Volledig scherm
En dat is vijf! Lewis Hamilton viert in Mexico dat hij opnieuw de beste van wereld is. © Getty Images

Hoe groot is Hamilton in vergelijking met de Formule 1-giganten?

Lewis Hamilton veroverde gisteren vijfde wereldtitel in de Formule 1. Dat de 33-jarige Engelsman een van de beste coureurs ooit is, daar bestaat geen twijfel over. Maar hoe weerhoudt hij zich tot de grootheden uit het verleden? Een vergelijking in cijfers.

Door Arjan Schouten

Wereldtitels: 5
Lewis Hamilton is met zijn vijfde titel definitief Sebastian Vettel en Alain Prost (beiden vier titels) voorbij. Daarmee komt hij op gelijke hoogte met Juan Manuel Fangio, een Argentijnse grootheid uit de jaren vijftig. Als enige nog ver voor hem: Michael Schumacher, met zeven titels. Ontelbaar vaak gevraagd, maar Hamilton heeft nog nooit expliciet uitgesproken dat hij voorbij die zeven van Schumacher wil.

Volledig scherm
Lewis Hamilton en Michael Schumacher voor de GP van Bahrein in 2010. © EPA
Volledig scherm
Juan Manuel Fangio op weg naar zijn vijfde en laatste wereldtitel in 1957, deze keer namens Maserati. © EPA

Aantal wereldtitels per motorfabrikant: 1
Hoe veelzijdig een coureur is, kun je ook afmeten aan het aantal titels gewonnen met verschillende motoren. Lewis Hamilton werd vijf keer wereldkampioen, maar wel steeds dankzij een Mercedes-krachtbron. Dan deed Fangio het toch beter, die won vijf titels met vier verschillende motoren: Alfa Romeo, Maserati, Mercedes en Ferrari. En ook Schumacher won voor de vijf titels met Ferrari ook al twee titels met Benetton dankzij eerst een Ford-motor en daarna een Renault. En ook Nelson Piquet (Ford, BMW, Honda) en Alain Prost (Porsche, Honda, Renault) bleken niet bepaald honkvast, maar uiterst veelzijdig.

Volledig scherm
Michael Schumacher na zijn laatste en 91ste zege in de Formule 1, in 2006 in China. © AFP

Racezeges: 71
Om de meeste GP-zeges achter zijn naam te krijgen moet de 33-jarige Lewis Hamilton echt nog wel wat jaartjes gas blijven geven. De Brit van Mercedes staat met 71 zege tweede op de ranglijst aller tijden. Michael Schumacher won er liefst nog twintig meer: 91.
Maar echt vergelijken kun je het aantal zeges van coureurs niet goed, omdat seizoenen niet altijd even lang waren. Veel interessanter: het winstpercentage. Hamilton won 31,28 procent van al zijn races (227). Schumacher bleef staan op 29,64 procent. Sebastian Vettel, die met 52 grote prijzen derde staat op de winstranking, won 23,96 procent van al zijn races. Maar neem nu Juan Manuel Fangio, die won liefst 47,06 procent (!) van al zijn races. Alain Prost? Won 25,63 procent. Ayrton Senna? Won ook een kwart (25,47) van alle grands prix die hij reed.

Volledig scherm
Lewis Hamilton kreeg vorig jaar in Canada een oude helm van zijn idool Ayrton Senna, toen hij qua aantal polepositions de Braziliaan evenaarde. © AP

Polepositions: 81
De meester van de kwalificatie is Hamilton, keer op keer stijgt hij op de zaterdagen tot grote hoogten in een ultiem rondje. Het pole-record heeft hij al sinds vorig jaar op zak, toen hij eerst Senna (65) en vervolgens Schumacher (68 keer op pole) voorbij ging. Nu staat de Brit van Mercedes op 81 polepositions. Statistisch staat Hamilton hoog, 35,68 van al zijn kwalificaties eindigden met pole. Maar op dat gebied deed Senna het beter: 40,37 procent. Met een percentage van 56,86 was Fangio helemaal een klasse apart in de kwalificaties. Opvallend genoeg greep Schumacher maar in 22,15 procent van al zijn kwalificaties pole, ook vanwege zijn comeback in niet de snelste auto. Sebastian Vettel? 55 keer vooraan gestart, in een kwart van al zijn races.

