Volledig scherm
De vliegtuigmotor van het in '44 neergestorte toestel. Antoine de Zeeuw, Arjan Wemmers en Jan Boele (vlnr) van de stichting. © Cor de Kock

Brokstuk als monument

VliegtuigmotorIn een loods in Brandwijk wordt hard gewerkt aan de renovatie van een motor van een Lancaster die in 1944 neerstortte.

Volledig scherm
De brokstukken van het beschoten vliegtuig. © OMMB

'Om 1.40 uur vloog onze Lancaster ND 559 laag over de polder van de Alblasserwaard. Iedereen in het toestel verheugde zich over de goede gang van zaken. Over goed twintig minuten waren zij weer thuis. Somber en toch weer vertrouwd gromden de vier machtige Merlin-motoren van het toestel. Iedereen waande zich veilig. Plotseling ging er een siddering door het toestel.'

Het zou een zomaar een stukje tekst uit een spannend jongensboek kunnen zijn. Maar het was in de nacht van 21 op 22 mei 1944 bittere ernst, opgetekend door de heer Horden uit Noordeloos, die ter gelegenheid van het 750-jarig bestaan van het dorp Molenaarsgraaf de gebeurtenissen van die nacht onderzocht en beschreef. De Britse bommenwerper had zojuist met 500 andere toestellen een Duitse stad gebombardeerd en was op weg terug naar Engeland. Boven de Alblasserwaard werd de Lancaster beschoten, het vliegtuig explodeerde en de brandende brokstukken kwam in Molenaarsgraaf en Brandwijk terecht. Zes bemanningsleden vonden daarbij de dood, piloot William Ward overleefde de crash.

Quote

Herdenken blijft boeien. Het besef bij jonge mensen is groot, dat is mooi om te zien

Jan Boele

Propellor
Wekenlang waren ze bezig met het ruimen van de brokstukken die naar een centraal punt werden gebracht. Twee vliegtuigmotoren werden echter nooit terug gevonden. Tot vorig jaar. Op een diepte van ruim vier meter werd een van de Packard Merlin V1650-motoren ontdekt. In Brandwijk. Op het land van boer Bons. De motor wordt nu in een loods aan de Brandwijksedijk gerenoveerd en op zaterdag 20 mei volgend jaar als monument onthuld op het parkeerterrein bij café Boerenklaas, op een steenworp afstand van waar het toestel uit de lucht werd geschoten. De gevonden propeller zal ook onderdeel uitmaken van het monument.

Initiatiefnemer is Arjan Wemmers, die eerder ook betrokken was bij de opgraving van de in 1943 neergestorte Mosquito in Bleskensgraaf. ,,De Tweede Wereldoorlog is een aangrijpende tijd die ik gelukkig niet heb meegemaakt. Dit monument is belangrijk om de herinnering levend te houden, omdat de generaties die wél getuigen waren in rap tempo wegvallen'', zei hij in 2007 bij de onthulling van het monument in Bleskensgraaf.

Nu, ruim negen jaar later, is hij opnieuw degene die de geschiedenis levend wil houden. Stichting Oorlogsmonument Molenaarsgraaf-Brandwijk is er zelfs voor opgericht. Voorzitter Jan Boele: ,,Herdenken blijft boeien. Het besef bij jonge mensen is groot, dat is mooi om te zien.'' Bovendien worden monumenten als deze, ook erg gewaardeerd door nabestaanden van omgekomen militairen, weet Boele.

Volledig scherm
De opgraving van de vliegtuigmotor in 2015. © OMMB

Ooggetuigen aan het woord

De bestuursleden Arjan Wemmers en Antoine de Zeeuw zijn druk bezig met een documentaire over het Britse toestel dat in Brandwijk neerstortte.

