Volledig scherm
Olympische ringen in Sotsji © AD

Oympisch Sotsji ademt nog steeds sport

BlogOnze verslaggevers Arjan Schouten en Rik Spekenbrink volgen het Formule 1-circuit op de voet. In blogs melden ze wat hen verbaast in de wereld van pk’s en glitter en glamour

Door Arjan Schouten

Grote kans dat uw verslaggever deze week niet droomt over scheurende auto’s, maar over klappende ijzers. Over oneindig schaatsgoud. Over dat bizarre schaatstoernooi van vijfenhalf jaar terug, waar maar eindeloos gouden medailles om Nederlandse nekken werden gehangen. Slapen mag ik deze week doen in een van de appartementen in het voormalige olympische dorp, waar in 2014 de atleten sliepen. Allemaal verkocht nu, of onderdeel van een hotel. Als ik ’s morgens de gordijnen open van het ruim bemeten appartement, kijk ik zo uit op de Adler Arena. Nu een tennisacademie en regelmatig het onderkomen van congressen, maar destijds de schaatsvloer waar goud gelijk stond aan oranje. Waar Sven Kramer, Stefan Groothuis, Michel Mulder, Jorien ter Mors, Jorrit Bergsma en Ireen Wüst warme herinneringen aan hebben.

Die olympische vibe, het is nog steeds wel een beetje aanwezig in Adler, nabij Sotsji. Overal door het stadje staan de vijf olympische ringen. En natuurlijk staat het complete olympische park nog te pronken met alle futuristische stadions en lichtshows. Max Verstappen en co. racen dit weekend om al die ijshallen en stadions heen. We herkennen Medal Plaza, de Adler Arena, de curlinghal, de olympische vlam en het grote Fisjt Stadion, waar destijds de openingsceremonie was. En naast de Adler Arena wordt ook het Bolsjoj IJspaleis niet vergeten.

Verstappen, er al voor het vijfde jaar op rij bij in Rusland, vertelde het ons donderdag al, toen we met slechts drie Nederlandse journalisten bij hem aanschoven in de paddock van het Autodrom. ,,Niemand wil natuurlijk naar Rusland, hè“, grinnikte hij. ,,Maar ik vind het hier elk jaar beter worden. Je ziet hier elk jaar meer mensen. Mooi om te zien dat het hier niet allemaal voor niets is gebouwd, zoals bijvoorbeeld in Rio de Janeiro.”

Aanvankelijk had ik wat moeite om die lezing te geloven. Ik was net geland op de luchthaven en had alleen nog maar norse taxi-chauffeurs en beveiligers ontmoet. Maar een paar uur later besefte ik al dat Verstappen geen onzin had verkondigd.

Volledig scherm
Het ijshockeystadion © AD

De organisatie van de Russische grand prix had voor geïnteresseerde journalisten tickets geregeld voor de ijshockeywedstrijd van donderdagavond in het Bolsjoj. Het plaatselijke Sochi - met tijgers als mascotte - nam het op tegen Dinamo Moskou. Geen idee wat we moesten verwachten, namen we een gemotoriseerde tuktuk naar het park, waar het al bij de entree wemelde van het volk. Bleek er 12.000 man naar de ijshockeyarena gekomen, waar destijds ook de olympische finale tussen Canada en Zweden werd uitgevochten.

Het vermaak op dode spelmomenten was naar Amerikaans voorbeeld dik in orde en met een 3-4 nederlaag tegen de sterke bezoekers uit de hoofdstad kon het thuispubliek prima leven. Zo werd het een mooie eerste avond aan Sotsji aan de Zwarte Zee. Geen spookstad, zoals Verstappen al beweerde, maar een sportstad waar het vijf jaar na dato meer en meer begint te leven.

Volledig scherm
De ingang van de Paddock Club in Sotsji © AD