Supercombi's: twee totaal verschillende steden in één citytrip

Hoe leuk is het om tijdens één citytrip twee - liefst totaal verschillende - steden te combineren? Met dank aan prima treinverbindingen zijn er vele mogelijkheden. Drie toppers.

Volledig scherm
Hans Avontuur © Robin Utrecht

1. Liverpool en Manchester
De steden (en hun voetbalclubs) verhouden zich qua rivaliteit als Rotterdam tot Amsterdam. Liverpool is de levenslustige van de twee, ongecompliceerd en blij, met onder meer The Beatles en het supergezellige centrum als attracties.

Manchester is van oudsher de werkstad. Maar de fabrieken in het hart hebben nieuwe bestemmingen gekregen, waaronder enkele topmusea, muziekpodia en het gratis toegankelijke National Football Museum.

De treinreis duurt drie kwartier.

2. Valencia - Cuenca - Madrid
Oeps, dat zijn er drie. En terecht. Want aan de hogesnelheidslijn tussen Valencia en Madrid heeft Cuenca een eigen station. Uitstappen! Het middeleeuwse stadje staat niet voor niets op de Werelderfgoedlijst. Hoewel het verleidelijk is om hier enkel een tussenstop te maken, moet je er beslist een nacht blijven slapen, want als de dagjesmensen zijn vertrokken, begint de betovering.

Valencia en Madrid hebben 
als gemene deler dat beide Spaanser aanvoelen dan het internationale Barcelona. De verschillen: Valencia heeft de zee en de architectuur van Calatrava, Madrid de musea en de hippe wijk Malasaña.

Reistijden: Valencia-Cuenca 57 minuten, Cuenca-Madrid 51 minuten.

3.Marseille en Nice
De treinreis tussen deze steden is met 2,5 tot 3 uur relatief lang, maar dat is allemaal bonus. Het traject gaat op twee stukken namelijk pal langs de Côte d'Azur, met uniek uitzicht op zee. Tussen Fréjus en Théoule-sur-Mer kruipt het spoor over de flanken van het Massif de l'Estérel en balanceren de rijtuigen soms op een richel boven het water.

Starend uit het raam zou je bijna vergeten dat je bezig bent met een supercombi: het levendige, rauwe Marseille en het klassieke mondaine Nice. Twee werelden in één citytrip.