Volledig scherm
In onder meer de bouw en in de techniek is er komende jaren werk in overvloed © ANP

Komende vijf jaar banen in overvloed

Werkgevers in de zorg, ICT, techniek, bouw en onderwijs zullen tot 2022 nauwelijks geschikte arbeidskrachten kunnen vinden. Dat blijkt uit nieuwe arbeidsmarktprognoses van de Universiteit Maastricht. 

Quote

In de zorg komt steeds meer werk: door de vergrijzing neemt de vraag toe, ook investeert het Kabinet fors.

Didier Fouarge, hoogleraar Arbeidseconomie

Door de prima draaiende economie, met pensioen gaande babyboomers en nieuw overheidsbeleid hebben werknemers het voor het uitkiezen, valt te lezen in het rapport 'De arbeidsmarkt naar opleiding en beroep tot 2022'. De komende vijf jaar zijn er banen in overvloed.

Doordat het kabinet miljarden in de zorg pompt, worden tekorten in zowel lage als hoge medische functies verwacht: artsen, fysiotherapeuten, laboranten, verpleegkundigen en medische praktijkassistenten.

In de techniek houdt de krapte – ondanks dat alle wervingscampagnes wel degelijk effect sorteren – aan. Er is en blijft een grote behoefte aan elektriciens, elektromonteurs, ingenieurs, architecten en bouwkundigen. Knelpunten zijn er verder in de ICT. In 9 op de 10 ICT-beroepen – met name software- en applicatieontwikkelaars – zijn medewerkers lastig te vinden.

In het basisonderwijs zorgt uittredend personeel voor een grote vraag naar leraren.

Volledig scherm
Didier Fouarge © RV

Pensionering

Al met al zijn er door de gunstige economische perspectieven 520.000 nieuwe mensen nodig op de arbeidsmarkt, concludeert het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt van de Universiteit Maastricht. Dat is een groei van 1 procent per jaar. 1,5 miljoen werknemers verlaten diezelfde arbeidsmarkt vanwege onder meer pensionering, 1,6 miljoen jongeren nemen hun plaats in.

De overige ruim 400.000 personen moeten komen uit werknemers die nu geen of onvoldoende werk hebben. Dat kan bijvoorbeeld door omscholing uit beroepen met weinig baankansen. Een deel van de parttime werknemers zal meer uren krijgen, verder valt te denken aan zelfstandigen die weer in loondienst komen. Ook migranten kunnen het gat deels vullen.

Op het oog lijkt het vreemd dat een hogere instroom in het techniekonderwijs niet tot een afnemend banentekort leidt. Toch klopt het, legt hoogleraar arbeidseconomie Didier Fouarge uit. ,,Dat heeft er mee te maken doordat niet alle technisch gediplomeerden een baan zoeken in de techniek.”

Ouderenmanifest
De tekorten in de zorg laten zien hoe snel het perspectief kan wijzigen: in 2015 ging het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt nog uit van forse bezuinigingen. Zorgaanbieders ontsloegen personeel bij bosjes. ,,De gunstige perspectieven zijn enerzijds het gevolg van de groeiende zorgvraag, maar ook van beleidsveranderingen.” 

Een belangrijke rol daarbij speelde daarin klokkenluider Ben Oude Nijenhuis en vervolgens het ouderenzorgmanifest van Hugo Borst en Carin Gaemers in deze krant.

Verder lezen na de foto

Volledig scherm
Eerstejaars studenten van de Erasmus Universiteit Rotterdam volgen college. Ze hebben uitstekende baankansen, zeker als ze de juiste studierichting kiezen. © ANP

Inkomen

Quote

Hoewel laagopgeleiden weer aan het werk raken, daalt hun inkomen.

Prognose Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), UM

Opmerkelijk aan de prognoses is verder dat laagopgeleiden weliswaar steeds beter aan de bak komen, maar dat hun inkomen daalt. Dat komt doordat er overaanbod is. ,,Laagopgeleiden ondervinden concurrentie van elkaar, van scholieren met een bijbaantje, en ook van hoger opgeleiden die hen verdringen op de arbeidsmarkt."

Opvallende bevinding is daarnaast dat de werkloosheid van ouderen een stuk minder hard daalt dan bij andere groepen. Dat komt, zo denken Fouarge en zijn collega’s, doordat de arbeidsparticipatie van ouderen flink is gegroeid. En dan met name laag- en hoogopgeleiden, zelfs na de AOW-leeftijd.

,,Laagopgeleiden werken waarschijnlijk vanwege financiële redenen uit noodzaak door na hun AOW. Bij hogeropgeleiden zal het eerder zijn omdat zij in leuke uitdagende functies zitten.”

Studiekeuze

Volgens Fouarge tonen de nieuwe prognoses dat de tekorten nog veel hardnekkiger zijn dan gedacht. Verder bewijzen de cijfers dat jongeren veel beter geïnformeerd moeten worden over waar hun baankansen liggen. ,,In de techniek zijn er volop kansen, ook voor MBO-gediplomeerden. In de economisch-administratieve richtingen zijn de vooruitzichten duidelijk minder gunstig. Het lijkt mij zeer belangrijk dat jongeren die verschillen in arbeidsmarktkansen meenemen in hun studiekeuze."

  1. Ik ben ontzettend blij dat er ongelijkheid is

    Ik ben ontzettend blij dat er ongelijkheid is

    Laat ik hier heel duidelijk over zijn: ik ben ontzettend blij dat er ongelijkheid is. Ik zou niet willen leven in een land waarin iedereen evenveel heeft. We zijn nou eenmaal ongelijk. Volgens psychologen bereiken we de hoogste staat van geluk terwijl we het beste uit onszelf proberen te halen. Inkomen is niet zaligmakend, maar het vooruitzicht van meer inkomen is een belangrijke drijfveer voor mensen om hun best te doen. Vraag je maar eens af waarom jij iedere dag naar je werk gaat en wat je zou doen als je het geld kreeg...precies, lekker apathisch zappen op de bank. Zonder het vooruitzicht op meer door hard te werken verdwijnt de energie die alles draaiende houdt in de wereld, ook onze levenslust. Maar daarbij zijn twee cruciale mitsen: ongelijkheid van uitkomsten stimuleert alleen als de káns op een zo hoog mogelijke plek op de sociale ladder wél gelijk is. Onbelemmerde toegang tot onderwijs en arbeidsmarkt is daarvoor een must. De tweede en misschien nog wel belangrijker is dat er procedurele gelijkheid moet zijn. De allerarmsten (ook in Nederland) moeten systematisch meer moeite doen om de gewoonste zaken in het leven te regelen. Rijke mensen en bedrijven sluizen hun vermogen met gemak uit het zicht van de belastingdienst. Zo wordt ongelijkheid onrechtvaardig.