Volledig scherm
De Nederlandse economie blijft groeien, maar minder hard dan in voorgaande jaren, stelt het Centraal Planbureau. © Robin Utrecht

CPB: Werkloosheid omhoog, koopkracht valt tegen

De werkloosheid blijft uitzonderlijk laag, maar gaat volgend jaar – na vijf jaar achtereen gedaald te zijn – voor het eerst weer licht stijgen. De koopkracht komt dit jaar lager uit, doordat de lonen minder hard stijgen dan de prijzen. Dat stelt het Centraal Planbureau (CPB) in nieuwe ramingen, die vanochtend zijn verschenen.

Het werkloosheidscijfer kwam in april nog uit op 3,3 procent, maar loopt volgend jaar op naar 3,7 procent. Volgens het CPB groeit de werkgelegenheid minder hard en zijn minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt. De werkloosheid blijft uitzonderlijk laag, zo benadrukken de rekenmeesters. 

,,De banengroei houdt gewoon aan", vult arbeidsmarktdeskundige Rob Witjes van uitkeringsinstantie UWV aan. Alleen zal die banengroei wat minder uitbundig zijn, licht hij toe. Met massa-ontslagen hoeven we volgens het UWV absoluut geen rekening te houden. Hoogstens kan het zijn dat nieuwkomers op de arbeidsmarkt iets meer moeite hebben om een baan te vinden. Witjes: ,,Maar vacatures zijn er zat.”

Waar die vooral te vinden zijn, is in de zorg- en welzijnsector, detailhandel, specialistische zakelijke dienstverlening. De exportgerichte sectoren daarentegen zoals industrie en logistiek en transport kunnen wel wat tegenwind verwachten. ,,Het betekent niet dat chauffeurs massaal ontslagen worden, maar dat er misschien bij één bedrijf geen tien maar acht vacatures zijn.” 

Gure wind

Dat sluit aan bij het beeld dat CPB schetst in zijn juni-raming. De verwachting is dat de Nederlandse economie in 2019 en 2020 minder hard groeit door ‘gure wind’ uit het buitenland. De groei van de economie bedroeg vorig jaar nog 2,7 procent. Dit en komend jaar wordt een groeicijfer van respectievelijk 1,7 en 1,5 procent verwacht.

De tegenwind hangt samen met het Amerikaanse handelsbeleid. Het beleid van president Donald Trump zorgt volgens het CPB voor omvangrijke onzekerheid die het vertrouwen van bedrijven en consumenten aantast. De export vanuit Nederland loopt daardoor terug, met als gevolg dat bedrijven minder investeren.

Tegelijkertijd groeit het beschikbare inkomen van huishoudens, waardoor de consumptie blijft groeien. Ook de overheidsbestedingen blijven toenemen, doordat er meer wordt uitgegeven en er tegelijkertijd sprake is van lastenverlichting.

Koopkracht

De koopkracht komt dit jaar lager uit dan het CPB eerder nog verwachtte. In maart gingen de rekenmeesters nog uit van een koopkrachtstijging van 1,6 procent in 2019, inmiddels is dat cijfer bijgesteld naar 1,2 procent. Oorzaak is vooral dat de stijging van de lonen (2,5 procent gemiddeld) gelijke tred houdt met de stijging van de prijzen, waardoor er netto niet meer te besteden is.

Dat er in 2019 toch een koopkrachtplus is, komt volgens het CPB doordat directe belastingen zijn verlaagd en toeslagen zijn verhoogd. Volgend jaar is de inflatie lager en dragen de hogere salarissen wel bij aan een hogere koopkracht, die dan voor doorsnee Nederlanders met 1,4 procent stijgt.  

De overheid blijft intussen overschotten houden, al neemt de omvang wel af. Dat komt doordat de economie afkoelt, terwijl het kabinet de uitgaven verhoogt. Het begrotingsoverschot is naar verwachting 1,3 procent van het bbp in 2019 en 0,6 procent in 2020, tegen 1,5 procent in 2018.

  1. Kamerfractie VVD staat niet te springen om rijksgeld in nieuwe stadsbrug Rotterdam te steken

    Kamerfrac­tie VVD staat niet te springen om rijksgeld in nieuwe stadsbrug Rotterdam te steken

    De VVD-fractie in de Tweede Kamer vindt dat er niet zomaar 200 miljoen euro rijksgeld kan worden gestoken in een nieuwe stadsbrug in Rotterdam. Dat zegt VVD-Kamerlid Remco Dijkstra, woordvoerder mobiliteit, in een reactie op het akkoord dat de Metropoolregio Rotterdam/Den Haag, de provincie Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam vorige week hebben bereikt over de komst van een oeververbinding tussen Rotterdam-Kralingen en –Feijenoord.