Volledig scherm
© ANP

Laat wonen maar liever aan de vrije markt over

OpinieHet kabinet moet weer voor volkshuisvesting kiezen. Dat bepleiten de grootstedelijke fracties van PvdA, GroenLinks en SP (Opinie 29-10). Jan Willem de Geus, institutioneel belegger,  heeft daarover heel andere opvattingen.

Niet gehinderd door feiten nemen de gemeenteraadsfracties van PvdA, SP en GroenLinks populistisch stelling over de volkshuisvesting.‎

Volgens cijfers uit 2018 bezitten de woningcorporaties ongeveer 70 procent van alle huurwoningen in Nederland.‎Echter, de corporaties zijn bijna voor 100 procent eigenaar van de sociale (betaalbare) verhuursector in Nederland. Het wel en wee in deze sector mag je de corporaties aanrekenen.‎

Kijkend naar de cijfers hebben de corporaties gefaald in hun volkshuisvestingstaak: betaalbare huurwoningen leveren. Begin jaren 80 maakten woningwetwoningen en sociale huur iets meer dan 50 procent uit van de in totaal 120.000 nieuwbouwwoningen. In 2017 werden er ongeveer 60.000 nieuwe woningen gebouwd, waarvan minder dan 10.000 sociale huur.‎

Quote

Helaas houdt het linkse politieke geloof in de rol van de overheid onvermin­derd stand

Dit is geen incident. De corporaties zijn de afgelopen tien jaar niet in staat geweest om hun voorraad betaalbare woningen uit te breiden. Sterker, de voorraad betaalbare sociale huur is achteruitgegaan. In 2007 was de totale voorraad corporatiewoningen‎2,4 miljoen, in 2017 is de voorraad met ongeveer 140.000 woningen teruggelopen naar 2,26 miljoen. Het lijkt dan ook niet verstandig voor meer volkshuisvesting te kiezen om de tekorten op de woningmarkt op te lossen.‎

Wonen in de stad is inderdaad een privilege geworden, een privilege van mensen die in staat zijn zich toegang te verschaffen tot een goedkope woning in de sociale sector. Dát is de grote ongelijkheid op de huizenmarkt.‎

Wonen is gewoon een verhandelbaar recht en kan prima via de markt geleverd worden, zolang de (lokale) overheid het tijdig verruimen van de bouwgrond voor huurwoningen en de woningbouw zelf niet in de weg staat via: 1. lange bestemmingsplanprocedures; 2. lange procedures voor de afgifte van bouwvergunningen; 3. onredelijke eisen ten aanzien van de bouwkwaliteit en verduurzaming; 4. speculatief hoge grondprijzen van het grondbedrijf (die de gemeentebegroting sluitend maar de nieuwbouw van huurwoningen onrendabel maken); 5. huurprijsregulering die het rendement op woningen zodanig verlaagt dat beleggers niet meer willen investeren in huurwoningen. Daarnaast zijn de hinder van stikstof-‎en PFAS-normen voor de bouw een actueel probleem. Al deze problemen zijn onderkend in overheidsnota's en uitgebreid academisch onderzoek.

Helaas worden de feiten genegeerd en houdt het linkse politieke geloof in de rol van de overheid in de volkshuisvestingmarkt onverminderd stand. Links-populistische maatregelen zijn vaak de oorzaak van woningtekorten. Verdere opstapeling van populistisch huisvestingsbeleid zal de markt alleen maar verder in het slop helpen.‎

Meer markt en minder overheidsinvloed is de enige weg om het woningtekort te verhelpen.‎

Jan Willem de Geus is institutioneel belegger.