Volledig scherm
Minister Ingrid van Engelshoven © ANP

Minister onderzoekt toekomst koloniale kunst

Het kabinet laat onderzoeken wat er moet gebeuren met de uit koloniën afkomstige kunst die het Rijk bezit. Een onafhankelijke commissie moet niet alleen uitzoeken wie de rechtmatige eigenaar is, maar bijvoorbeeld ook of de Nederlandse omgang met de koloniale kunst moreel door de beugel kan.

De discussie over de koloniale verzamelingen laait in binnen- en buitenland steeds verder op, schrijft minister Ingrid van Engelshoven (Cultuur) aan de Tweede Kamer. ‘De omgang met het Nederlandse koloniale verleden en de cultuuruitingen uit die tijd is een onderwerp dat vele mensen direct raakt.’

De belangrijkste Nederlandse musea die het aangaat zijn inmiddels ook in gesprek met de voormalige koloniën Indonesië en Sri Lanka. Ze willen samen onderzoeken of hun collecties roofkunst bevatten.

Herkomst

Van Engelshoven wil met de musea en andere betrokkenen afspreken hoe de herkomst van koloniale kunst moet worden onderzocht en hoe kunst kan worden teruggegeven. Ze vraagt de Raad voor Cultuur een commissie in te stellen die ‘de historische, juridische, internationale en morele aspecten van de koloniale collecties in kaart’ brengt. De minister verwacht in het najaar van 2020 verslag en kijkt dan wat haar te doen staat.

Het Rijksmuseum en het Nationaal Museum voor Wereldculturen, die samen met onderzoekers uit ex-koloniën een goede manier zoeken om de herkomst van koloniale kunst vast te stellen, kunnen op een bijdrage van de minister rekenen. Met hun bevindingen en die van landen als Frankrijk en Duitsland hoopt Van Engelshoven straks haar voordeel te doen.