeente, waar hij meer hoopt te horen over eventuele terugkeer.

De politie en de brandweer onderzoeken samen of er sprake is van een misdrijf, vandaar dat de portiek momenteel is afgesloten. Het is nog niet duidelijk wanneer het onderzoek is afgerond.

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag