Volledig scherm
© ANP

Nederland dreigt slag in digitalisering te missen

OpinieNederland dreigt achterop te raken bij het mondiale niveau van verdere digitalisering, stellen Wouter Bronsgeest en Victor de Pous. Met de huidige plannen kan ons land de eigen ambities niet waarmaken.

Reikhalzend werd uitgekeken naar de visie van de Nederlandse regering op kunstmatige intelligentie. Maar met de plannen van het kabinet worden de uitgesproken ambities bij lange na niet waargemaakt. In tegenstelling tot de situatie in andere Europese landen is het Nederlandse actieplan vooral een opsomming van wat reeds is gedaan.

Quote

In onze samenle­ving gaat kunstmati­ge intelligen­tie een zeer voorname rol spelen

De Nederlandse kabinetten zijn nooit vies van ambitieuze uitspraken en het kabinet Rutte-III vormt hierop geen uitzondering. Nederland moet dé digitale koploper van Europa worden, zo viel in de zomer van 2018 op te maken uit de Nederlandse Digitaliseringsstrategie: 'Van alle nieuwe digitale technologieën wordt van artificiële intelligentie (AI) de komende tien jaar de grootste impact verwacht op de economie en maatschappij'. Uitgesproken ambities van onder anderen staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat), die samen met andere bewindslieden aan de wieg stond van Nederland Digitaal.

Diezelfde Mona Keijzer presenteerde in oktober het Strategische Actieplan voor Artificiële Intelligentie. Een strategie waar wel wat van mocht worden verwacht. Want de rol die AI gaat spelen binnen onze digitale samenleving is gigantisch. De plannen sluiten echter niet aan bij de torenhoge ambities van het kabinet. Sterker, Nederland zal alleen maar achterop raken als dit alles is waar het kabinet op inzet op het gebied van kunstmatige intelligentie. Terwijl de nationale AI Coalitie (AIC), een samenwerkingsverband van 65 bedrijven, onderzoeksinstellingen en maatschappelijke organisaties, pleitte voor concrete maatregelen, verzandt het plan in het benoemen van beschikbare innovatiesubsidies, 64 miljoen euro aan gedane uitgaven. Harde, nieuwe bedragen blijven uit. Terwijl Duitsland en Frankrijk al in 2017 met concrete bedragen kwamen, respectievelijk 3 en 1,5 miljard, komt de Nederlandse AI-sector er met die 64 miljoen bekaaid vanaf. Zie de bedragen die China (5,6 tot 9,7 miljard) en de VS (12,1 tot 18,6 miljard) investeerden, dan wordt duidelijk dat alleen door middel van Europese samenwerking Nederland enige rol van betekenis kan spelen. Maar er is hoop.

Terwijl het kabinet de hand vooralsnog op de knip houdt, toont het bedrijfsleven met Ahold, Philips, KLM, ING en NS aan wél spijkers met koppen te slaan. Zij gaan meebetalen aan 25 aan te stellen AI-(hoog)leraren, om de studentenstop binnen dit vakgebied te beïndigen. Een geweldig initiatief vanuit AIC. Op nationaal vlak toont samenwerking dus al zijn meerwaarde. Dat moet ook op Europees niveau, om niet achterop te raken.

Ook hiervoor mist het plan concrete handvatten en vergezichten: aan de Europese AI-sector de oproep om deze handschoen samen op te pakken. 

Wouter Bronsgeest is duovoorzitter van de Koninklijke Nederlandse Vereniging van Informatieprofessionals (KNVI), Victor de Pous is bestuurslid en oprichter van Interesse Groep IT & Recht van de KNVI.