Volledig scherm
Edwin S. © Petra Urban

Levenslang veroordeelde mag resocialiseren

UpdateDe tot levenslang veroordeelde Edwin S. heeft het recht om aan zijn resocialisatie te beginnen. Volgens de rechter in Den Haag moet na een periode van uiterlijk 25 jaar worden beoordeeld hoever de resocialisatie van een levenslang gestrafte is gevorderd. Daarvoor zijn dan dus ook activiteiten nodig die gericht zijn op resocialisatie.

De rechter geeft met de uitspraak aan de lijn van de Europese rechtspraak en de Hoge Raad te volgen. Die hebben eerder al aangegeven dat een tussentijdse toets noodzakelijk is om de levenslange straf humaan te laten zijn. Ook een levenslang gestrafte moet volgens de huidige opvatting in de rechtspraak ergens 'een punt op de horizon hebben'.

Resocialisatie
Omdat S. al zeer lang in de cel zit, heeft hij in de ogen van de rechter ten minste achttien maanden nodig om 'vorderingen te kunnen maken met zijn resocialisatie'. Volgens de rechter moet hij daar nu al mee kunnen beginnen. De Staat moet dan ook binnen tien dagen beginnen met het opstellen van een plan. De rechter geeft geen toestemming voor verlof. Daarvoor moet S. zich richten tot de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ).

Samenleving
S. gaf zelf eerder aan de kans te willen krijgen om terug te keren in de samenleving. Na 23 jaar en zeven maanden te hebben vastgezeten, vindt hij daarom dat hij recht heeft op resocialisatie. Hij eiste dat in een tegen de Nederlandse staat aangespannen kort geding.

S. werd in 1994 onder meer veroordeeld voor de moord op een man en het levensgevaarlijk verwonden van een vrouw uit Badhoevedorp bij een overval. Hij voelt zich gesterkt door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Dat oordeelde eerder dat een levenslange straf, zonder uitzicht op enige vorm van verlof, onmenselijk is.