Volledig scherm
© Hollandse Hoogte / Westend61 GmbH

Diesel verkiezingsthema Duitsland

Dat hun auto’s sterk en snel zijn, wisten de Duitsers al lang. Dat ze daarnaast heel vies zijn, ontdekken ze nu ook. In Stuttgart, autostad bij uitstek, eisen burgers zelfs een verbod op diesels. Maar het huwelijk tussen politiek en industrie is hecht.

Tussen zijn huis in het dorpje Esslingen en zijn kantoor in het centrum van Stuttgart gaapt een afstand van 20 kilometer. Jan Lutz (42, vader, verkeerskundige) overbrugt die afstand op de fiets, iedere dag weer. Ook als het regent. Ook als het sneeuwt. En ja, ook als het stormt. 20 kilometer heen, 20 kilometer terug. Dag na dag.

Jan doet zichzelf graag een beetje pijn, zo nu en dan. Hij heeft hart voor het milieu. Toch is de drijfveer achter zijn tweemaal daagse fietstochten in de kern veel praktischer. ,,Het is de snelste manier om op mijn werk te komen. Met de racefiets ben ik er in veertig minuten. Met de auto of het openbaar vervoer red ik dat nooit.”

Op het eerste gezicht heeft Stuttgart, hoofdstad van deelstaat Baden-Wurtemburg, veel van wat een woonplaats tot paradijs kan maken. De stad ligt in een vallei, wijnranken groeien tegen de heuvels op. Mooi weer, oude gebouwen, groene parken. Bovendien draait de economie als een turbo-dieselmotor van Mercedes-Benz, de lokale trots. En, alsof dat allemaal nog niet genoeg is: sinds deze zomer speelt de plaatselijke Vou-ef-bee weer in de Bundesliga, de hoogste Duitse voetbalklasse.

Volledig scherm
Jan Lutz milieuactivist in Stuttgart © Roderick Aichinger

Maar toch: een paradijs kun je Stuttgart niet noemen. Het stationsgebied, om te beginnen, oogt alsof er vorig jaar een bom is ontploft. Een grote krater, honderden meters breed, honderden meters lang en meters diep, vol bouwvakkers, -kranen en - keten. Alle perrons en sporen worden een kwartslag gedraaid. Dat kost klauwen vol geld. Tot afgrijzen van veel stadsbewoners, die nu al jaren in een bouwput leven.

Van dit project kun je nog zeggen dat het tijdelijk is. Even doorbijten, en klaar is Klaus. Helaas is er meer wat de Stuttgarters zorgen baart.

Koert Groeneveld stuurt zijn minivan door de drukke straten. De Nederlander woont zelf een eindje buiten de stad. Hij vertelt over vrienden die een huis ‘in het dal’ willen kopen. Een eenvoudig driekamerappartement, keukentje erbij, badkamer. ,,Daar betaal je in Stuttgart inmiddels vijf of zes ton voor. Het gaat goed met de economie, steeds meer mensen willen in de stad wonen, maar er is geen plek meer – letterlijk. Er is geen bouwgrond meer over.”

Ook in een ander opzicht heeft de vallei waarin Stuttgart ligt trekjes van een snelkookpan. Het dal heeft slechts één echte opening, aan de noordoostkant. Al het verkeer moet daar doorheen. Het zorgt voor een ongekende druk op het plaatselijke wegennet, zeker in de spits. Nergens in Duitsland is er meer file dan hier.

Stuttgart is daardoor ook de schmutzigste stad van het land.,,Als het niet waait, kan die vieze lucht nergens heen”, zegt een oudere bezoeker van Gaststätte Wohnzimmer, een café aan de Schlossstrasse in het westen van de stad. Hij haalt zijn neus op, met een veelbetekenende blik. Alsof de geur nog steeds niet is verdwenen.

