Volledig scherm
Vastgoed van Vestia, voor de financiële problemen de grootste woningcorporatie van Nederland. © AD/Angelique Mulders

Woningcorporaties willen geld terug

Zes woningcorporaties willen niet opdraaien voor de kosten om hun grote foute broer Vestia te redden. Ze hopen dat de Raad van State ervoor zorgt dat ze hun geld terugkrijgen.

Quote

Zes corpora­ties strijden tegen de heffing van 675 miljoen euro die de sector in 2013 moest betalen om Vestia te redden.

Zes keurige, kleine woningcorporaties voeren al 3 jaar een juridische strijd tegen de heffing van 675 miljoen euro die de sector in 2013 moest betalen om Vestia van de ondergang te redden. De Raad van State besluit binnenkort of de opgelegde solidariteit tussen sociale huisvesters grenzen kent.

Ook eisen de woningcorporaties uit Den Helder, Enschede, Vollenhove, Balk, Lemmer en Emmeloord een principiële uitspraak van 's lands hoogste bestuursrechter. Want bijspringen voor een collega-huisvester in financiële nood is één ding. Maar wat als er voor miljarden euro's is gespeculeerd met onverantwoorde rentederivaten, terwijl de toezichthouders lagen te slapen?

Advocaat Guido Koop namens het zestal: ,,Het zou betekenen dat de sector altijd opdraait voor een corporatie die in problemen komt, ongeacht wat die heeft gedaan."

Vestia, aan de rand van de afgrond gebracht door directeur Erik Staal, had failliet moeten gaan, vinden de zes corporaties. Andere corporaties hadden de sociale huurhuizen kunnen overnemen.

Quote

Huurders bij Vestia kregen te maken met huurstij­gin­gen, terwijl de corporatie daarnaast een deel van de woningvoor­raad moest verkopen.

Superheffing
In plaats daarvan besloot het Centraal Fonds Volkshuisvesting - dat voortleeft in de nieuwe Autoriteit Woningcorporaties - dat Vestia moest worden gesaneerd. Omdat het fonds te weinig geld in kas had, kregen alle andere corporaties een superheffing opgelegd van 675 miljoen euro: 85 procent daarvan was bestemd om Vestia te redden.

,,Dat geld verdween uit het corporatiestelsel en ging naar banken die de derivaten hadden afgesloten," stelt Koop. Huurders bij Vestia kregen te maken met huurstijgingen, terwijl de corporatie daarnaast een deel van de woningvoorraad moest verkopen.

Het ministerie van Wonen en Rijksdienst, waar de woonautoriteit onder valt, ziet dat anders. Als Vestia failliet was gegaan, had het gedaan kunnen zijn met de lage rentepercentages die corporaties betalen over leningen. Meer risico betekent hogere rente.

Afdwingen
Wat de kleine corporaties steekt, is dat het Centraal Fonds nooit verkende of de rekening anders betaald kon worden. Advocaat Koop trekt een vergelijking met ABN Amro en SNS Reaal. Beide banken werden gered met belastinggeld. Het CFV stelt echter dat voor zo'n redding door de staat politieke wil nodig is. En die kon het fonds niet afdwingen. Koop is daarvan niet overtuigd.

Mocht de Raad de corporaties in het gelijk stellen, dan moeten zij de heffing terugkrijgen. De uitspraak volgt binnen 6 weken.