Volledig scherm
© Getty Images/iStockphoto

Wet over voltooid leven mag geen haastklus zijn

OpinieMoeten mensen na hun 75ste uit het leven kunnen stappen als dat leven zinloos of voltooid is? Hierover praat de Tweede Kamer vandaag. Met haastwerk zijn we in elk geval niet gediend, stelt Manon van der Kaa, directeur van seniorenorganisatie KBO-PCOB.

De discussie over voltooid leven vraagt om meer nuance en inzicht in de complexiteit van het onderwerp. Als grootste seniorenorganisatie van Nederland pleiten wij daarvoor.

Als dat niet gebeurt, bestaat er een kans dat er overhaaste wetgeving op dit gebied ontstaat. Vandaag spreekt de Tweede Kamer over de voortgang van de maatschappelijke discussie over voltooid leven en over het lopende kabinetsonderzoek. Die maatschappelijke discussie over voltooid leven is op dit moment in volle gang. Aanleiding is onder meer het D66-voornemen om een initiatiefwet over voltooid leven in te dienen. Met die wet moet het mogelijk worden om vanaf je 75ste uit het leven te stappen als je zelf het idee hebt dat je leven zinloos of voltooid is.

Quote

Ga ook het gesprek met ouderen aan over dit complexe onderwerp

De discussie laaide verder op na de recente CBS-peiling over euthanasie. Uit dit onderzoek blijkt dat 55 procent van de Nederlanders hulp bij zelfdoding bij levensmoeheid onder bepaalde omstandigheden steunt.

Dit geeft het gelijk van D66 aan. Of toch niet? Het is nog maar de vraag of deze cijfers aansluiten bij de discussie over voltooid leven. Want is levensmoe hetzelfde als voltooid leven? Waarschijnlijk niet. De peiling van het CBS doet onvoldoende recht aan de complexiteit van het onderwerp. Juist kwalitatieve factoren als persoonlijke levensvragen en wensen omtrent het levenseinde kunnen in een dergelijk onderzoek niet worden meegenomen. Ook de huidige context en de beeldvorming over ouderen zijn van invloed op het onderwerp. De oplopende kosten van vergrijzing en ziektebehandeling worden vaak afgewenteld op ouderen. Wij krijgen veel signalen dat ouderen zich hierdoor 'te veel voelen' of zich niet meer als een volwaardig deelnemer van onze maatschappij zien. Gezien de gevoeligheid van het onderwerp is niemand gebaat bij snelle wetgeving. Zorgvuldigheid is geboden. Op een waardige en goede manier ouder worden, moet de norm blijven. Dat vraagt van onze samenleving dat we ons voorbereiden op toenemende kwetsbaarheid en vragen over het levenseinde, én dat we leren ons hiertoe te verhouden. KBO-PCOB kiest voor een brede maatschappelijke discussie en voor de zorgvuldige weg van diepgaand onderzoek, zoals dat nu door het kabinet wordt uitgevoerd. Dit onderzoek kan de maatschappelijke dialoog verder brengen.

Het moet een dialoog zijn waarin ruimte is voor alle geluiden. Daarnaast verwachten we dat de resultaten van dit onderzoek meer inzicht geven in het probleem en de manier waarop we daar als samenleving mee om kunnen gaan. Dan pas wordt duidelijk of wetgeving nodig is.

Haast is niet op zijn plek als het om voltooid leven gaat. Wel moet er alle ruimte zijn voor nuance, aandacht en het gesprek met senioren zelf. Want in onze samenleving verdient iedereen een volwaardige plek. En dat geldt ook voor ouderen. 

Manon van der Kaa is directeur van KBO-PCOB.