Volledig scherm
© Dreamstime

Le Gers, het vergeten departement in Frankrijk

ReisreportageIn Le Gers houden de mensen niet van kouwe drukte. Voor spektakel ga je er niet heen, wel voor de rust van het golvende landschap. Op de fiets van kasteel naar klooster naar terras.

Volledig scherm
© Thinkstock
Quote

De versterkte woontoren was eeuwenlang de zetel van de bisschop­pen van Condom

Volledig scherm
© Egbert Jan Riethof
Volledig scherm
Streekproduct: De mix van likeuren mousserende wijn is ook in de fles te koop. © AD
Volledig scherm
Chef Philippe de Larreye © Egbert Jan Riethof
Quote

Philippe begint zijn uitleg over eau de vie. Hij is lang van stof, dus dat wordt anderhalf uur knikken en diepzinnig kijken

Volledig scherm
© Egbert Jan Riethof
Volledig scherm
© Egbert Jan Riethof
Volledig scherm
© Thinkstock

Best tof dat de meeste toeristen naar de Provence gaan, de Côte d'Azur, Parijs, de Alpen, de Ar-dèche. Des te minder volk komt hier in Le Gers, een vergeten departement in het zuidwesten van Frankrijk waar geen helpaarse lavendelvelden, roezemoezige attractieparken, witte stranden, mensenmassa's en diepe ravijnen zijn. Zelfs grote autoroutes ontbreken; er is alleen de N124 en die heeft iets van de A2 in de jaren '60.

Wel heb je in Le Gers (spreek uit mét s) bijvoorbeeld Marciac, en dat hebben ze in de Provence nou weer niet. Het is een bastide: een versterkte nederzetting met een plan-matig stratenpatroon. In het midden een plein met arcaden waar je in het okeren strijklicht van de namiddag, met een heuvelige fietstocht in de benen, op een terras een Pousse Rapière neemt. Zoiets doe je hier, want het is een aperitief van de streek. Samen- gesteld uit liqueur d'Armagnac met sinaasappelaroma en Vin Sauvage, mousserende witte wijn. Brut hè, niet sec of doux moet die Vin Sauvage zijn, anders matchen de ingrediënten niet. Essentieel is, vervolgt de ober - in de modus 'nu even serieus' - dat Pousse Rapière naar geheim recept wordt bereid op Château Monluc in Saint-Puy, elders in Le Gers. Allemaal van eigen grond. De smaak is bescheiden, licht zoet, zwak bitter, beetje fris, tikje bruisend - mild kortom. Zoals Le Gers zelf.

Kalme heuveltjes
De mensen en het landschap zijn in niets extreem. De hellingen zijn er sexy: collines heten ze, kalme lieve heuveltjes. Ze bekoren door ongerept en eigengereid te zijn. Als je ze ziet, wil je dadelijk over ze heen fietsen. De mensen drukken zich er ook in uit: 'De wijnkelder van Jean-Luc? Drie collines verderop.' In de dalen liggen vaak kleine waterbekkens, verscholen achter hagen en bosschages.

In de uren vóór de Pousse Rapière hebben de fietsen met elektrische trapondersteuning al goede diensten bewezen. Zonder had ook gekund, maar dan zou het bereik toch een stuk kleiner zijn geweest. Na een kilometer of 25 langs het riviertje Le Laüs, een vrij vlak traject, met rechts de lage bergkam waarover de weg terug naar Marciac leidt, zijn de stijgingen aan de beurt. Die zijn fluitend te nemen en daardoor is er tijd genoeg om links en rechts uit te kijken over de dalen: de akkers omzoomd door geboomte, de boerenhoeves die per traditie vaak opgetrokken zijn uit witte stenen, en de glooiende wijngaarden.

Zoals de collines en de valleien zijn ook de mensen. Maken zichzelf niet hoger of lager dan ze zijn, ingetogen, alle tijd. De vakanties zijn nog niet aangebroken, maar in Marciac lijkt niemand iets te doen te hebben. Hoho, zo is het nu ook weer niet, zei Bernard vanmorgen, de man die de elektrische fietsen verhuurde (met geplastificeerde routekaartjes). ,,De mensen zijn nijver en actief, maar Le Gers is nu eenmaal het land van ne pas être pressé." Rustig aan - nu geldt dat voor de meeste zuidelijke streken, maar het moet gezegd, hier brengen ze het credo met flair in praktijk.

Gewichtige fietser
Vanuit Marciac zijn bij helder weer in de verte duistere donderkoppen te zien, of nee, het zijn de Pyreneeën, 60 kilometer naar het zuiden. Aan de voet van die reuzen ligt Lourdes, en daar komen de mensenmassa's wél, best dichtbij dus.

Le Gers en de hoofdstad Auch (spreek uit: Ootsj) zijn het hart van 'de Gascogne', vertelt een jonge fietser gewichtig. Hij staat in Auch zelf, 50 kilometer noordelijk van Marciac, aan de oever van de rivier Le Gers. Zo'n lokaal type dat vreemdelingen met een uitgevouwen kaart in de hand ongevraagd van advies komt dienen. Gascogne... een roemruchte naam, maar hoe zit dat dan? Het departement heet Le Gers, de regio Midi-Pyrénées. Dat wil hij wat graag uitleggen: ,,De Gascogne is een landstreek die eeuwen geleden helemaal tot de Golf van Biskaje reikte, eigenlijk de regio Zuidwest-Frankrijk. Dat was vroeger een bestuurlijke eenheid, maar nu niet meer. Het is gewoon regionale trots en nostalgie om die naam te gebruiken. De tijd van ridders en jonkvrouwen...''

Hij wijst omhoog, waar op de rots de contouren van de middeleeuwse binnenstad zich aftekenen, met als prominent icoon de imposante kathedraal. Hij doelt echter op een ander icoon, halverwege de 150 jaar oude monumentale trap, de Escalier Monumental, die naar de binnenstad leidt: een enorm beeld van d'Artagnan. Heldhaftig staat hij erbij, de 'vierde musketier' uit de beroemde roman van Alexandre Dumas.

Daar is de fietser trots op, want de figuur waarop Dumas het personage baseerde is in zíjn Le Gers geboren: Charles de Batz de Castelmore, comte d'Artagnan (1610-1673). En dus wordt het nu uitkijken, want deze jonge gast, die kennelijk weinig te doen heeft, wil veel te graag nog heel veel meer vertellen over zijn held en zijn stad. Wegwezen maar.

Auch, vroeger de hoofdstad van Gascogne, is nu een provinciestad met grandeur. Eeuwenoude panden langs steile straten, waar je met de e-bike vanaf gaat om terug te keren bij de rivier en langs een prachtig geprepareerde piste cyclable stroomop- of afwaarts te gaan.

Verantwoorde druifjes
Op naar de volgende dagbestemming. ,,Un mer de collines," een zee van heuveltjes, zegt een mevrouw goedkeurend die - een uur later - ook net vanaf de rivier Le Gers tussen de wijngaarden naar een heuveltop is opgestegen. Dit is het Domaine du Tucoulet, eigendom van Sébastien Lopez. Hij is een vigneron, een wijnboer, die alles zelf doet en dat uiteraard op verantwoorde wijze.

Terwijl hij voor de gasten tussen de bomen een rijke pique-nique klaarzet, met een schort voor waaronder dikke blote benen tevoorschijn komen, vertelt hij over de wijnbouw en de lange historie van zijn Domaine. Hij schenkt wijn, zijn eigen rode, want zijn witte is altijd voor de armagnac.

Levenswater
Wie Le Gers zegt, zegt immers (ook) armagnac. Nog weer 45 kilometer noordelijker is een dag later - na een fietstocht door de heuveltjes rond het stadje Condom - Château Cassaigne een mooie stopplaats. In dit kasteel maken de bewoners al eeuwen armagnac. Deze eau de vie van witte druiven is wereld-beroemd.

Chef Philippe de Larreye begint zijn uitleg over de procédés. Hij draagt een Gasconse alpinopet en is lang van stof. Beetje voorspelbaar, hij is er het type voor. Dat wordt anderhalf uur knikken en diepzinnig kijken. Het rappe Frans echoot monotoon tegen de middeleeuwse gewelven, maar een paar feiten blijven toch hangen: armagnac rijpt na het destilleren van zes tot soms meer dan veertig jaar en verliest tijdens dat proces iets van de alcohol aan het hout. Een slok zes jaar oud levenswater komt daardoor een stuk scherper en sterker door dan dat van zeventien jaar. Die armagnac is zacht, rijk en doorleefd.

Bij het afscheid neemt Philippe zijn pet af. Eronder blijkt hij bij verrassing kaal te zijn.

Fietsbroek en mantelpak
De overheid heeft dit noordwestelijke deel van Le Gers kortweg 'Grand Site de Midi-Pyrénées Flaran-Baïse-Armagnac' gedoopt. Er zijn nog veel meer mooie locaties waar weer andere Philippes uitleggen hoe ze armagnac maken, dan wel foie gras of Floc de Gascogne (ook een aperitief: twee delen druivensap en een deel jonge armagnac).

En er is nog het prachtige klooster Abbaye-de-Flaran dat vol kunst hangt. Dat heeft wel iets: vers vanaf de fiets, nog bezweet, zo'n Cisterceense abdij in waar je eigenlijk helemaal niet zoveel zin in hebt en dan moeten toegeven dat het de moeite waard is. In je fietsbroek naast een Franse dame in mantelpak staan en diepzinnig naar een, toegegeven, best mooi schilderij van Claude Monet staren. Ze kijkt opzij, nee, niet gegeneerd, meer geamuseerd, ze is het ermee eens: kunst is een universeel genot, en ook deze meneer in zijn ongepaste kledij heeft daar recht op.

En dan is er Larressingle, het allerkleinste vestingdorp van Frankrijk. Daar blijft de e-bike buiten de poort met ophaalbrug staan en dwaal je een minuut of twintig rond door de middeleeuwse straten en kijk je zittend op een van de terrassen naar de trapezevormige donjon, de versterkte woontoren, waar eeuwenlang de bisschoppen van Condom zetelden. (En nee, met het voorbehoedmiddel heeft die naam niets te maken).

En nog meer vestingsteden zijn er, met arcaden, brocantes, terrassen en lanen vol platanen. Uiteindelijk zijn deze stopplaatsen, net als de picknick in Sébastiens domaine en de Pousse Rapière in Marciac, maar voetnoten. Ze zijn het extra dat Le Gers verleent aan waar het uiteindelijk om gaat: fietsen in dat rijzende en dalende, stil ademende droomland. Het gaat om dat slingerende weggetje met ernaast de koeien, stommelingen die dicht opeen- gepakt staan terwijl ze alle ruimte hebben. Om de telefoon- en elektriciteitskabels die hier nog aan palen langs de wegen hangen. De boer met hooivork die vriendelijk groet. La campagne, het eindeloze landschap waar altijd alle tijd is.

Algemeen Dagblad gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

poll

In België mag je niet meer roken in de auto waar kinderen bij zijn

In België mag je niet meer roken in de auto waar kinderen bij zijn

  • Belachelijk (14%)
  • Goed idee (86%)
14369 stemmen