Jan Lutz, de fietser, heeft er een wetenschappelijke term voor: Inversionswetter. ,,Doordat we in een dal leven, is de lucht in de stad soms kouder dan de lucht die boven de stad hangt. Het komt vooral in de winter voor, en het gevolg is dat er een soort deken over de stad ligt, waaruit schadelijke stoffen niet kunnen ontsnappen. Dat kan weken duren.”

De Neckarstrasse, een dubbele driebaansweg in de buurt van het centrum, is officieel het meest vervuilde punt van Duitsland. Auto’s razen voorbij, in een eindeloze stroom. In de flats pal langs de verkeersader koken honderden Stuttgarters hun eten. Ze drogen hun was op het balkon. Echt gezond kan dat niet zijn.

Tegelijk is fijnstof onzichtbaar, geurloos ook. Als je het niet wilt zien, is het er niet. Hoe vies de Neckarstrasse ook mag zijn: niemand stort ter aarde als hij er een kwartiertje op het trottoir gaat staan. Dat maakt het verleidelijk om de boel te bagatelliseren, zegt Lutz.

Om zijn stads- en landgenoten bewust te maken van de problemen, ontwikkelde hij een fijnstofsensor voor thuisgebruik. Gebruikers moeten zelf de onderdelen kopen. Op internet staat een eenvoudige handleiding. Zelfbouwers hebben onder meer twee stukken regenpijp, een rubberen buisje en een usb-kabeltje nodig. ,,Binnen een kwartiertje is ie klaar en kun je hem in je tuin of op je balkon hangen.”

Op www.luftdaten.de verwerkt Lutz de data die de sensoren registreren op een interactieve kaart van Duitsland. Een groen bolletje verschijnt waar sensoren een veilige fijnstofwaarde meten, een rood bolletje waar de norm wordt overschreden. De kaart telt al tweeduizend bolletjes, op slechte dagen kleurt vooral Stuttgart helemaal rood.

Langzaam maar zeker groeit het onbehagen, dat verder is aangewakkerd door het sjoemelschandaal bij Volkswagen. Dat bedrijf manipuleerde milieutesten met speciaal ontwikkelde software. In de nasleep bleek ook dat andere bedrijven minder zuiver op de graat waren dan je zou mogen verwachten. Het maakte de Duitsers bewust van de impact van autoverkeer op de gezondheid.

In steeds meer steden dringen burgers aan op een rijverbod voor dieselauto’s. Zelfs in Stuttgart, thuisbasis van Mercedes en Porsche en autostad bij uitstek. De rechter oordeelde in augustus dat het stadsbestuur de inwoners onvoldoende beschermt tegen vieze uitlaatgassen. Per 1 januari mogen daarom alleen nog nieuwe dieselmodellen, uitgerust met een euro 6-motor, de stad in.

Uiteraard is niet iedereen daar blij mee. Wilko Stark, vice-president strategie bij Daimler, vindt zo’n verbod niet uit te leggen aan dieselrijders. ,,Ontzettend veel mensen hebben hun auto nodig om op hun werk te komen. Een huis in Stuttgart kunnen ze niet betalen, dus ze wonen buiten de stad. Alternatieven zijn er amper. Wat moeten zij doen?”

Stark vindt de lokale overheid aan zijn zijde. Die is inmiddels in beroep gegaan tegen de rechterlijke uitspraak. Ook in de landelijke politiek bestaat grote weerstand tegen dieselverboden. Niet in de laatste plaats omdat zo’n ban de auto-industrie economisch pijn zou doen. Bij Daimler zijn ze er blij mee. Stark: ,,De CDU en de SPD, die nu de coalitie vormen, snappen dat veel werknemers zwaar afhankelijk zijn van de auto-industrie. Het is de grootste industrie van Duitsland.”

Bij de milieubeweging worden ze tureluurs van de innige band tussen politiek en industrie. ,,Ze gedragen zich als een getrouwd stel”, zegt Jürgen Resch, voorzitter van de Deutsche Umwelthilfe. ,,Als er een probleem is, gaan ze samen een kamertje in om het op te lossen. De politiek wil de industrie beschermen, zelfs als die aantoonbaar crimineel gedrag vertoont. Er is geen enkele straf uitgedeeld. Volkswagen heeft nog geen vijf euro boete betaald.”

