Volledig scherm
Kamervoorzitter Khadija Arib in de Tweede Kamer. © ANP

Arib: Debat was 'te hard en grof'

Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib heeft zich vanochtend beklaagd over de 'toon' van het debat bij de politieke beschouwingen van woensdag. Ze vond het taalgebruik 'te grof' en het debat 'te hard'. 

Volgens Arib hebben veel Nederlanders zich aan het debat gestoord en zich per brief en e-mail bij haar beklaagd. ,,De toon van het debat van woensdag zal niemand zijn ontgaan. Mensen ergeren zich ontzettend aan het taalgebruik en hoe we met elkaar omgaan'', zei Arib bij het begin van de tweede dag van de beschouwingen. ,,Ze vonden de taal grof en hard.'' 

Volgens haar mag een debat 'fel en kritisch' zijn, maar dat kan volgens haar ook 'zonder persoonlijk te worden'. 

Woensdag kwam het eerst tot een confrontatie tussen PVV-leider Geert Wilders en Denk- fractieleider Tunahan Kuzu. Wilders zei toen: ,,Een fractie uit ons midden heeft deze zomer gezegd dat Nederlanders maar moeten oprotten als ze de multiculturele samenleving niks vinden. Dat was de heer Kuzu van de fractie van Denk. Ik zou tegen hem willen zeggen: rot zelf lekker op. U bent het vergif van deze samenleving en democratie. Dit is ons land, niet uw land. Uw land is Turkije.”

Kuzu reageerde ook fel: ,,Of de heer Wilders dat nou leuk vindt of niet. Wen daar een keertje aan.”

Privékwestie

Ook verwees Wilders naar een privékwestie van D66-leider Alexander Pechtold toen hij zei dat hij ‘weet dat meneer Pechtold in Meppel meer te doen heeft dan wetgevend werk’. Hij verwees daarmee op de recente affaire rond een D66-raadslid dat door een verbroken relatie met Pechtold ook de partij vaarwel zei.

Pechtold reageerde woedend. Hij vroeg zich al voor het debat af: ,,Zou hij het doen? Zou hij de grens van privé en werk nog verder gaan oprekken? Ik heb hier vaak de degens gekruist met meneer Wilders, maar altijd op politieke ideeën. Het is tekenend voor hoe u anderen weg probeert te zetten. Dat is sneu.’’ 

Wilders beet hem hierop toe: ,,Ga toch weg. Er bestaat geen grotere hypocriet dan Pechtold.’’