Volledig scherm
PREMIUM
Hanina Ajarai © AD/Marco de Swart

Allahoe akbar heroveren op terroristen via mijn beltoon

ColumnHanina Ajarai schrijft wekelijks over wat haar bezighoudt.

Quote

Sinds moslimter­ro­ris­ten deze kreet hebben gekaapt, is het gebruik ervan problema­tisch geworden

Ik bid vijf keer per dag. Het is de manier waarop ik mijn dankbaarheid aan God betuig. Om mij te helpen herinneren aan de gebedstijden (die fluctueren gedurende het jaar) heb ik lang geleden een handige app gedownload op mijn telefoon. Sindsdien schalt rond die vijf tijden heel kort de Arabische oproep tot het gebed uit mijn iPhone: Allaaaaaaaahoeee akbaaar oe Allaaaaahoe akbar. Juist ja.

Sinds de moslimterroristen deze kreet hebben gekaapt voor hun eigen kwaadaardige doeleinden, is het gebruik ervan problematisch geworden. ,,Waarom laat je 'm nog afgaan?'' vroeg een vriendin opgelaten, toen we in een restaurant zaten en er weer een Arabische mannenstem klonk uit mijn tas.

Tsja, in hoeverre moet ik me in deze kwestie aanpassen, is de vraag. Er is niets mis met de gebedsoproep an sich, het gaat vooral om de associatie. Ik heb mezelf inmiddels aangeleerd het geluid uit te zetten als ik een bus, trein of vliegtuig instap. De combinatie van een moslim, een druk transportmiddel en Allahoe akbar is gewoon vragen om problemen.

De keren dat ik in de trein zat en de app op inactief vergat te zetten, is er overigens niets gebeurd. Hoogstens wat geïrriteerde blikken die de coupé afgingen op zoek naar de bron. Het ongemak was geheel mijnerzijds. Oeps, dacht ik dan, en greep snel naar de mute-knop met steeds roder wordende konen. Waarna ik me bewust werd van mijn opvallend verdachte gedrag en tot overmaat van ramp ook nog begon te zweten.

Maar mijn goede vriendin vond deze vorm van rekening houden met de angstige niet-moslim kennelijk niet genoeg. Ook op straat, in winkels of restaurants kunnen mensen er immers aanstoot aan nemen. ,,In deze tijden kan zo'n Allahoe akbar gewoon niet meer.''

Ze overdrijft, vind ik. Om haar van mijn standpunt te overtuigen, maak ik een analogie met bijtende honden. ,,Ik vind grote honden eng, ze zien er eng uit en ik heb genoeg verhalen gelezen waarin zo'n hond iemand aanvalt. Maar daarom ga ik nog niet pleiten voor een hondenvrije stad.'' Die avond denk ik er nog eens over na. Zal ik het niet gewoon uitzetten? De app heeft tenslotte ook de keus om de gebedstijden gewoon met een kort piepje aan te geven. Maar nee, ik weiger mee te gaan in de associatie die ons is opgelegd door kwaadaardige mensen.

Bidden is een fundamenteel onderdeel van mijn identiteit en als ik daar uiting aan wil geven door een mechanisch klinkende gebedsoproep uit mijn telefoon dan doe ik dat! Ik doe er niemand kwaad mee. Bovendien ben ik vastberaden deze godsuiting, verworden tot een ordinaire oorlogskreet die niets dan dood en onheil aankondigt, te heroveren op de terroristen die in naam van mijn geloof handelen.

,,Oh ja?" zegt mijn vriendin als ik haar van mijn besluit op de hoogte breng. ,,Dan daag ik je uit 'm ook bij je volgende sollicita­tie­gesprek te laten klinken."  Ze kijkt er triomfantelijk bij. ,,Of durf je dat niet omdat je een goede eerste indruk wil achterlaten?"

Touché.