Volledig scherm
Foto ter illustratie © Thinkstock

Advies: Opleiding en beroep leraar moet op de schop in strijd tegen lerarentekort

Leraren moeten in de toekomst zowel op de basisschool als in het voortgezet onderwijs les kunnen geven. De lerarenopleidingen moeten daarvoor flink op de schop om het vak van leraar aantrekkelijk te houden en het lerarentekort terug te dringen.

Quote

De schotten tussen basis­school, middelbare school en middelbare beroepsop­lei­ding moeten worden weggenomen

Maassen van den Brink, Onderwijsraad

Dat adviseert de Onderwijsraad in een advies aan de Tweede Kamer. Als de politiek niet ingrijpt, is er in 2027 een tekort van 11.000 fulltime leerkrachten in het basisonderwijs. Volgens voorzitter Henriëtte Maassen van den Brink van de Onderwijsraad zijn haar plannen ‘zeker nodig’ om dat gat op te vullen. ,,Er worden nu incidenteel maatregelen genomen die vooral zijn gericht op de kwantiteit – méér nieuwe leraren – en niet op de kwaliteit – goede leraren.”

De Onderwijsraad wil dat de manier waarop leraren worden opgeleid, ingrijpend op de schop gaat. Geen pabo of lerarenopleiding voor de middelbare school meer, maar voor álle leraren één basisopleiding. Maassen van den Brink: ,,De schotten tussen basisschool, middelbare school en middelbare beroepsopleiding als het gaat om onderwijsbevoegdheden moeten worden weggenomen.”

Maar met alleen een basispapiertje kan een docent nog niet voor de klas staan. Daarvoor moet er eerst een ‘cluster’ worden gevolgd. Zo kan een docent met ‘het jonge kind’ les geven op de voorschool en in kleuterklassen en mag een leerkracht met het cluster ‘10- tot 14-jarigen’ zowel lesgeven in de bovenbouw van de basisschool als in de brugklassen op middelbare scholen. Met een verdere specialisatie kan de docent dan ook op de bovenbouw van de middelbare school voor de klas staan.

Dit soort specialisaties moeten er ook komen voor leraren in het voortgezet onderwijs. Zo moet een docent die de ‘gamma’-route heeft gevolgd zowel aardrijkskunde als geschiedenis en maatschappijleer kunnen geven. Wie zich heeft bekwaamd in bètavakken moet op zijn beurt wiskunde, natuurkunde én scheikunde kunnen geven. Nu is het doorgaans zo dat docenten op middelbare scholen alleen de bevoegdheid hebben om één vak te geven.

Afwisselender en aantrekkelijker

Als docenten meer vakken kunnen geven, wordt het beroep afwisselender en dus aantrekkelijker, zegt Maassen van den Brink. ,,Een docent natuurkunde hoeft niet meer tot zijn pensioen hetzelfde vak te geven.” Leraren moeten zo meer toekomstperspectief zien. Volgens de Onderwijsraadvoorzitter haakt nu een kwart van de nieuwe leraren na vijf jaar voor de klas af.

Maar als een kleuterjuf bedenkt dat ze liever les wil geven op vmbo of havo, moet ze daarvoor wel weer de schoolbanken in. Maassen van den Brink denkt niet dat dit hen afschrikt. ,,Ze hoeven dan alleen een aanvullende opleiding te volgen. Dat is eenvoudiger dan het nu is. Nu moeten leraren soms wel een opleiding van vier jaar volgen, waar je dingen krijgt die je al kent.”

De financiële consequenties van de wijzigingen zijn nog niet duidelijk. ,,Het prijskaartje vonden wij vrij ingewikkeld”, aldus Maassen van den Brink. Daarvoor is aanvullend onderzoek nodig. ,,Een centrale basisopleiding zou je als besparing kunnen zien, maar één loongebouw voor alle leraren kost weer geld. Maar nu wordt er zoveel geld uitgegeven aan maatregelen waarvan de effectiviteit niet duidelijk is, dat dit de moeite van nader onderzoek waard is.”