Volledig scherm
© AD

Spitten door tientallen lezersbrieven per dag: gekwetste ego’s en zware onderwerpen

Over onsIn een drukke week komen er in de mailbox van de lezersredactie van het AD gerust zo’n zeventig tot tachtig brieven per dag binnen. Als er een interview met een ‘hotemetoot’ als minister-president Mark Rutte in de krant staat wel honderden. ,,Maar die aantallen zijn uitzonderlijk hoor”, zegt Inge van den Blink. Aan haar en directe collega Peter Grandia de taak om elke dag een selectie te maken. Welke brieven halen de krant? En welke niet?

De dag begint voor de lezersredactie met het selecteren van brieven die al binnen zijn gekomen, aangevuld met eventuele snelle reacties naar aanleiding van de ochtendkrant. Grandia en Van den Blink selecteren brieven met een verrassende invalshoek, een link met de actualiteit en niet geheel onbelangrijk: er mag ook wel een beetje humor inzitten. Zo zou er volgens een lezer een leugendetector moeten komen op het Binnenhof die reageert met lichtjes. Dan zou het binnen de kortste keren een discotheek worden. ,,Dat soort dingen vind ik ontzettend grappig”, aldus Grandia.

Peter Grandia (1965) werkt al dertig jaar bij deze krant. Hij begon bij de fotoredactie en maakte mei vorig jaar de overstap naar de lezersredactie. ,,Ik vind het leuk om veel met tekst bezig te zijn, en dat is wat je in deze functie moet doen.”

Inge van den Blink (1954) begon in 1982 als verslaggever bij het Utrechts Nieuwsblad. Na verschillende functies kwam ze in 2015 terecht op de lezersredactie. ,,Ik vind het leuk dat je indirect zo dicht op de actualiteit zit. Het is noodzaak om het nieuws goed te volgen en te weten wat er speelt.”

Gekwetste ego's 

Sommige mensen schrijven iedere week, sommige lezers schrijven alleen als iets ze écht dwars zit. Grandia: ,,Niet altijd, maar vaak komen de brieven van 55-plussers, eerder mannen dan vrouwen.” Soms plaatsen ze de hele brief, soms een gedeelte. Grandia: ,,Het is woekeren met lettertjes.” Van den Blink: ,,Dan is de eerste alinea van een brief onfatsoenlijk, de middelste bruikbaar, de laatste meer van hetzelfde. Dan gebruik ik alleen de middelste.” Mensen die een brief sturen, krijgen altijd direct een automatisch antwoord met de mededeling dat de redactie het recht heeft om de tekst in te korten. Toch wordt dat niet altijd goed begrepen. ,,We hebben veel te maken met gekwetste ego’s”, aldus de lezersredacteuren.

Ook krijgen ze brieven binnen over zware onderwerpen. ,,Een brief over een jong meisje dat euthanasie zou laten plegen in verband met psychische problemen, heeft veel indruk op mij gemaakt”, vertelt Van den Blink. ,,Zo’n brief levert vervolgens bijna geen reacties op, waar je dat misschien wel zou verwachten. Te heftig, denk ik.”

Wie zijn eigenlijk die schrijvers van alle lezersbrieven naar de redactie? Wat drijft ze? Waarom nemen ze de moeite om te schrijven? Columnist Özcan Akyol zoekt de brievenschrijvers op in zijn videoserie Brieven met Eus. 

Weten wat er leeft

De redactie, die ook verantwoordelijk is voor de opiniestukken, heeft nóg een belangrijke functie. ,,We zijn soms een go between voor verslaggevers”, merkt Van den Blink op. Als de krant bijvoorbeeld een artikel wil maken over mensen die er door de btw-verlaging niet op vooruit gaan, zijn er vaak wel weer brievenschrijvers die geïnterviewd kunnen worden voor een artikel. Andersom leveren brieven soms ook nieuwe onderwerpen op voor verslaggevers. ,,Wij hebben heel goed zicht op wat er leeft onder de lezers.”

Van den Blink zit inmiddels vier jaar op haar post bij de brievenredactie en noemt een voorbeeld: ,,Een tijd terug was er veel sympathie voor de PVV en Geert Wilders. Dat merkte je aan de hoeveelheid brieven die binnenkwam over die onderwerpen. Nu is dat minder.” Geeft dat nou aan hoe de gemiddelde Nederlander denkt? ,,Nee, het is een thermometer voor een deel van de lezersgroep. Je weet nooit zeker of het representatief is voor heel Nederland”, geeft ze aan.

Zelf houden ze ook andere nieuwskanalen goed in de gaten. De lezersredactie moet ook weten wat er speelt, wat er in de uitzending komt bij Radar, Jinek, Nieuwsuur, of wat het hoofdonderwerp is van het journaal. Mochten ze dingen onverhoopt toch niet weten en er wel brieven over binnenkomen, dan zijn er gelukkig genoeg verslaggevers die kunnen helpen. Want Boer zoekt Vrouw? Dat kijkt Van den Blink niet. Als er een brief over komt, schakelt ze een van de Show-verslaggevers in om te kijken of de lezer iets schrijft dat hout snijdt.

Zelf in de pen klimmen? Brieven kunnen naar brieven@ad.nl. Schrijf je een lezersbrief dan is dat maximaal 150 woorden. De Brief van de dag is ongeveer 250 woorden. Opinie-artikelen 400 à 450 woorden.

Kritiek

De brievenpagina wordt dagelijks goed gelezen, weten ze. ,,Omdat iedereen meningen heeft”, denkt Van den Blink. Grandia vult aan: ,,Mensen ergeren zich graag.” Ook de hoofdredactie houdt de pagina goed in de gaten, vermoeden ze. ,,De brievenpagina is ook een graadmeter over hoe mensen over de krant denken. We durven ook kritiek op de eigen krant te plaatsen. Grandia: ,,Iemand schreef in zijn brief: deze brief zal wel niet geplaatst worden. Ik heb de brief wel geplaatst, inclusief dat zinnetje.” Hij lacht.

De Stentor

Ook de zustertitels van het AD hebben eigen brievenredacteuren, zoals Cyrille Klaassen bij De Stentor. Gemiddeld krijgt hij per week zo’n vijftig tot honderd brieven voor de kiezen, een keer per week maakt hij een pagina met ingezonden brieven. ,,Je kunt heel goed aan de hoeveelheid brieven aflezen of we bijzondere verhalen hebben gemaakt”, weet hij. ,,Soms is het ook schrapen om het vol te krijgen, vooral in de vakantieperiodes.” Klaassen: ,,Grote thema’s hier zijn de komst van de wolf, de gevolgen van het vliegveld in Lelystad en de Oostvaardersplassen. Dat gaat het hele regiogebied aan en daar krijgen we veel reacties op.”

Het liefst selecteert Klaassen brieven die iets nieuws aansnijden. Soms wordt het wat hem betreft te uitgesproken, te persoonlijk. ,,Dan haal ik er een stukje uit of neem ik het niet mee.” Hij ziet dat vooral sommige ‘politieke figuren’, als Thierry Baudet en Klaas Dijkhoff veel reacties oproepen. ,,Dan gaat het niet zozeer om de ideeën, maar echt op de persoon. Dat neem ik niet mee, dat is nergens goed voor. Het moet om de inhoud gaan.”

Het werk bij de brievenredactie is eigenlijk ook een beetje te vergelijken met het werk van een eindredacteur, vindt Klaassen. ,,De zinnen moeten kloppen”, zegt hij. ,,Maar het is wel een uitdaging om het karakter van de brief erin te houden. Ik draag in mijn eentje de verantwoordelijkheid voor de brievenpagina. Ik wil dat het goed is, ik wil dat het er netjes uitziet.” En dat is dan weer schipperen, want je wil volgens Klaassen niet dat schrijvers het gevoel hebben dat er teveel met hun brief is gebeurd. ,,Soms krijg ik een mailtje dat mensen niet blij zijn met wat er is veranderd”, geeft hij aan. ,,Maar dat is maar een enkele keer. Mensen weten dat de tekst kan worden ingekort of geredigeerd.”

Cyrille Klaassen (1988) is sinds afgelopen zomer brievenredacteur bij De Stentor en verantwoordelijk voor de wekelijkse brievenpagina. Hiervoor was hij freelance journalist en eindredacteur, onder andere bij Trouw waar hij een tijdje correspondent Oost-Nederland was.

In de nieuwe aflevering van Brieven met Eus gaat Özcan Akyol langs bij Marianne, zij maakt zich zorgen over de overbevolking in Nederland.

Niets missen? Schrijf je in voor een van onze vele nieuwsbrieven!