Volledig scherm
Schapen hoeden op het Dwingelderveld. © ANP

Reddingsplan voor oud-Hollandse beroepen

Oud-Hollandse, ambachtelijke beroepen mogen niet verdwijnen. Een meerderheid in de Tweede Kamer wil dat het kabinet met een reddingsplan komt om oude ambachten - zoals molenaar, schaapsherder en rietsnijder - in stand te houden.

Het CDA in de Tweede Kamer stelt deze week voor om een programma op te zetten dat ervoor zorgt dat de oude ambachten in trek blijven. Regeringspartijen VVD, D66 en ChristenUnie steunen het voorstel, waarmee er een meerderheid voor is.

,,We moeten voorkomen dat de molenaar, de botenbouwer, de schaapsherder en de rietsnijder in Nederland uitsterven", zegt CDA-Kamerlid Jaco Geurts, die zijn voorstel tijdens het begrotingsdebat zal voorleggen aan minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. ,,De nood is hoog, familiebedrijven staan onder druk."

Vakmanschap

Volgens Geurts is het van 'cultuurhistorisch belang' dat ambachtslieden met hun vakmanschap 'tradities voortzetten en tegelijkertijd met natuurlijke materialen en grondstoffen werken'. ,,Ik zie dat bijvoorbeeld de rietsnijders in de Kop van Overijssel het nu heel zwaar hebben. Zij krijgen lagere vergoedingen voor hun werk in natuurgebieden en de concurrentie uit China neemt toe: daar komt steeds vaker goedkoop riet vandaan."

Ook is het voor ambachtslieden lastig een opvolger voor hun bedrijf te vinden. ,,Dit kabinet wil geld investeren in technische opleidingen. De oude ambachten zouden daarvan moeten profiteren." Het CDA wil dat het kabinet met de provincies om tafel gaat om te kijken onder welke beroepsgroepen de nood het hoogst is.

Volledig scherm
Rietsnijden bij het Naardermeer. © ANP XTRA

Subsidies

Volgens Geurts moet het geld om de oud-Hollandse beroepen in stand te houden vooral uit Europese subsidies komen, zoals het plattelandsontwikkelingsprogramma (POP). ,,We kunnen ook aanspraak maken op andere EU-regelingen", stelt de CDA'er.

Ook uit toeristisch oogpunt is het belangrijk dat de ambachten blijven bestaan, vindt Geurts. ,,In Giethoorn wordt met ambachtelijke punters gevaren. Dat willen Chinese toeristen het liefst, zij zitten niet graag in een kunststof bootje. Daarom is het ook van economisch belang dat de ambachtelijke botenmakers niet verdwijnen."

Quote

In Giethoorn wordt met ambachtelijke punters gevaren. Dat willen Chinese toeristen het liefst, zij zitten niet graag in een kunststof bootje

  1. Ik ben ontzettend blij dat er ongelijkheid is

    Ik ben ontzettend blij dat er ongelijkheid is

    Laat ik hier heel duidelijk over zijn: ik ben ontzettend blij dat er ongelijkheid is. Ik zou niet willen leven in een land waarin iedereen evenveel heeft. We zijn nou eenmaal ongelijk. Volgens psychologen bereiken we de hoogste staat van geluk terwijl we het beste uit onszelf proberen te halen. Inkomen is niet zaligmakend, maar het vooruitzicht van meer inkomen is een belangrijke drijfveer voor mensen om hun best te doen. Vraag je maar eens af waarom jij iedere dag naar je werk gaat en wat je zou doen als je het geld kreeg...precies, lekker apathisch zappen op de bank. Zonder het vooruitzicht op meer door hard te werken verdwijnt de energie die alles draaiende houdt in de wereld, ook onze levenslust. Maar daarbij zijn twee cruciale mitsen: ongelijkheid van uitkomsten stimuleert alleen als de káns op een zo hoog mogelijke plek op de sociale ladder wél gelijk is. Onbelemmerde toegang tot onderwijs en arbeidsmarkt is daarvoor een must. De tweede en misschien nog wel belangrijker is dat er procedurele gelijkheid moet zijn. De allerarmsten (ook in Nederland) moeten systematisch meer moeite doen om de gewoonste zaken in het leven te regelen. Rijke mensen en bedrijven sluizen hun vermogen met gemak uit het zicht van de belastingdienst. Zo wordt ongelijkheid onrechtvaardig.