Schuilen in Den Haag: Onderzoek onthult overblijfselen koude oorlog

VideoIn Den Haag zijn verrassend veel bouwwerken uit de Koude Oorlog bewaard gebleven. De pers mocht een kijkje nemen in zo'n ruimte: de noodzetel van een ministerie.

Volledig scherm
© Frank Jansen

Ssst, niet verder vertellen, maar in de campus van de Leidse universiteit aan de Schedeldoekshaven zit een deur die toegang geeft tot een wonderlijke onderwereld. We dalen een steile trap af, een muffe geur van vocht en schimmels komt ons tegemoet. Bunkerkenner Kees van Leeuwen loopt voorop met een zaklantaarn. We zien dikke stalen deuren, installaties om lucht te zuiveren, lange gangen en allerlei lege kamers. In sommige vertrekken ligt nog tapijt of zijn afdrukken te zien van meubels die aan de grond waren vastgeschroefd. De minister had een eigen kamer met slaapmeubel en nooduitgang naar buiten. De ruimte is nu leeg.

Blindeman
Welkom in de noodzetel van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Hier zou de ambtelijke top schuilen als de atoomoorlog met de Russen was begonnen. Kees van Leeuwen wijst op de telefooncentrale van de PTT, het hart van de bunker. ,,Het was een soort blindemannetje wat ze hier speelden." Bij de sloop van het ministerie ontdekte de gemeente tot haar eigen verrassing dat er nog iets onder de grond zat.

Wat moet je ermee? Wethouder Wijsmuller denkt aan functies als depot voor culturele instellingen. Maar dan moet de schuilplaats eerst watervrij zijn, aangesloten worden op stroom en een tweede ingang krijgen. Dat gaat veel geld kosten.

De noodzetel van het ministerie van Binnenlandse Zaken is de grootste van Nederland. Er was in twee verdiepingen plek voor 200 personen. Andere bunkers hadden zelfs codenamen die niet misstaan in een spionagefilm. 'Hazeleger' stond voor de schuilplaats onder het ministerie van Financiën en 'Nachtwacht' voor de noodzetel van de regering die er pal naast lag (bouwjaar 1960).

Volledig scherm
© Frank Jansen
Volledig scherm
© Frank Jansen

Ook onder andere ministeries lagen noodzetels, voor als er geen tijd meer zou zijn om allemaal naar de Nachtwacht te gaan. De communicatie in zo'n bunker moest via briefjes, om te voorkomen dat gesproken informatie met te veel emotie gepaard zou gaan. Want bovengronds, in de resten van Den Haag, zou het een hel op aarde zijn. Onder de duizenden slachtoffers kon ook zomaar de familie van de minister zitten: hij mocht ze niet meenemen in de schuilplaats, zo luidde het strenge voorschrift.

Den Haag had een opvallende primeur in de Koude Oorlog: de allereerste atoombunker van Nederland. Niet gebouwd door de overheid, maar door de bekende Duits-Joodse zakenman Levi Lassen. Hij had voor de Tweede Wereldoorlog al een grote schuilplaats ingericht onder de winkel op de hoek Spui/Grote Marktstraat. Na de oorlog werd die ruimte extra beschermd. Bij de bouw van Spuimarkt verdween de bunker.

Veel openbare schuilkelders waren er niet. De overheid gaf in 1952 geld voor 48 van deze voorzieningen. Daarvan zijn er 15 gebouwd, schuilkelders voor 50 of 100 personen. Er waren ook combinatiekelders in garages, zoals onder het Plein. Met plek voor 20.000 mensen. De ventilatiesystemen zijn nog zichtbaar op straat.

Volledig scherm
© Frank Jansen

Boek
Het boek Schuilen in Den Haag, dat vrijdag is gepresenteerd, is geschreven door onderzoekers van de stichting Militair Erfgoed. Zij zijn mild in hun oordeel over de zin van al deze bouwwerken. ,,Ze weerspiegelen wel de weerbaarheid en gedrevenheid van de bevolking. Men deed wat men kon."

Een van de meest zichtbare sporen van de Koude Oorlog is de oude luchtwachttoren bij het Zwarte Pad in Scheveningen. Vrijwilligers tuurden met een verrekijker in de lucht naar vijandelijke Russische toestellen. Er stonden 275 van deze uitkijkposten in Nederland. Dit gebouw uit 1954 is als een van de weinige behouden, omdat het in bakstenen is uitgevoerd. De Haagse welstand keurde het ontwerp van beton af.

Koos van den Berg (78) was destijds als 16-jarige lid van de Luchtwachtdienst. Hij mocht als oudgediende het eerste exemplaar van het boek in ontvangst nemen. Het was 'een leuke tijd 'op de toren, maar een Russische Mig-straaljager zag hij nooit. Het alarm 'Rats, rats, Cuba 1' heeft nooit geklonken.

In het Atrium van het stadhuis is vanaf 20 juli een expositie te zien over het onderzoek Schuilen in Den Haag, erfgoed van de Koude Oorlog. 

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag