Volledig scherm
De Heineken Music Hall die inmiddels 'AFAS Live' heet. © ANP Kippa

Marktwaarde Heineken Music Hall halveert na naamswijziging in AFAS Live

De naamswijziging van de Heineken Music Hall in AFAS Live heeft de populariteit van de concertzaal enorm doen kelderen. Dat blijkt uit het vanmorgen verschenen Cultuursector Merkenonderzoek.

Gold de HMH  in de vorige editie van het onderzoek nog als Nederlands vijfde concertlocatie op de ranglijst van de sterkste podiummerken, met de nieuwe naam 'AFAS Live' scoort de Amsterdamse zaal slechts een magere zeventiende plek. De merkwaarde is gehalveerd, blijkt uit het zevende Cultuursector Merkenonderzoek van Hendrik Beerda Brand Consultancy.

Voor het onderzoek, waaraan ook de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Twente meehielpen peilde Hendrik Beerda Brand Consultancy 3450 Nederlanders. 

Geen grote pr

De Heineken Music Hall is sinds januari 2017 vernoemd naar softwarebedrijf AFAS uit Leusden. Na vijftien jaar sponsorschap besloot de bierbrouwer het contract niet te verlengen. AFAS, ook al naamgever van het Circustheater en het AZ-stadion, sprong in het gat. Voor hoeveel euro per jaar is onbekend. De naam brengt de naamgever nog niet de grote pr waar deze wellicht op gehoopt had. Voor veel Nederlanders geldt de hal nog steeds als HMH: Heineken Music Hall.

Nummer één concertlocatie van Nederland is overigens de Ziggo Dome, nummer twee theater Carré, nummer drie Ahoy Rotterdam en nummer vier de Amsterdam Arena.

Volledig scherm
En de nieuwe naam AFAS Live © ANP Kippa

Anne Frankhuis populairste museum

Volledig scherm
Het Anne Frankhuis in Amsterdam is het Nederlandse museum met de beste reputatie © REUTERS

Het Cultuursector Merkenonderzoek is echter veel breder, zoals de naam ook aangeeft. Het Anne Frankhuis laat bijvoorbeeld het Rijksmuseum en het Van Gogh Museum achter zich als museum met de sterkste reputatie. Daarna volgen het Spoorwegmuseum in Utrecht en het Kröller-Müller Museum in Otterloo.

De top tien wordt gecompleteerd door het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem, het Scheepvaartmuseum, het Stedelijk, Naturalis in Leiden en het Tropenmuseum. Het Mauritshuis in Den Haag valt net buiten de top tien.

Het aantal musea met een nationale uitstraling is met vijf gegroeid tot 25 en de bezoekers stromen toe. In totaal trokken de 694 Nederlandse musea vorig jaar bijna 35 miljoen bezoekers.

Bløf

De Nederlandse museumsector heeft er niet eerder zo goed voorgestaan, concluderen de onderzoekers die het Cultuursector Merkenonderzoek samen met de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Twente ontwikkelden.  

Op het gebied van popmuziek is Bløf al twaalf jaar de populairste band van Nederland. De Zeeuwen blijven Golden Earring, De Dijk, Racoon en Di-rect voor.

Het Metropole Orkest is het gesubsidieerde gezelschap met het sterkste imago. Het internationaal bekendere Koninklijk Concertgebouworkest staat op nummer twee,  het Philharmonisch Orkest op drie, gevolgd door het Nationale Ballet en het Scapino Ballet Rotterdam.

Volledig scherm
De Zeeuwse band Bløf met hier leadzanger en gitarist Paskal Jacobsen. © ANP Kippa

Cultuur is status

Quote

Door cultuurbe­zoek willen mensen laten zien wie ze zijn

Hoogleraren Fred Bonner en Robert de Hoog

Volgens de onderzoekers gebruiken Nederlanders concert- en museumbezoekjes steeds meer om te laten zien wat hun status is. ,,Niet alleen door de aanschaf van auto's en horloges, maar ook met het cultuurbezoek willen mensen aan hun omgeving laten zien wie ze zijn en wat hun status is", zeggen hoogleraar gedragswetenschappen Fred Bonner (UvA) en professor informatiemanagement Robert de Hoog (UT).

Dankzij sociale media zijn de kansen om met cultuurbezoek te showen sterk toegenomen', verklaren UvA-professor Fred Bronner en UT-professor Robert de Hoog. Eerder deden de twee professoren vergelijkbaar onderzoek naar de vakantiemarkt.  

De professoren hebben dan ook een advies voor de culturele organisaties: ,,Culturele organisaties kunnen van dit onderzoek leren hoe belangrijk het is om bezoekers te stimuleren om hun ervaringen met anderen te delen. Bijvoorbeeld door museumbezoekers toe te staan een selfie te maken bij de topstukken, waarna ze deze kunnen delen op sociale media."