Volledig scherm
Hoogkerk. © Google Street View

Jochies vanaf 9 jaar terroriseren Hoogkerk: 'Pak die ouders eens aan'

Iedereen in de oude kern van Hoogkerk weet wie ze zijn: de jongeren die zoveel vernielingen aanrichten en angst inboezemen dat burgemeester Den Oudsten een samenscholingsverbod heeft ingesteld. „Ze hebben overal schijt aan, en de volwassenen staan erbij om ze aan te moedigen.”

„Voor in de krant?” wil de Hoogkerker zestiger weten als er naar zijn naam gevraagd wordt door Dagblad van het Noorden. Nou, nee, doe dat toch maar liever niet. „Dan gooien ze straks van alles naar míj.”

Hij weet als geen ander waar hij het over heeft. Vanuit zijn woning kan hij precies zien wat zijn jonge wijkgenoten ‘s avonds laat aanrichten.

De man woont midden in het oude gedeelte van Hoogkerk, sinds jaar en dag al. Midden in het gebied, tussen het Hoendiep in het noorden en het spoor in het zuiden, waar burgemeester Den Oudsten woensdagmiddag een samenscholingsverbod voor aankondigde.

Het is nodig, zegt de burgemeester. Vanwege die jongeren. Het wordt té erg, wat ze allemaal uitspoken.

Muren beklad, ruiten stuk, containers in de brand

Nou, daar kan de Hoogkerker zestiger van meepraten. Wat Den Oudsten opsomt in zijn beleidsregel – schreeuwen, hinderlijk aanwezig zijn, intimidatie, vernielingen, brandstichtingen, geweldpleging – dat ziet hij allemaal gebeuren.

Laatst nog: er reed een auto door de straat. „Gooiden ze ballonnen naartoe met stenen erin. En toen de bestuurder stopte, deden ze zó.” Hij tilt het hoofd een beetje achterover en wenkt met zijn handen. „Zo van: kom dan! Zodra het portier openging, gooiden ze de stenen ín de auto.”

Op deze gure woensdagnamiddag zijn ‘ze’ zelf nergens te bekennen, maar hun sporen zijn overal. Geslachtsdelen en scheldwoorden zijn op de muur van de tattoostudio aan de Zuiderweg geklad, bij buurtvereniging Het Wapen van Hoogkerk in de Verbindingsstraat is recent een ruit vernield.

Bij rijwielzaak Hamstra moeten de containers om de haverklap vervangen worden, want die steken ‘ze’ in brand; „Bloed- en bloedirritant”, zegt de eigenaar.

Het winkelend publiek en de ondernemers aan en rond de Zuiderweg weten allemaal heel goed wie ‘ze’ zijn, en ze willen er ook wel iets over vertellen – maar alleen anoniem, net zoals de zestiger uit de buurt. Een van de winkeleigenaren houdt zich uit pure angst zelfs helemaal stil. „Anders zijn morgen al mijn ruiten kapot.”

‘Dit is geen kattenkwaad, maar de politie uitlokken’

Suzan Boomgaarden woont haar leven lang al in Hoogkerk, maar in Plan Zuid, buiten het oude dorp. Zij heeft zelf niets van de jongeren te duchten. „Maar bij m’n beste vriendin zijn de ramen wel eens ingegooid.”

Nou is gedonder in de wijk op zich niets nieuws, weet Boomgaarden. „Overlast was hier altijd al. Vuurtjes stoken, met oud en nieuw vooral.” Wel is het het laatste jaar erger geworden en zijn de relschoppers van nu aanmerkelijk jonger dan ze zich herinnert uit haar eigen jeugd. „Toen waren ze een jaar of 18, denk ik, nu zijn ze 13, 14. Ze hebben overal schijt aan, en de volwassenen staan erbij om ze aan te moedigen.”

De kapper aan de Zuiderweg schat in dat de allerjongsten zelfs maar een jaar of 9 zijn. Hij kent ze wel: „Negen van de tien komen uit deze buurt, die knip ik hier. Vooral jongens, weinig meisjes.”

Dat er een samenscholingsverbod komt, daar hoort hij van op. „Zó. Dat gaat wel ver.” Volgens hem zou het beter zijn als de gemeente zorgde voor wat vermaak in de buurt. „De oudere jongeren kunnen naar de kroeg, maar juist die jongere leeftijdsgroep verveelt zich dood. Dus halen ze kattenkwaad uit, maar dan next level, zeg maar.”

De zestiger denkt er heel anders over. „Wat de gemeente moet doen? Eerst de ouders aanpakken.” Die ouders veroorzaakten vroeger zelf overlast en doen nu vrolijk met hun kroost mee, merkt hij.

„Ze zetten hun auto’s bijvoorbeeld dwars in de straat, dat er niemand meer langs kan. En dan wachten ze net zo lang tot de politie komt. Het heeft niks te maken met verveling, het is uitlokken.”

In samenwerking met indebuurt Groningen