Volledig scherm
Hoofdkantoor van Eneco in Rotterdam © EPA

Stichting Japanse Ereschulden geschokt door overname Eneco: ‘Oorlogsmisdaden niet vergeten’

De Stichting Japanse Ereschulden (JES) vindt het onverteerbaar dat Den Haag op het punt staat haar Eneco-aandelen te verkopen aan Mitsubishi. De Japanse multinational heeft nooit excuses  gemaakt voor haar wandaden en gruwelijkheden in Nederlands-Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Volledig scherm
Jan van Wagtendonk, overlevende van jappenkamp. © Foto Marco Okhuizen

Den Haag moet volgens de stichting eerst excuses eisen van het bedrijf. In een overeenkomst met het stadsbestuur zou volgens JES ook compensatie moeten worden geregeld voor het leed en de pijn die Mitsubishi tijdens de oorlog de Nederlanders uit Indië heeft aangedaan.

Voorzitter Jan van Wagtendonk (82) van de stichting spreekt vanmiddag in bij de commissievergadering in het stadhuis over de verkoop van de aandelen van Eneco. Hij verloor als kind zijn vader en grootvader tijdens de bezetting door de Japanners van Nederlands-Indië. Ze werden gemarteld en gedood. In een kamp verloor hij zijn jongere broer.

Hoogste bod

De Stichting JES is ontdaan. ‘Tijdens de oorlog zette Mitsubishi krijgsgevangenen massaal in als slaven in hun vestigingen in Japan en door Japan bezette gebieden. De omstandigheden waren verschrikkelijk. Velen lieten het leven, ook vele Nederlanders uit Indië,’ stelt Van Wagtendonk in een verklaring die hij vanmiddag zal voorlezen.

De Haagse fracties zijn in meerderheid vooral positief gestemd over de verkoop aan de Japanners. Mitsubishi en haar partner Chubu deden vorig jaar bij de race om de Eneco-aandelen (in bezit van 44 gemeenten) verrassend het hoogste bod: 4,1 miljard euro. De gemeenteraad van Den Haag bezit nu 16,44 procent van de aandelen en zou door de verkoop 675 miljoen euro ontvangen. De gemeenteraad moet nog wel groen licht geven voor de deal.

Tekst gaat verder onder foto

Volledig scherm
Nederlandse vrouwen in een Jappenkamp moeten de traditionele buiging voor de Japanse keizer maken, Nederlands Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog. © FOTO: Koninklijk Instituut voor Taal Land-, en Volkenkunde Leiden (KITLV leiden)

De stichting vindt het schokkend dat bij de beoordeling van de verkoop volgens haar door het stadsbestuur nauwelijks wordt stilgestaan bij het oorlogsverleden van Mitsubishi.

‘Mitsubishi was tijdens de Tweede Wereldoorlog Japans grootste conglomeraat van mijnen, scheepswerven en vele andere industriële en handelsactiviteiten die doelbewust en profijtelijk de Japanse oorlogsmachine ondersteunde. Na de oorlog is Mitsubishi voortgegaan met haar industriële en handelsactiviteiten zonder excuses en compensatie te bieden aan de slachtoffers van haar oorlogsactiviteiten.’

Van Wagtendonk wijst erop dat de bedrijfstak Mitsubishi Heavy nog steeds een van de grootste wapenfabrikanten ter wereld is. Mitsubishi moet haar verantwoordelijkheid nemen, vindt hij. ‘Het moet een eer zijn voor het bedrijf, 75 jaar na de Japanse capitulatie om haar verantwoordelijkheid voor haar oorlogsverleden te erkennen en deze blijvende regelen met de Stichting Japanse Ereschulden.’

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag