Italië correspondent Angelo van Schaik thuis in Rome aan het werk
Volledig scherm
Italië correspondent Angelo van Schaik thuis in Rome aan het werk © AD

Italië-correspondent Van Schaik: ‘Ik riskeer twaalf jaar gevangenis als ik niet binnen blijf’

5 vragen aanVan hoofdredactie tot bezorger, ook bij het maken van de krant heeft de coronacrisis voor iedereen gevolgen. Vandaag correspondent Angelo van Schaik, die vanuit Rome een dagboek bijhoudt over de ontwikkelingen in Italië.

Als correspondent sta je in normale tijden niet per se dagelijks in de krant. Hoe ervaar jij het om ineens wekenlang in het middelpunt van de nieuwsstorm te staan?

“Wat het voor mij persoonlijk extra gek maakt is dat ik pas net voor de krant schrijf. Ik heb het AD eerder dit jaar benaderd omdat de vorige Italië-correspondent ermee stopte. Voordat de coronacrisis uitbrak had ik pas twee stukken geschreven. Van oorsprong ben ik radiomaker, maar ineens ben ik een soort baken in de krant geworden. Dat voelt best vreemd. Ik ben wel gewend dat Italië een periode in de aandacht staat, bijvoorbeeld toen Paus Johannes Paulus II overleed of na de aardbeving van L’Aquila. Maar deze situatie is ongekend.”

En juist in deze periode word je als journalist enorm beperkt in je bewegingsvrijheid. Wat betekent dat voor het uitoefenen van je vak?

Italië correspondent Angelo van Schaik
Volledig scherm
Italië correspondent Angelo van Schaik © AD

“In principe mag ik de deur nog uit. Als ik tenminste een document bij me draag waarop ik heb vermeld waarom ik buiten ben. Ik heb wel in het centrum van Rome rondgekeken, maar toch merk ik dat ik het liever niet doe. Een paar weken terug heb ik de coronahotline gebeld omdat ik wat verkoudheidsklachten had. Mijn gegevens zijn toen geregistreerd. Als zou blijken dat ik me met corona onder de leden op straat begeef, riskeer ik een gevangenisstraf tot 12 jaar. Vandaar dat ik al vier weken vrijwel non-stop binnen ben. Ik doe het natuurlijk ook voor mijn eigen gezondheid en gezin. Ik heb twee jonge kinderen. Hoe gaat mijn vrouw het oplossen als ik op de IC zou komen te liggen?”

Wat kun je als correspondent toevoegen vanuit je eigen woonkamer?

“Ik volg natuurlijk de Italiaanse media. Maar in principe zou iemand die de taal machtig is dat ook vanuit de redactie in Nederland kunnen doen. Vandaar dat ik samen met de hoofdredactie heb besloten om in mijn berichtgeving de nadruk te leggen op de persoonlijke noot. Ik ben een soort columnist geworden. Mijn situatie – dat ik al vier weken met mijn vrouw en twee zoontjes op 80 vierkante meter leef – maakt nadrukkelijk onderdeel uit van mijn artikelen. Ik heb in die dagboeken inmiddels allerlei fases doorlopen: van lichte euforie tot complete wanhoop. De toegevoegde waarde zit ook in het feit dat we in Italië twee weken voorlopen op Nederland. Maar de dagen gaan natuurlijk ontzettend op elkaar lijken, dus ik moet heel erg mijn best doen om niet in herhaling te vatten. Daar worstel ik op sommige dagen wel mee. Ik wil meer bieden dan alleen mijn eigen emoties.”

In een van je dagboeken omschrijf je hoe geëmotioneerd je bent bij het lezen van de laatste sterftecijfers. Kun je omschrijven waarom het nieuws je nu heviger raakt dan normaal?

“Het is een combinatie van factoren. Het feit dat ik wekenlang binnen zit is al niet heel bevorderlijk voor mijn geestelijke gesteldheid. Daar komt bij dat het nieuws me nu ook persoonlijk kan raken. Normaal rijden wij als journalisten achter de ambulances aan; richting een aanslag, een aardbeving of een ingezakte brug bijvoorbeeld. Nu rijden de ambulances ook op ons af. Dat maakt het zo anders: we zijn zelf onderdeel van het verhaal geworden. Als een familielid door corona zou komen te overlijden, merk je dat in mijn verslaggeving. Op de School van Journalistiek leerde ik al dat objectieve journalistiek niet bestaat. Iedereen heeft een gezichtspunt. De feiten die ik beschrijf kloppen, maar de emoties zijn van mijzelf. Een derde factor is dat de coronacrisis allesomvattend is. Normaal lever ik een verhaal in en ga ik daarna door naar het volgende onderwerp. Nu gaat het al wekenlang nergens anders meer over. Er hangt een soort donkere wolk over het land, waar je niet aan kan ontsnappen.”

Durf je alweer te dromen over je eerste reportage in volle vrijheid?

“Gek genoeg ben ik daar totaal niet mee bezig. Ik merk hoeveel moeite het me in deze lockdown al kost om überhaupt concentratie op te brengen. Daarom ben ik ook heel blij dat ik elke dag een stuk mag schrijven. Het helpt me om mijn gedachtes te ordenen en mijn dagen structuur te geven. Niemand weet hoe lang we er nog zo bij zullen zitten.”

Angelo van Schaik (1971) maakte al vijf jaar radio toen hij in 2001 naar Rome vertrok. In Italië ging hij ook voor de tv werken, o.a. als cameraman en verslaggever van de NOS. De laatste jaren werkt hij ook als schrijvende journalist; sinds dit jaar als correspondent voor deze krant.