Volledig scherm
Ferdinand Grapperhaus, minister van Justitie en Veiligheid. © ANP

Nederland vraagt geen uitlevering voor Fatima H., wél voor andere Syriëganger

Nederland zal slechts om uitlevering vragen van een van de twee vrouwelijke Syriëgangers die zich bij de Nederlandse ambassade in Turkije hebben gemeld. De Tilburgse Fatima H. (23), die eerder deze week haar Nederlandse staatsburgerschap verloor, komt daarvoor niet in aanmerking. Dat zegt minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid.

Het kabinet wacht nu eerst af of de Turkse autoriteiten beide vrouwen wil vervolgen. Als dat niet het geval is, zal Nederland om uitlevering van de vrouw vragen die de Nederlandse nationaliteit nog wel heeft. ,,Dat is staand beleid”, aldus de minister. ,,De andere vrouw is geen Nederlandse meer en voor haar is het meest waarschijnlijke dat we geen uitleveringsverzoek doen.”

Beide vrouwen kwamen samen met drie kinderen aan bij de ambassade in de Turkse hoofdstad Ankara. Ze kwamen uit het vluchtelingenkamp Al-Hol in het noorden van Syrië. Het welbevinden van de kinderen wordt goed in de gaten gehouden, aldus Grapperhaus.

2.000 euro gestuurd

De advocaat van Fatima H. verzocht vandaag in de rechtbank om haar wel naar Nederland te halen, om te getuigen in een rechtszaak tegen haar moeder. De Tilburgse moeder (53) en zus van Fatima H. stonden vandaag terecht in de Rotterdamse extra-beveiligde rechtszaal op verdenking van steun aan een terroristische organisatie en omzeilen van de tegen het IS-kalifaat ingestelde sanctiewet. Ze zouden in 2014 geld hebben overgemaakt naar Fatima H. toen zij in Syrië zat.

Uit het strafdossier zou onvoldoende blijken dat de nu 24-jarige vertrokken vrouw, die zich met twee in Syrië geboren kinderen van 2 en 3 jaar oud deze week bij de Nederlandse ambassade meldde, zich bij IS heeft aangesloten of zich in het kalifaat bevond.

De moeder van Marokkaanse komaf vertelde de rechter dat zij inderdaad geld heeft overgemaakt naar haar dochter. Volgens justitie stuurde de moeder in 2014 ruim 900 euro. De 36-jarige zus van de uitgereisde vrouw zou ruim 2.000 euro hebben gestuurd. ,,Ze was in Syrië en zei: ‘Mama, ik ben zwanger. Stuur alsjeblieft geld. Ik weet niet waar ze precies was of wat ze daar deed,’’ vertelde de moeder in de rechtszaal.

Justitie verzette zich tegen het horen van de vermeende ‘IS-moeder’. Door overmaking van het geld naar een tussenpersoon in Turkije, die later als IS-bankier werd genoemd, zouden de verdachten bewust het risico hebben genomen IS of een andere verboden jihadorganisatie te steunen. Belasting en overmaakkosten over het verstuurde bedrag kwamen bij IS terecht, stelt de aanklager.

Terughalen IS-kinderen

Het verzoek van Jeugdzorg Nederland om twee alleenstaande IS-kinderen uit Syrië terug te halen, wordt ondertussen bestudeerd door het kabinet. Dat zegt minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken. ,,Daar is nog geen conclusie over getrokken.”

Het gaat om een baby en een peuter met een Nederlandse vader uit Zuid-Holland. Zijn verblijfplaats is onbekend en de moeder zou zijn overleden. De rechtbank heeft eerder besloten om beide kinderen onder voorlopige voogdij van de Stichting Jeugdbescherming west te plaatsen.

Er zijn eerder Nederlandse IS-kinderen uit Syrië gehaald. In juni kwamen twee weeskinderen van een gestorven Nederlandse IS-strijder uit het noorden van Syrië terug. Een maand later volgde een 11-jarig meisje. Zij kwam terug door bemiddeling van het Rode Kruis.