Volledig scherm
In de huiskamer van Laantje 7 in het Roosendaalse Sint Elisabeth, waar doorgaans zes bewoners thuis zijn. In het midden Janus van Doormaal, met rechts naast hem zijn favoriete 'zuster' Mariska Tempelaars. © peter van trijen/pix4profs

Ouderenzorg in de praktijk: meneer Van Doormaal hoor je niet klagen

ROOSENDAAL - Ze balen van dat zorgelijke imago. Alsof hun werk een straf zou zijn. ,,Terwijl hier iedere dag nog wordt gelachen."

Meneer Van Doormaal zit op de rand van zijn bed. Zijn ogen twinkelen als 'zuster' Mariska liefdevol zijn grijze haren de goede kant op legt en opgewekt tegen hem babbelt. ,,Lekker geslapen meneer Van Doormaal?" Mannen als meneer Van Doormaal vinden dat fijn, die aandacht van zo'n jong ding. Mariska Tempelaars is 49, hij 91. Maar dat geef je ze beiden niet.

'Nergens beter'

,,Ik kan het nergens beter hebben dan hier in het  Elisabeth", zegt Janus uit de grond van zijn boerenhart. En hij kan het weten. Sinds de Roosendaler aan de sukkel is na een herseninfarct, zijn vrouw verlamd raakte en vervolgens overleed, heeft de weduwnaar de Nederlandse zorgindustrie wel in de gaten.  Hospitalen in en uit, zware jaren revalidatiehuis overleefd en nu hier sinds anderhalf jaar in de verzorging, op zijn eigen kamertje tussen de familiefoto's. 

,,Op een gegeven moment moet je de knop omdraaien en je overgeven", zegt hij terwijl Mariska met de washand over zijn doorleefde snoet gaat. ,,Maar heus, het is hier fantastisch. Ze doen alles voor me."

Treurig

Verzorgende IG - 'zeg maar de vroegere ziekenzuster' - Mariska Tempelaars glimt onder blonde lokken. ,,Het is zo'n lieverd, meneer Van Doormaal." De Roosendaalse zit al dertig jaar in dit veelbesproken vak. Haar maken ze niks meer wijs. Als  Janus achter zijn rollator aan richting ontbijt in de huiskamer van Laantje 7 beent, moet haar iets van het hart.

,,Weet je wat mij na al die jaren nog steeds treurig maakt? Al die negatieve verhalen over onze zorg. Natuurlijk gaan er dingen mis, zelfs in Nederland. En het is misschien niet overal zo oké als hier in ons Sint Elisabeth. Dat weet ik. Maar de meeste collega's doen geweldig werk. En ik heb hier iedere dag plezier, ook al is het soms best zwaar."

,,Ons vak is veranderd. Sinds ze langer thuis blijven wonen, krijgen wij hier de mensen die meer mankeren dan vroeger. Maar de zorg is goed en als je daar op ingesteld bent, vind je tussendoor echt wel tijd voor persoonlijke aandacht."

,,Om voor deze mensen te mogen zorgen, om een glimlach aan het bed te zien, dat is een gift. Maar als ik dat vertel, kijken mensen mij aan alsof ik jok. Wij waren dit jaar op vakantie in Gran Canaria. Aan het zwembad vertelde iedereen iets over zijn of haar beroep. Toen ik aan de beurt was, klonk er gewoon medelijden. 'Aggut... de zorg..., wat erg voor je.' Moest ik gaan verdedigen dat ik zo'n mooi beroep heb! Het beeld dat de buitenwereld heeft, is verkeerd.  Dat schrikt af, terwijl wij juist zo'n moeite hebben om nieuwe collega's te vinden. Ik vind dat vreselijk."

(lees verder onder de foto)

Volledig scherm
Jacqueline Klerkx heeft als 49-jarige haar roeping gevonden op Laantje 6 van Sint Elisabeth, waar ze werkt met dementerende ouderen. © peter van trijen/pix4profs

Gewoon gelukkig
Het Sociaal en Cultureel Planbureau kwam onlangs tot de conclusie dat in tegenstelling tot de publieke opinie het gros van de verpleeghuisbewoners zelf gewoon gelukkig is. 85 procent is tevreden over de geboden zorg, de eigen kamer en zelfs het eten.
Waar het vooral aan mankeert, zei bijna helft van de ondervraagde bewoners in dit onderzoek, is dat het personeel nogal haast heeft. Ze geven hun leven een ruime 7, maar zouden graag meer persoonlijk aandacht hebben.

