Volledig scherm
Foto ter illustratie. © ANP

Bruisende economie niet op loonstrookje terug te zien

De economie mag dan op volle toeren draaien, Nederlanders zien daar voorlopig amper iets van terug in hun portemonnee. Het eerste loonstrookje in januari zal voor de meeste mensen slechts een heel klein plusje laten zien. Ouderen zien hun AOW-uitkering weliswaar iets toenemen, maar die verhoging wordt bijna helemaal ongedaan gemaakt door een lager aanvullend pensioen.

Dat blijkt uit de jaarlijkse loonstrookjesbrief die het ministerie van Sociale Zaken vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Pas in 2019 zal de koopkracht van mensen meer toenemen, omdat de lastenverlichting die het nieuwe kabinet wil doorvoeren zich dan laat voelen.

Het Centraal Planbureau (CPB) becijferde vanochtend dat de economische groei in 2018 op 3,1 procent uitkomt. Daarmee is er sprake van hoogconjunctuur, die deels wordt aangejaagd doordat de overheid het geld flink laat rollen. Lastenverlichting blijft echter uit: Nederlanders blijven in 2018 een even groot deel van hun inkomen afdragen aan belastingen en premies, gemiddeld bijna 39 procent.

Magere toename

Hoewel de gemiddelde loonstijging volgens het CPB komend jaar toeneemt van 1,6 naar 2,2 procent per jaar, gooien stijgende prijzen – de inflatie stijgt van 1,4 naar 1,6 procent – roet in het eten.

Onder de streep blijft volgens Sociale Zaken daardoor een magere toename van het besteedbaar inkomen over van hooguit 0,5 procent. Dit geldt vooral voor gezinnen met kinderen en alleenstaanden die twee keer modaal (ongeveer 70.000 euro) verdienen. Pas in 2019 zal de gemiddelde koopkrachtstijging boven 1 procent uitkomen.

Slechter af zijn modale eenverdieners met kinderen, en ouderen met een aanvullend pensioen. Zij leveren onder de streep respectievelijk 0,2 en 0,1 procent in. 

Bekijk hieronder ook hoe politici eerder dit jaar reageerden op de positieve economische cijfers: