Volledig scherm
PREMIUM
Het Plein in 1957, met rechts de kiosk. © Leo van der Velde

Brieven van opa: 'Neem Leo mee, jullie weten hoe z'n vader is'

Lieve RachelLeo van der Velde schrijft wekelijks een brief aan kleindochter Rachel (7) waarin hij haar vertelt over het Den Haag van toen.

Volledig scherm
Mijn moeder was zeer daadkrachtig als het om haar kinderen ging © Leo van der Velde

Onderweg naar een kroket, waar jij, in jouw woorden, 'naar snakte', liepen we van de week over het Plein. Dat was pakweg 50 jaar geleden nog gevuld met auto's. Zomers stond daar een mannetje op een keukentrap die automobilisten wees waar plek was. Op de hoek had je Gerrit, de bloemenman, die in de oorlog propagandaleider en later rijkskanselier Joseph Goebbels over het Plein (nog zonder auto's) had zien paraderen. Naast de alarmcel, om gratis brandweer en politie te bellen, stond de kiosk. Reclame van Droste chocolade op het dak en die van de Haagsche Courant, met als onderkop 'verreweg het meest gelezen', rondom aan de zijkant. Kranten en tijdschriften als Panorama waren vastgeklemd met houten wasknijpers. Als mijn moeder hoorde dat een kennis die week gestorven was, moest ik of een van mijn zusjes de krant halen. Dan wilde ze naar de overlijdensadvertentie kijken. ,,Neem meteen een doosje Ademin mee. En voor je oma een rol pepermunt. Koop zelf maar een dropje", zei m'n moeder vaak. Die ouderwetse ademinnetjes waren keelpastilles met dropsmaak. Zó sterk. Rachel, als je er eentje nam, je lippen tuitte en lucht naar binnen zoog, gierde een noordpoolwind tot achter in je keel.

Wanneer m'n vader op zee was, deed m'n moeder alles voor ons. Als zijn bruine postcheque eindelijk weer eens door de brievenbus viel, mocht ik bij de kiosk een klein langwerpig stripboekje van Tarzan of Akim halen.

In samenwerking met indebuurt Den Haag

Den Haag