Bij Daimler snappen ze best dat mensen boos zijn . ,,Wat gebeurd is, is onacceptabel”, zegt Stark. ,,Maar omdat sommige mensen iets fout hebben gedaan, is nog niet iedereen slecht. Wat bij Volkswagen gebeurd is, is echt een andere situatie. Bovendien neemt de industrie maatregelen. Oude diesels krijgen een software-update. En onze nieuwe modellen voldoen aan alle milieunormen.”

Het is niet genoeg, vindt Resch. Hij rust pas als álle oude diesels aan de strengste milieunormen voldoen, een operatie die minstens tien miljard euro kost. ,,De auto-industrie maakt genoeg winst, ze kunnen dat geld missen.”

Al zijn vertrouwen is gevestigd op de Duitse rechters. ,,Van de politiek verwacht ik niks. Ze zitten in de greep van de autobouwers. De rechter zal ze moeten dwingen goed voor hun burgers te zorgen. Want daar gaat het om: mensen verdienen een gezonde leefomgeving.”

Volledig scherm
Bondskanselier Angela Merkel bekijkt een elektrische Volkswagen tijdens de Frankfurt Auto Show (IAA) © Getty Images

Kop
Politici in Duitsland discussiëren zich de blaren op de tong over elektrisch rijden. De auto is een van de belangrijkste thema’s bij de Bondsdagverkiezingen van komende zondag, nadat Duitsland zich de woede van de halve wereld op de hals haalde met het dieselschandaal. Fabrikanten bleken software in hun modellen in te bouwen om de uitstoot van schadelijke stoffen te verhullen. Het gesjoemel met de uitstootwaarden van miljoenen auto’s leverde de voor Duitsland belangrijke voertuigindustrie, die werk biedt aan 800.000 mensen, gigantische imagoschade op. Beurskoersen kelderden, topbestuurders gingen door het stof. ,,We hebben het totaal verprutst", zei Volkswagendirecteur Michael Horn. ,,We moeten dit goedmaken met onze klanten en met de overheid.” Bondskanselier Angela Merkel verweet de autobouwers dat ze de regels aan hun laars hadden gelapt maar critici vinden dat ze daar medeverantwoordelijk voor is. De politiek onderhoudt sterke banden met de autofabrikanten, die een pijler vormen onder de Duitse economie. De regering zit dan ook flink met het schandaal in de maag. Ze wil de industrie te vriend houden, maar moet ook het vertrouwen van de kiezers zien te herstellen. Fabrikanten en politici belegden een top over de toekomst van de Duitse auto-industrie. Merkel nam de leiding, waarmee 'dieselgate' definitief een politiek onderwerp werd. De Bondskanselier wil dat dieselmotoren schoner worden dan ze nu zijn maar vindt ook dat fabrikanten zelf maar moeten uitzoeken hoe en wanneer ze dat doen. Verder beloofde Merkel te overleggen met gemeenten die veel last hebben van luchtvervuiling, over uitbreiding van het aantal oplaadpunten voor elektrische auto's. Martin Schulz van de sociaaldemocratische SPD, vindt het niet ver genoeg gaan. Hij wil dat de overheid fabrikanten verplicht om elektrische auto’s te bouwen, al is het maar omdat landen als Noorwegen, Frankrijk en Groot-Brittannië mede vanwege het dieselschandaal een verbod op vervuilende auto’s hebben afgekondigd. Maar de Duitsers moeten ook mee met de tijd om te kunnen blijven concurreren met fabrikanten van elektrische auto’s in China en de Verenigde Staten. De Bondsdagverkiezingen van zondag zijn daarom een graadmeter voor de tevredenheid van de kiezers over de manier waarop de voertuigfabrikanten en de politiek het dieselschandaal aanpakken. Want op weinig dingen zijn de Duitsers zo trots als op hun auto-industrie.