Voorzieningen in het molengebied zijn gesloten vanwege de coronacrisis.
Volledig scherm
Voorzieningen in het molengebied zijn gesloten vanwege de coronacrisis. © Stichting Werelderfgoed Kinderdijk

Stichting Werelderfgoed Kinderdijk wil noodfonds voor onderhoud molens

Er moet geld komen van het rijk voor onderhoud van de molens in Kinderdijk. Daarvoor pleit de Stichting Werelderfgoed Kinderdijk (SWEK), dat het wereldberoemde molengebied in het dorp exploiteert.

‘Snelle actie is noodzakelijk, anders is de schade voor de gehele erfgoedsector niet te overzien’, zegt SWEK-directeur Cees van der Vlist. Met die noodkreet sluit hij aan bij de taskforce van de culturele sector. Die heeft het kabinet opgeroepen om met spoed een noodfonds op te richten.

De stichting stelt dat door de coronacrisis het noodzakelijk onderhoud aan cultureel erfgoed, zoals dat in Kinderdijk, in acuut gevaar komt. Van der Vlist: ‘Het onderhoud in Werelderfgoed Kinderdijk wordt bijna volledig betaald uit de inkomsten van het toerisme. Een inkomstenbron die door de coronacrisis geheel is opgedroogd. Een overbruggings- en garantiefonds stelt ons en de andere erfgoederen in Nederland in staat om het noodzakelijke onderhoud te kunnen blijven uitvoeren. Het uitstellen van onderhoud aan onze molens is geen optie.”

Quote

Onze inkomsten­bron is door de coronacri­sis geheel opgedroogd.

Cees van der Vlist

De stichting heeft voor 2020 een bedrag van twee miljoen euro begroot voor onderhoud. Het bestaande steunpakket van de overheid is niet genoeg. Een overbruggings- en garantiefonds moet onherstelbare schade aan de erfgoedsector voorkomen, stelt Van der Vlist in een persbericht.

Hij wijst daarin op de grote maatschappelijke functie van de erfgoederen. ‘Direct en indirect zorgt Werelderfgoed Kinderdijk voor honderden banen. Momenteel zijn er zo’n 225 vrijwilligers aan onze stichting verbonden. Extra ondersteuning is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de sector kan overleven en van waarde kan blijven voor leefbaarheid, educatie en economie in de samenleving.’

In samenwerking met indebuurt Dordrecht

Dordrecht