Volledig scherm
© ANP

Schoolbesturen zijn nu té vrij

commentaarOnderwijsminister Arie Slob is door de rechtbank in Amsterdam op zijn vingers getikt: hij had het islamitische Cornelius Haga Lyceum niet mogen opdragen het bestuur te vervangen. De uitspraak wordt door de school gevierd als een overwinning van de vrijheid van onderwijs. Maar de uitspraak toont vooral aan dat de wet tekortschiet om misstanden te kunnen aanpakken.

De onderwijsvrijheid is bijkans heilig in Nederland.  Iedereen mag in principe een school oprichten, mits je voldoet aan bepaalde wettelijke eisen. Maar wanneer er problemen zijn op zo’n uit belastinggeld gefinancierde school, blijkt het in de praktijk lastig om in te grijpen. Zo zijn er nog al wat experimentele schoolvormen die soms slecht onderwijs leveren en die de segregatie tussen kinderen van hoger- en lager opgeleide ouders vergroten.

En de soap rond het Haga Lyceum is een ander voorbeeld. Vorig jaar waarschuwde de AIVD dat medewerkers banden zouden hebben onderhouden met een Tsjetsjeense terreurorganisatie. Er was angst dat leerlingen werden blootgesteld aan extremistisch onderwijs: zowel de gemeente Amsterdam als de onderwijsminister wilde dat het bestuur opstapte. Dat besluit is nu echter met succes aangevochten. Nadat eerder de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIV) al zei dat de AIVD onzorgvuldig was (de waarschuwing was volgens de commissie wel terecht), zegt nu ook de rechter dat het wel meevalt met de beïnvloeding van leerlingen: de gewraakte medewerkers hebben geen aantoonbare rol in de school.

Is er dan helemaal niks mis met het Haga? Toch wel. Het bestuur heeft zich in het verleden schuldig gemaakt aan zelfverrijking. Onderwijsinspecteurs die langskwamen werden bij een controle zó gehinderd, dat ze hun onderzoek niet konden voortzetten. Het schoolbestuur zelf schold in de media op de minister die ‘de boom in kon’. In elke andere organisatie zou er worden ingegrepen, maar niet in het onderwijs. De wet biedt blijkbaar niet eens de mogelijkheid dan een bestuur te vervangen. Slob kondigt aan in hoger beroep te gaan en wil de wet op het burgerschapsonderwijs strenger maken. Maar dat is niet genoeg. De overheid moet meer mogelijkheden krijgen om in te grijpen: onderwijs is te kwetsbaar om het over te laten aan iedereen die schoolbestuurtje wil spelen.