Volledig scherm
PREMIUM
Arbeiders van de werkverschaffing bij de Maaskanalisatie in hun schafkeet (ca. 1935) © JohnvanZuijlen

Werken in ruil voor bijstand, maar niet als rupsenbestrijder

Stille GetuigenEr zitten in Nederland 420 duizend mensen in de bijstand. Volgens staatssecretaris Tamara van Ark (VVD) moeten de gemeenten van hen een tegenprestatie gaan verlangen: 'onbetaalde maatschappelijk nuttige activiteiten', zeg maar klussen voor de gemeenschap. Misschien kunnen gemeenten iets opsteken van hun vroegere werkverschaffing zodat ze weten wat ze niet meer hoeven te doen of beter kunnen laten. 

Quote

Vanaf 1931 konden werkloze Ossenaren hun tegenpres­ta­tie leveren bij de verbete­ring van de Hertogswe­te­ring

De werkverschaffing voor werklozen kennen we vooral van de crisisjaren vóór de Tweede Wereldoorlog toen Rijk en gemeenten projecten organiseerden om werklozen 'een nuttige tijdsbesteding te geven'. Geen echte baan en ook niet goed betaald maar wel zwaar en langdurig werk, vaak met schop, kruiwagen of kiepkar, soms ver van huis en soms een week met een werkploeg in een werkkamp. De socialisten van toen vonden het een vorm van uitbuiting.

Vanuit Oss werden er vanaf 1929 veel werklozen naar Ruurlo in de Achterhoek gestuurd om te werken in de (niet door de gemeente betaalde) Rijkswerkverschaffing. Uiteindelijk voelde verantwoordelijk wethouder J. Ploegmakers zich hierdoor 'moreel bezwaard'. Hij besefte dat het gezinsleven van deze arbeiders door deze verre wegzending 'ernstig ontwricht werd'. Hij zocht en vond een klus dichter bij huis waardoor de werkloze Ossenaren vanaf 1931 hun tegenprestatie konden leveren bij de verbetering van de Hertogswetering.