Volledig scherm
ChristenUnie-Kamerlid Carla Dik-Faber © ANP

ChristenUnie en D66 houden kabinet aan klimaatdoelen 2020

Coalitiepartijen ChristenUnie en D66 houden het kabinet aan de klimaatdoelstellingen voor 2020. Minister Eric Wiebes (Klimaat) moet zo snel mogelijk met plannen komen om de opgelegde doelstelling van 25 procent CO2-reductie te halen. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) wordt dat hoe dan ook niet gehaald met de huidige maatregelen. Het kabinet komt in april met maatregelen. 

Quote

Het is de opdracht van de minister om heel snel met plannen te komen over hoe we dat gaan doen

Carla Dik-Faber, ChristenUnie

,,De opgave is fors, maar ik vind dat alles op alles moeten worden gezet om die doelen te halen’’, zegt Tweede Kamerlid Carla Dik-Faber. De ChristenUnie voelt het volgens haar als een plicht om te zorgen voor een schone energievoorziening en gezondere lucht, ‘in het belang van onze kinderen en kleinkinderen’. ,,Het is de opdracht van de minister om heel snel met plannen te komen over hoe we dat gaan doen.’’

Het planbureau maakte vanmiddag bekend dat de verwachte Nederlandse CO2-uitstoot in 2020 met ‘forse onzekerheden is omgeven’. Wel stelt het planbureau dat de door de rechter opgelegde doelstelling van 25 procent CO2-reductie niet gehaald zullen worden. Volgend jaar komt de reductie van de uitstoot van broeikasgassen naar verwachting uit op 21 procent ten opzichte van 1990. Daarbij geldt een bandbreedte van 17 tot 24 procent.

,,De bandbreedte in de verwachte uitstoot geeft aan dat de raming met forse onzekerheden is omgeven’’, schrijven de PBL-onderzoekers in hun rapport. Ze wijzen op wisselende gas- en kolenprijzen, mogelijk uitvallende kerncentrales over de grens en weersinvloeden op wind- en waterkracht. Ook is onzeker hoeveel stroom Nederland gaat importeren uit het buitenland. Al die zaken kunnen ervoor zorgen dat de uitstoot van CO2 fors lager óf hoger komt te liggen. Volgens Dik-Faber laat de raming zien ‘voor welke opgave we met elkaar staan’. 

Ingewikkeld

Eerder deze week werd al bekend dat Nederland de klimaatdoelen voor volgend jaar niet gaat halen. De uitstoot van broeikasgassen daalt te weinig om aan het Urgenda-vonnis te voldoen. De rechter heeft het kabinet bevolen  de CO2-uitstoot in 2020 met minstens 25 procent te verlagen.

Het kabinet zit in de maag met deze nieuwe doorrekening van het PBL en komt in april met een pakket maatregelen, dus na de Provinciale Statenverkiezingen in maart. Het kabinet weet dat het wat moet doen, maar nog niet wat het gaat doen, aldus minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur). ,,We gaan alles eerst zorgvuldig in kaart brengen, we gaan alles op een rijtje zetten. Dat is geen eenvoudige opgave’', aldus de bewindsvrouw. Zij verwacht in april een ‘afgewogen pakket waar draagvlak voor is’. Ze wilde geen mogelijke maatregelen noemen, zoals de verlaging van de maximumsnelheid op snelwegen. 

De coalitiepartijen kunnen de grote bandbreedte van het PBL ook aangrijpen om minder drastische maatregelen te nemen. Als de CO2-reductie volgend jaar uitkomt op 24 procent – wat volgens het PBL mogelijk is – zijn minder verregaande acties nodig om het klimaatdoel te halen.

Dat de verwachte CO2-reductie tegenvalt, komt volgens het PBL onder meer door de sterke economische groei in Nederland. Ook zijn er meer vervuilende auto’s geïmporteerd en tanken Nederlanders minder vaak over grens.

‘Geen draconische maatregelen’

Premier Mark Rutte benadrukte vanmiddag tijdens zijn wekelijkse persconferentie dat ‘het doel is om het doel te halen'. Het kabinet zal echter geen ‘draconische maatregelen’ nemen. ,,Het doel heiligt niet alle middelen’’, aldus Rutte. 

Dat de doelen niet worden gehaald ligt aan twee factoren, meent Rutte. De eerder genomen maatregelen leiden tot onvoldoende reductie van de uitstoot van CO2. Dat in combinatie met de bloeiende economie heeft er volgens de premier voor gezorgd dat de doelen uit het zicht zijn geraakt.

Wat gebeurt er als het klimaatdoel niet wordt gehaald?

Als Nederland de CO2-uitstoot in 2020 niet met een kwart heeft teruggedrongen, houdt de Staat zich niet aan de uitspraak van de rechter. De klagende partij, stichting Urgenda, kan dan een dwangsom eisen. Directeur Marjan Minnesma van Urgenda heeft al laten doorschemeren dat zij dan ongeveer een half miljard euro per jaar van de Staat zal eisen. Of de rechter daarin meegaat, is nog de vraag. Een dwangsom is niet hetzelfde als een boete: een dwangsom dient alleen als prikkel om een doel alsnog te bereiken. Als de rechter vindt dat de Staat niets meer kán doen om CO2-uitstoot te minderen, zal de rechter geen dwangsom opleggen.