Volledig scherm
© ANP XTRA

Huizenkoper verliest vertrouwen in de woningmarkt

De situatie op de woningmarkt wordt steeds nijpender voor kopers. Volgens de nieuwste monitor koopwoningmarkt van TU Delft loopt het aanbod van koopwoningen rap terug. Het gevolg: de consument begint het vertrouwen in de woningmarkt te verliezen.

Het zal herkenbaar zijn voor de gemiddelde huizenzoeker. Je ziet een leuke woning op Funda en belt direct voor een bezichtiging. Grote kans dat je nét te laat bent. Of: als het wél tot een bezichtiging komt, dan sta je daar waarschijnlijk niet als enige. Heb je je zinnen gezet op dat ene huis, dan moet je diep in de buidel tasten en fors overbieden om andere kapers weg te jagen.

Het is geen pretje voor de potentiële koper, vat hoogleraar Peter Boelhouwer van TU Delft samen. De belangrijkste verklaringen: het aanbod van nieuwe en bestaande koopwoningen blijft dalen én de prijs blijft stijgen.

Cijfers onderbouwen dat beeld. Het aantal verkochte woningen lag in het tweede kwartaal op 52.900, 10 procent minder dan in dezelfde periode vorig jaar. De gemiddelde verkoopprijs ligt inmiddels met 284.639 euro ruim boven het niveau van net voor het uitbreken van de crisis in 2008. Dat was toen 259.425 euro.

Gekte 

Deze ontwikkelingen blijven niet zonder gevolgen: de gekte begint huizenzoekers steeds meer tegen te staan, zo blijkt uit de monitor koopwoningmarkt van TU Delft die elk kwartaal verschijnt. Het vertrouwen is tanende en die lijn zet zich door.

,,Als dit zo doorgaat, dan zullen er voor het einde van dit jaar voor het eerst sinds augustus 2014 weer meer huishoudens zijn die geen vertrouwen in de woningmarkt hebben dan huishoudens die positief zijn gestemd.”

Een kentering, dus. Is dat erg? Ja, zegt Boelhouwer. Een zorgelijke ontwikkeling, noemt hij het. Naast de financiële mogelijkheden is namelijk vertrouwen nodig om de woningmarkt draaiende te houden. Zonder dat vertrouwen haken kopers af.

Boelhouwer: ,,Je ziet al dat mensen zich nu al minder oriënteren op een huis. Na de zoveelste teleurstelling laten ze het erbij zitten. Zeker voor mensen met een gemiddeld of laag inkomen is het met de stijgende huizenprijzen bijna niet meer te doen.”

Ook dit wordt bevestigd door de cijfers: gemiddeld ligt de betaalde koopprijs nu amper 0,1 procent onder de vraagprijs. In grote delen van Nederland met een krappe woningmarkt moeten kopers dus inmiddels meer dan de vraagprijs betalen.

Problematisch

Echt problematisch wordt het op de woningmarkt als de hypotheekrente oploopt, vermoedt de woningmarktdeskundige van de TU Delft. De rente schommelt nu nog rond de 2,5 procent. ,,Als de hypotheekrente stijgt naar 5 of 6 procent, dan is het voor veel mensen gedaan met de financierbaarheid.”

Het kan ertoe leiden dat de woningmarkt weer net zo vast komt te zitten als in de crisisjaren. Destijds daalden huizenprijzen met 20 tot 25 procent, waardoor dik 1 miljoen huishoudens onder water kwamen te staan. Oftewel: de hypotheek was  hoger dan de waarde van het huis.

Zo somber ziet Boelhouwer het niet in. ,,Er is vooralsnog geen reden om aan te nemen dat de rente zo hard gaat stijgen. En uit onderzoek blijkt dat mensen een stijging tot 3 of 4 procent wel kunnen hebben, ook doordat de salarissen stijgen en er overwaarde op de woningen is ontstaan. Bovendien is op de kapitaalmarkt genoeg geld beschikbaar.”

Waar alle woningmarktdeskundigen het over eens zijn: de woningmarkt heeft snel behoefte aan méér aanbod. Van de toename van nieuwbouw hoeven de huizenzoekers weinig te verwachten. In de laatste vier kwartalen blijft het aantal verstrekte vergunningen steken rond de 15.500 woningen. ,,De door de overheid gewenste nieuwbouwproductie van jaarlijks 75.000 woningen zullen we de komende twee jaar zeker niet halen."