Op Laantje 6  tikken de breipennen van mevrouw Punt. Ze is in haar  eigen hoekje bij het raam in haar element, kun je zien. Het wordt een blauwgrijze sjaal. Voor de  enorme pluchen kermishond. Die zit even verderop in de huiskamer. Even later geeft zij het op. Als Jacqueline Klerkx vraagt waarom, reageert mevrouw Punt scherp: ,,Welke hond? Je denkt toch niet dat ik voor een hond ga breien!" Om vervolgens  haar aandacht te richten op haar boterham met appelstroop. 

Appelstroop

Daar op Laantje 6 wordt veel appelstroop gegeten. En soep, mensen met een oud geheugen zijn dol op soep. ,,Al willen ze die bij het ontbijt, dan kan dat", lacht Jacqueline (49) minzaam. ,,Als ze graag pannenkoeken willen, bakken we die hier op de afdeling en komt er geen eten uit  de restaurantkeuken. Als daar blij van worden, doen we dat." 

Tot voor kort was Jacqueline vrijwilligster in het woonzorgcentrum. Daar knapte ze stevig van op nadat ze een jaar lang thuis met een burnout op de bank had gelegen. ,,Ik had negen jaar een eigen bedrijfje, verkocht sportartikelen. Maar dat was te gestresst. Dit ligt mij beter, voor deze mensen zorgen."

Arbeidscontract

De Roosendaalse heeft nu een vast arbeidscontract voor 24 uur en gaat drie jaar lang één dag in de week naar school om diverse diploma's voor verzorgende te halen. ,,Want bij deze mensen ligt mijn hart."

Zoals de hoogbejaarde non die onrustig over de afgesloten afdeling struint en driftig op ramen slaat. Jacqueline neemt haar op de gang bij de arm. ,,Ze heeft vroeger in het onderwijs gezeten. Soms vraag ik haar zogenaamd huiswerk na te kijken en dan gaat ze daar helemaal in op. Wordt ze rustig en zegt dat ik toch echt wat aan mijn handschrift moet doen." 

Kuiltje jus

Een kuiltje jus, een placemat met boerenbont-motief, een stoel richting die prachtige boom, even de deur uit met de man die zijn hele leven buiten heeft gewerkt: het zijn los van de vele vormen van dagbesteding juist die kleine dingen waar deze dementerenden van Laantje 6 zo gelukkig mee kunnen zijn.  

,,We móeten tijd voor persoonlijke aandacht maken", bezweert Jacqueline, ,,omdat dát de kwaliteit zo bepaalt.  Zorg bestaat niet alleen uit protocollen die meetbaar zijn. Zorg moet juist voelbaar zijn."

Zorgklooster
Sint Elisabeth aan de Wouwseweg in Roosendaal ontstond al in 1927, als zorgklooster. Er leven nog steeds zestig zusters Franciscanessen, verspreid over het gebouw. Behalve het verpleeghuis met kleine woongroepen, zijn er ook zorgappartementen en aanleunwoningen.
Sint Elisabeth telt zo'n 200 bewoners, van fit tot zwaar dementerend. Ze worden verzorgd door ongeveer 200 professionals en ruim 150 vrijwilligers. Het centrum werkt met een jaarbegroting van 10 miljoen euro.

  1. Doorgaande route Oudenbosch terug gegeven aan 'minder verkeer'

    Doorgaande route Oudenbosch terug gegeven aan 'minder verkeer'

    OUDENBOSCH - Voor de buitenstaander wellicht een doorsnee opknapbeurt voor een weg, voor de gemiddelde Oudenbosschenaar een historisch moment. Vrijdagmiddag legden de stratenmakers van de Gebroeders Oomen uit Sprundel de laatste hand aan de doorgaande route door het centrum van Oudenbosch. Althans, zo goed als. Het winterse weer eerder deze week leverde in extremis toch nog vertraging op. Mano Oomen verwacht medio volgende week echt klaar te zijn.