Volledig scherm
In Melbourne stond Hamilton in 2007 voor het eerst op een podium. © EPA

Podiumplaatsen: 131
Van een gang naar het podium wordt Lewis Hamilton niet warm of koud meer. Na de 227 races die hij reed, mocht hij er al 132 keer heen, in 58,15 van de gevallen dus. Alleen Schumacher spoot vaker met champagne van het ereschavot: 155 keer (in 50,49 procent van al zijn races). Ook Vettel (110) en Senna (80) mochten na de helft van al hun races naar het podium en Alain Prost (106 podiumplaatsen) finishte zelfs in 53,27 procent van al zijn races in de top-3. Maar puur procentueel gezien is Fangio van alle kampioenen ook de podiumkoning. Hij stond er maar 35 keer, maar wel na 68,63 procent van al zijn races.

Volledig scherm
Hamilton en Vettel, samen op het podium na de Russische GP in Sotsji. © EPA

Rondes aan de leiding: 3883
Wil Hamilton ook het record van meeste rondes aan de leiding in handen krijgen, dan moet hij door tot hij grijs wordt. Met 3900 rondes voorop staat hij al tijden tweede, maar Schumacher (5111 rondjes) is nog lang niet in zicht. Veel gevaar van achteruit is er overigens ook niet. Vettel staat ruim 500 rondjes achter (3332) op plaats drie. Daarna volgen Senna (2931) en Prost (2683). Max Verstappen kan na zijn zege in Mexico zeggen dat hij inmiddels 323 rondes aan de leiding reed.

Leider van start tot finish: 14 keer
Vaak wordt er geroepen dat de dominantie van Mercedes en Hamilton hemeltergend saai is, maar er zijn twee coureurs die een race vaker domineerden van start tot finish. Zo leidde Hamilton veertien keer een race vanaf de start tot het einde, zonder die plaats onderweg af te staan. Vettel flikte dat vijftien keer. En Senna zelfs negentien keer.

Volledig scherm
Lewis Hamilton en Ayrton Senna. © epa
Volledig scherm
Alain Prost, net als Hamilton 41 keer goed voor de snelste ronde in een GP. © AFP

Snelste ronde: 41 keer
Simpel gezegd, maar toch vaak gehoord: Hamilton is zo goed omdat zijn auto zo snel is. Niet helemaal waar als je naar de topsnelheid kijkt, zo blijkt. ‘Slechts’ 41 keer tekende hij in een race voor de snelste ronde. Ook Alain Prost klokte 41 keer de rapste ronde. De nog actieve Kimi Räikkönen zorgde 46 keer voor de snelste omloop in de race. En Schumacher zelfs 77 keer.

Grand Slams: 5x
Een nerdy statistiek voor de echte Formule 1 die hards. Maar daarom niet minder leuk. Pak je in een raceweekend poleposition, de snelste ronde, de zege en leid je de race van start tot finish dan scoor je een Grand Slam. Het is uiterst zeldzaam, zo flikte Hamilton het pas vijf keer, voor het laatst op Silverstone in 2017. Ook Schumacher deed het vijf keer, net als Alberto Ascari, een Italiaanse raceheld in de jaren vijftig. Maar recordhouder qua aantal Grand Slams is de Brit Jim Clark, die tussen 1962 en 1965 liefst acht Grand Slams scoorde. 

Volledig scherm
Hamilton wordt in eigen land op handen gedragen na zijn laatste grand slam in 2017. © EPA