Volledig scherm
Lege incheckbalies op het vliegveld van Luton na het faillissement van de Britse vakantievlieger Monarch. © REUTERS

Faillissementen leiden
tot reuzen in de luchtvaart

LuchtvaartDe bomen groeien tot in de hemel in de Europese luchtvaartsector, toch vallen er maatschappijen om. Hoe kan dat? Het is simpel, zeggen deskundigen: de groten groeien groter en laten niets over voor de rest.

Kort achter elkaar viel het doek voor drie kwakkelende Europese vliegmaatschappijen: Alitalia, Air Berlin en - deze week - Monarch. De bedrijven zaten al tijden in de problemen maar wisten die lange tijd te verhullen, dankzij lage brandstofkosten en een sterke euro. Tot het écht niet meer ging.

Dat maatschappijen ter ziele gaan, is van alle tijden, benadrukt Eric Pels, luchtvaarteconoom aan de Vrije Universiteit. ,,Alleen zijn het er nu toevallig drie kort achter elkaar.''

De overgebleven groep vliegtuigmaatschappijen krijgt steeds meer marktaandeel. Die zogeheten consolidering is relatief nieuw in Europa, zegt Pels: ,,Aan die schaalvergroting zijn Amerikaanse passagiers allang gewend. Binnen een paar jaar tijd werden in de Verenigde Staten negen grote maatschappijen samengevoegd tot nog maar vier. Het land heeft de luchtvaartsector veel eerder gedereguleerd dan Europa, met het idee dat er met meer maatschappijen meer concurrentie zou ontstaan. Het resultaat is juist dat er maar een paar grote overbleven.''

Europa gaat ook in rap tempo die kant op. Nu al zijn er vijf grote spelers: prijsvechters Ryanair en Easyjet en Air France-KLM, Lufthansa en IAG (British Airways en Iberia), allen met inmiddels meerdere goedkope dochterondernemingen.

Eerst failliet

Volgens luchtvaarteconoom Hans Heerkens van de Universiteit Twente kan een groot aantal kleine en middelgrote vliegmaatschappijen, vaak staatsbedrijven, op de lange termijn niet overleven. Denk bijvoorbeeld aan het Scandinavische SAS, Tap Air Portugal, het Roemeense Tarom, Air Malta, Finnair, Czech Airlines of Luxair. ,,Dat zijn stuk voor stuk overnamekandidaten. Maar er is weinig belangstelling voor omdat de maatschappijen een kleine markt bedienen, hoge kosten maken en vaak in de schulden zitten. Voor investeerders is het aantrekkelijker als zo'n maatschappijen eerst failliet wordt verklaard.''

Volledig scherm
Twee toestellen van Monarch staan werkloos op de luchthaven van Luton. © REUTERS

Dat blijkt. Koud zijn Monarch, Air Berlin of Alitalia bankroet of de concurrenten verdringen zich likkebaardend voor de toestellen, piloten, waardevolle vliegroutes of fel bevochten landingsrechten.

Het is voor vliegmaatschappijen steeds moeilijker om een doelgroep te vinden. De traditionele chartermaatschappijen, zoals het nu failliete Monarch, zien dat prijsvechters een deel van de stoelen reserveren voor vakantiegangers. De traditionele luchtvaartmaatschappijen zien dat zakenreizigers net zo makkelijk kiezen voor een budgetvlieger.

Almaar goedkoper

Heerkens: ,,Ik zou momenteel niet graag in de schoenen van KLM-baas Pieter Elbers staan. De maatschappij draait op overstappers die hun aansluitende vlucht moeten halen. Toestellen moeten dus wachten en kunnen daardoor minder vaak vliegen dan die van de concurrent. Ondertussen zijn prijsvechters gaan samenwerken om overstappers af te pakken. De klant boekt zijn reis in één keer maar vliegt met twee verschillende maatschappijen. Het leidt tot wat gedoe, want je moet op de overstapluchthaven zelf je koffer van de band pakken en weer afgeven bij de maatschappij waarmee je verder vliegt. Maar het is tientallen, soms wel honderden euro's goedkoper.''

Tegelijk moeten netwerkmaatschappijen waken voor het imiteren van prijsvechters, zegt Pels. ,,Air Berlin ging ter ziele omdat de maatschappij goedkoop wilde zijn, maar ondertussen hoge kosten maakte. De maatschappij positioneerde zich niet, wilde alles en iedereen bedienen. Dat kan niet meer.''

Tegelijkertijd leidt het almaar groter groeien van vliegmaatschappijen net zo goed tot problemen, blijkt bij Ryanair. Met goedkope stoelen verdient de maatschappij veel geld, maar die werkwijze heeft een keerzijde. Er zijn problemen met de planning en piloten lopen weg, omdat ze zich uitgeknepen voelen. Daardoor moet de maatschappij duizenden vluchten annuleren. Gedupeerde passagiers bereiden schadeclaims voor.

Luchtvaartmaatschappijen stortten zich jarenlang op nieuwe routes tussen kleinere vliegvelden en de winstgevendste routes tussen grote luchthavens. Nu de markt verzadigd is, concurreren ze elkaar op prijs de tent uit. Dat kan niet eindeloos doorgaan, stelt Pels. ,,Uiteindelijk wil geen enkele maatschappij vliegen met halflege toestellen. Dan kun je maar beter samen gaan.''