Volledig scherm
© ANP XTRA

Afranseling op straat in Sappemeer: wraak of zelfverdediging

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft achttien maanden celstraf (waarvan twaalf voorwaardelijk) geëist tegen een 22-jarige man uit Groningen en een 21-jarige man uit Zuidbroek wegens een poging tot doodslag. Dat meldt het Dagblad van het Noorden vandaag. 

Op 7 april dit jaar mishandelden de twee een man voor een shoarmazaak in Sappemeer. De twee verdachten hadden al langere tijd onenigheid met het slachtoffer. In 2017 was dat geëscaleerd tijdens een feestje. Een van de verdachten zou toen in elkaar zijn geslagen door het slachtoffer.

Slachtoffer agressief

Na anderhalf jaar kwamen ze elkaar in de shoarmazaak weer tegen. De verdachten zeiden dat het (latere) slachtoffer agressief was en dat het leek alsof hij de aanval wilde inzetten. ,,Hij zette zijn bril af en kwam op mij af met gebalde vuisten,’’ aldus verdachte M.B.

In de rechtszaal werden de beelden getoond van de vechtpartij. Te zien is dat het slachtoffer snoeihard wordt geslagen, onderuit gaat waarna op hem wordt ingeslagen en ingeschopt. Dat het slachtoffer de agressor is - één getuige heeft dat verklaard - is niet op de beelden te zien.

Verdachte S.D. zei, nadat hij zichzelf op de beelden terug had gezien, geschrokken te zijn. ,,Dat het zo heftig is. Zo ben ik helemaal niet.’’

Bang voor het slachtoffer

De rechters hielden de verdachten voor dat het geweld uitgelegd zou kunnen worden als wraak. De verdachten spraken dat tegen en zeiden dat ze handelen uit zelfverdediging. Ze waren bang voor het slachtoffer, niet alleen vanwege het eerdere incident in 2017, maar ook omdat het slachtoffer in de regio een zekere reputatie geniet, zei de advocaat van D.

Naast celstraf vindt het OM dat de twee verdachten bijna 3.000 euro schadevergoeding aan het slachtoffer moeten betalen. Het slachtoffer zelf had om een vergoeding van meer dan 15.000 euro gevraagd.

Klassiek noodweerexces

Volgens de raadsman is er sprake van een klassiek noodweerexces en dan kan er geen veroordeling volgen. ,,Hij handelde uit angst, het licht ging uit, er was sprake van een hevige gemoedstoestand.’’ Vinden de rechters hem wel schuldig, dan is een voorwaardelijke jeugddetentie passend.

De advocaat van de 21-jarige M.B. stelde dat er van een poging tot doodslag geen sprake: B. heeft niet tegen het hoofd geschopt. ,,Uit de beelden kun je dat ook niet opmaken. Het feit dat het slachtoffer nog diezelfde dag het ziekenhuis kon verlaten, zegt ook iets.’’ Ook de advocaat van B. hield de rechters voor dat het slachtoffer bekendstaat als iemand die niet terugdeinst voor geweld. ,,Daar moet rekening mee worden gehouden.’’

De rechtbank doet over twee weken uitspraak.

In samenwerking met indebuurt Groningen