Zandvoort staat voor gigantische klus om 2020 te halen

videoEén ding is al helemaal klaar voor de Formule 1 in Zandvoort: mooie plaatjes. Het circuit in de duinen gaat fantastische tv-beelden geven. Voor het overige moet eigenlijk alles op en rond het circuit op de schop.

De Formule 1 - sport is danig veranderd sinds Niki Lauda in 1985 als laatste op Zandvoort won. De veiligheidseisen en de sportieve eisen aan de circuits zijn veranderd. De bezoekcijfers zijn van een andere orde. Deze zes punten zijn van invloed op de vraag of  je in 2020 in Zandvoort brandend rubber en brullende motoren kunt aanschouwen:

1. Circuits. Zandvoort is vergeleken met andere circuits smal. Moderne circuits zijn wel twee keer breder. De uitloopstroken ontbreken of zijn te kort. Een stuurfout eindigt nu in het grind, maar de tendens van de laatste jaren zijn grote geasfalteerde uitlooptstroken. De pitboxen zijn verouderd. Nieuwbouw aan de overzijde van de baan is een optie. Alleen vervelend dat daar de hoofdtribune staat.

2. Zitplekken. Waar gaan de bezoekers zitten? Een Grand Prix-weekend trekt gemiddeld 200.000 mensen. De overdekte hoofdtribune heeft maar 2700 zitplaatsen. Met tijdelijke tribunes van steigerpijp is dat opgerekt tot 30.000. (Ter vergelijking het TT Circuit in Assen heeft tribunes voor 53.000 mensen. Aan staanplaatsen geen gebrek, maar tribuneplaatsen met goede horecafaciliteiten zijn de geldmachines. Voor een zitplaats kan wel 500 euro worden gevraagd, terwijl een staanplaats ‘maar’ zo’n 150 euro doet. Zandvoort zal tribunes voor tienduizenden mensen willen hebben om genoeg penningen binnen te halen.

3. Infrastructuur. Hoe komen al die bezoekers er? De vip’s arriveren met de helicopter. De fans staan urenlang in de file voor ze er zijn en voor ze weer zijn vertrokken. Een nieuwe ontsluitingsweg zou geen overbodige luxe zijn. Hoewel, in het Belgische Spa is het veel anders, misschien is het wel onderdeel van de charme. En het is maar eens per jaar. Circuit Zandvoort noemt nog een optie: op de fiets is het circuit uitstekend bereikbaar, en nog milieuvriendelijk ook.

4. Geld, geld, geld. Vooral dat is nodig. Kandidaat-financiers zijn er genoeg. Heineken en Shell staan niet onwelwillend tegenover Zandvoort, blijkt uit een rondgang ; John de Mol zou de uitzendrechten kopen. Hoe dan ook: er moet 20 miljoen euro op tafel komen om überhaupt te mogen beginnen met de organisatie. Het contract dat Circuit Zandvoort met Formula One Management Limited, de eigenaar van Formule 1, sluit over de autorace zal naar verwachting minimaal 5 jaar lopen en ieder jaar moet er 20 miljoen opgehoest worden. Het circuit moet daarnaast - bleek uit een eerder haalbaarheidsplan - voor minimaal 10 miljoen euro vertimmerd worden. Prins Bernhard, mede-eigenaar van het circuit, maakte op de site Autobahn een sommetje: ,,Stel, er komen 100.000 man op een grand prix af, dan moeten die allemaal bijna 200 euro betalen voor een ticket voordat de organisatie uit de rode cijfers klimt.’’

5. Draagvlak. Is er voldoende steun als Zandvoort ook bij de overheid aanklopt voor een bijdrage? En milieu-organisaties zullen niet juichen bij de terugkeer van de hoogmis van de benzinemotoren in Nederland. Aan de gemeente Zandvoort zal het niet liggen, laat wethouder Ellen Verheij-de Haas van Toerisme en Economie weten. ,,Dit is heel mooi en waanzinnig.’’ In de milieuvergunning voor Zandvoort was al rekening gehouden met een mogelijke terugkeer.

6. Tijd. Ook de factor tijd speelt een belangrijke rol. Als er in 2020 een Formule 1 wordt gereden op Zandvoort dan moet bij wijze van spreken vandaag het geld er zijn, morgen het contract worden getekend en uiterlijk overmorgen de schop de grond in. Is twee jaar genoeg om alles af te krijgen?

Volledig scherm
Max Verstappen laat bij een demonstratie op Zandvoort de banden roken en de motor van zijn bolide brullen voor zijn fans. © Red bull Contentpool