Niet alleen wordt de fatale vlucht van de Lancaster in een animatie in beeld gebracht, ook spreken de twee met onder meer ooggetuigen. ,,Doel is om het verhaal levend te houden voor toekomstige generaties'', zegt De Zeeuw. In de documentaire komt ook Wim Vermeer aan het woord. Hij vertelt over de ochtend na de crash. Als 10-jarige jongen werd hij door de fietsenmaker naar diens achtertuin geleid. Daar zag hij twee van de zes omgekomen Britten. Zij waren uit het toestel geslingerd en in de tuin terechtgekomen. Dat beeld was een traumatische ervaring.

Terug naar de vliegtuigmotor, die volgens Wemmers in redelijk goede conditie werd gevonden. ,,Dat is opmerkelijk, omdat het 1000 kilo zware ding vanaf een hoogte van twee kilometer naar beneden kwam. De klei heeft de motor echter goed geconserveerd.''

Dat het zo lang heeft geduurd voordat de motor kon worden opgegraven heeft volgens Wemmers onder meer te maken met strenge regelgeving. ,,De boer vertelde mij het verhaal in 2007, maar omdat het ministerie van Defensie over dit soort vondsten gaat en je aan allerlei voorwaarden moet voldoen, duurt zo'n proces lang.''

In april 2015 werd de motor uiteindelijk omhoog getakeld. Boer Bons maakte het niet meer mee, hij overleed in 2011. Zijn vrouw en zoon waren wél betrokken bij de opgraving.

Ook Wemmers hart ging er sneller van kloppen. ,,Voor degene die de motor renoveert is de motor een ding, voor mij is het een bodemvondst met een verhaal. Heel belangrijk.''

Nabestaanden
Wemmers is nu druk bezig met het zoeken naar nabestaanden van de omgekomen Engelsen. Dat lukt vrij aardig, zegt hij zelf, zeker met sociale media als Facebook en Twitter. ,,En als ze merken dat je op zoek bent naar bepaalde mensen, zijn er altijd wel anderen die met je meezoeken. Zo kwam Wemmers via een contact in Nieuw-Zeeland uiteindelijk bij de kleindochter van de broer van een omgekomen piloot.

Nabestaanden zijn geschokt, als ze voor het eerst horen van de oprichting van een monument. De pijnlijke geschiedenis wordt immers opgerakeld. ,,Maar al snel slaat dat om in enorme waardering'', zegt Boele. ,,Ze zien dat wij ruim 70 jaar na de oorlog nog steeds waardering hebben voor dat wat de geallieerden voor ons deden.'' Het is de bedoeling dat er op zaterdag 20 mei zoveel mogelijk nabestaanden bij de onthulling van het monument zijn.

Volgens Wemmers en Boele herbergt de Alblasserwaardse grond nog wel meer brokstukken. Tijdens de oorlog zijn er zo'n 40 vliegtuigen neergeschoten. ,,Elk dorp heeft zo zijn eigen verhaal'', aldus Wemmers.

De vliegtuigmotor krijgt een plek in een glazen vitrine van de Ottolandse kunstenaar Paul Pallandt. Die is zo ontworpen dat de motor van alle kanten goed te bekijken is. De zwaar verbogen propeller wordt intact gelaten. Wemmers: ,,Dat is veel indrukwekkender.''

Volledig scherm
Een artist impression van het monument. © OMMB
  1. Scholieren presenteren energiebewuste plannen: ‘Lamellen met zonnepanelen leek ons een goed idee’
    PREMIUM

    Scholieren presente­ren energiebe­wus­te plannen: ‘Lamellen met zonnepane­len leek ons een goed idee’

    Van trappers die energie opwekken onder schooltafeltjes, tot lantaarnpalen op zonne-energie, naar een geheel uitgewerkt duurzaam minidorpje. Woensdagmiddag presenteerden leerlingen hun beste energiebewuste ideeën tijdens de duurzaamheidsmarkt op het Calvijn in Hardinxveld-Giessendam. ,,Ik was eigenlijk nooit zo erg bezig met duurzaamheid, maar dit heeft mijn ogen wel geopend.”

Rivierenland