Volledig scherm
Voorlichting van de overheid over hoe een geldige stem moet worden uitgebracht. © ROBIN UTRECHT

Opdraven voor een referendum, maar dat werd toch afgeschaft?

Vanmiddag debatteert de Tweede Kamer over de intrekkingswet waarmee D66-minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken het referendum definitief de nek omdraait. Tegenstanders vinden dat ze dat niet zomaar kan doen. Zij willen naar de rechter stappen om te voorkomen dat de volksraadpleging geruisloos verdwijnt.

1. Waarom wil het kabinet af van het raadgevend referendum?

Volgens Ollongren zorgt het raadgevend referendum voor 'verwarring'. Want we mogen ergens iets van vinden, maar vervolgens hoeft het kabinet niets met die mening te doen. De politieke kater na het Oekraïne-referendum in 2016 was flink. De kiezer zei 'nee' tegen het samenwerkingsverdrag met Oekraïne, maar toch kwam het er.

In het regeerakkoord staat dat het raadgevend referendum was bedoeld 'als opmaat naar een correctief bindend referendum'. Maar voor zo'n bindend referendum - waarbij de uitslag niet mag worden genegeerd - is volgens het kabinet géén politieke steun meer. Daarom kan het raadgevend referendum ook in de prullenbak.

2. Maar waarom zitten er dan toch nog nieuwe referenda in de pijplijn?

Zolang de referendumwet niet is ingetrokken, grijpen voorstanders van referenda hun kans. Tegelijkertijd met de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart mogen we ons uitspreken over de wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. En als het aan 50Plus ligt, gaan we later ook nog stemmen over afschaffing van de wet-Hillen. De partij heeft tot 8 maart om de benodigde 300.000 handtekeningen op te halen.

3. Hebben we nog iets te zeggen over afschaffing van het referendum?

Nee, zegt Ollongren. Ze wil dat er géén referendum komt over de afschaffing. Volgens de Raad van State staat de minister daarmee in haar recht. Maar daar is lang niet iedereen het mee eens. ,,Dit is in strijd met de huidige wet", zegt Wim Voermans, hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden. ,,In de wet staat nu een artikel dat voorschrijft dat er altijd een periode moet worden gegund waarin burgers een raadgevend referendum kunnen afdwingen. Dat gebeurt nu niet. Een rechter zou het kabinet op dat punt kunnen terugfluiten."

4. D66 was altijd voorstander van meer directe democratie. Waarom dan toch een streep door het referendum?

De partij was niet blij met de 'nee'-stem bij het Oekraïne-referendum. D66 - pro-Europa - is nog steeds voorstander van een bindend referendum, maar dan mag het niet over internationale verdragen gaan. Andere partijen in de coalitie willen helemaal geen referendum, dus laat D66 het er nu maar bij zitten.

5. Mogen we, als het aan deze regering ligt, nog wel over iets anders meepraten?

De gekozen burgemeester lijkt onder dit kabinet een stapje dichterbij te komen. D66 is bezig om de benoeming van burgemeesters en commissarissen van de koning uit de grondwet te halen. Als dat lukt, wordt het - over een aantal jaar - misschien mogelijk om zelf onze burgemeesters te kiezen. Toch nog wát meer directe democratie.

Volledig scherm
Het rode potlood zal nog een paar keer nodig zijn. © ANP